Onderwijs

Civiel schrapt labs en leerstoelen

Meer gesponsorde leerstoelen, minder laboratoria en flexplekken. Met een ingrijpend plan moet civiele techniek weer een financieel gezonde faculteit worden.

Zonder ingrijpen heeft de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen dit jaar een verlies van zeven miljoen euro. In 2010 kan dit verlies oplopen tot 7,7 miljoen euro en in 2011 zelfs tot acht miljoen.
Daarom is volgens decaan Louis de Quelerij een ombuiging nodig van minimaal acht miljoen euro. In zijn vernieuwingsplan staan drastische maatregelen op het gebied van onderwijs, onderzoek en huisvesting.
Zo moet het onderwijs efficiënter worden en aansluiten op wat ‘de maatschappij’ van civiel verwacht. Om voor ogen te krijgen wat onderwijs kost, moet iedereen in de faculteit tijdschrijven. Verder moeten afdelingen meer samenwerken op de hoofdthema’s deltatechnologie, infrastructuur, watertechnologie, transport en geo-engineering.
Civiel wil een aantal leerstoelen opheffen tenzij de sector bereid is die te sponsoren. Het gaat bij deze sponsorleerstoelen om tijdelijke staf met benoemingen van minimaal vier of vijf jaar.
Nu heeft civiel 3 tot 4 fulltime eenheden (fte) sponsorleerstoelen, dat moeten er 10,5 fte worden. Indien een leerstoel ontbreekt, moet civiel het onderwijs elders inkopen. Het curriculum is leidend, omdat civiel dat aan studenten verplicht is.
Daarnaast komen er 24,8 fte ‘kernleerstoelen’ die absoluut nodig zijn voor het in stand houden van opleiding en onderzoek. Deze leerstoelen hebben een vaste bezetting van voltijders gefinancierd uit overheidsgeld. Uiteindelijk wil De Quelerij naar 35,3 fte leerstoelen, terwijl er nu 41,1 fte zijn (inclusief 6 fte aan vacatures) verdeeld over 65 leerstoelen.
De nu herziene bachelors en masters blijven gehandhaafd, maar De Quelerij wil het curriculum regelmatig herzien. De directeur onderwijs krijgt een zwaardere rol. Beloning in het onderwijs gebeurt meer op basis van prestatie. Het overheidsgeld wordt intern verdeeld op basis van aantal studiepunten maal aantal geslaagde studenten.
Onderzoekers moeten het voortaan doen met de helft van de nu aanwezige laboratoriumruimte. Het bouwlab (Stevin II) wordt tot veertig procent gereduceerd. Het waterlab (Stevin III) wordt gehalveerd. Een optie is Stevin III af te stoten en het waterlab onder te brengen bij de nieuwbouw van Technische Natuurwetenschappen (watertechnologie) en bij Deltares (vloeistofmechanica). Het wegenbouwlab moet meer samenwerken met TNO en Rijkswaterstaat.
De faculteit zal een strikt onderscheid maken tussen laboratoria voor verplichte bachelor- en masterpractica (betaald met overheidsgeld) en onderzoek (betaald met geld uit het bedrijfsleven).
De Quelerij denkt 1,2 miljoen euro te kunnen besparen met efficiëntere huisvesting. Medewerkers krijgen minder vierkante meters of flexplekken. De bovenste verdieping van het pand moet vrijkomen voor verhuur. De kantine verhuist naar een centralere plek en een optie is de faculteitsbibliotheek op te heffen.
Eerder verklaarde De Quelerij gedwongen ontslagen niet uit te sluiten. Hoeveel medewerkers dat zijn, is nog niet bekend, maar het zou om tientallen fte gaan. De plannen zijn woensdag 1 april gepresenteerd aan medewerkers.

Stelling uit het proefschrift van dr.ir. Julien Spronck (Technische Natuurwetenschappen): ‘De veronderstelling dat de gebruiker fout zit is een efficiënte manier om een softwareprobleem op te lossen.’ (Illustratie: Auke Herrema)

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.