Campus

Depri in Delft

Afstudeerangst, verdriet om een verloren familielid, of een constant gevoel van minderwaardigheid. De menselijke psyche kan het studeren soms behoorlijk bemoeilijken.

Gelukkig zijn psychische problemen tegenwoordig bespreekbaar. Wat heeft Delft te bieden aan de student met een dipje?

Het afstuderen loopt al enkele maanden. Maar de motivatie ontbreekt. Een zeurende hoofdpijn. Geen concentratie. De televisie of het internet wekken de interesse, niet de scriptie. Toch maar even aan het werk? Ach, morgen is er weer een dag.

Jaarlijks klopt twee à drie procent van de Delftse studenten aan bij het Studentenadviesbureau (Stad) voor psychische hulp. Toch al gauw driehonderd studenten. Landelijk gezien niet opzienbarend, maar de twee studentenpsychologen van de TU hebben er een dagtaak aan.

De oorzaken van de psychische problemen zijn talrijk, meent drs. Paula Meesters, ruim zes jaar studentenpsycholoog bij Stad. Veel problemen die zij constateert zijn studiegerelateerd, zoals studiestress of het uitstellen van het afstuderen. Andere klachten hebben een externe oorzaak, zoals bijvoorbeeld het verlies van een naaste. Maar er komen ook studenten die moeite hebben om vrienden te maken en zich eenzaam voelen.

Meesters: ,,De studententijd is de levensfase dat je je identiteit ontwikkelt – ook je seksuele identiteit – en je je losmaakt van het ouderlijk huis. Mensen vragen zich af wie ze zijn, wat ze willen bereiken. En er is natuurlijk de grote overgang tussen de middelbare school, waar veel geregeld is, en de universiteit, waar je op je eigen benen moet staan.” De problemen kunnen leiden tot angsten en somberheid of depressiviteit.

Opvallend aan de Delftse cijfers is het relatief grote aantal vrouwen dat hulp zoekt. Volgens Meesters komt dit omdat vrouwen makkelijker een dergelijke stap durven nemen. Ook studenten bouwkunde en industrieel ontwerpen zijn relatief ruim vertegenwoordigd.

,,Dat is een ander type persoonlijkheid dan bijvoorbeeld een scheikundestudent,” meent Meesters. Haar collega drs. Carolyn Levisson vult aan: ,,De aard van de studie is anders. Ontwerpende studenten vereenzelvigen zich eerder met wat ze maken. Ze worden persoonlijk meer bij hun werk betrokken. Een onvoldoende voor hun werk kunnen ze beschouwen als een onvoldoende voor hen als persoon.”

Zelfrespect

Bij Stad kan iedere student tijdens een open spreekuur binnenlopen voor een gesprek. Meesters: ,,We hebben gemerkt dat een open spreekuur heel drempelverlagend werkt. Als je de behoefte voelt om met een psycholoog te praten, kun je dezelfde week nog terecht. Bij andere instanties moet je vaak een paar weken wachten.”

Tijdens het spreekuur en een vervolggesprek bekijken de psychologen of moet worden doorverwezen of dat behandeling bij Stad zelf mogelijk is. Dit kan een individuele behandeling zijn of een groepstraining. De individuele behandeling bij de studentenpsychologen van Stad is kort: gemiddeld vijf gesprekken.

,,Vooral in studieproblemen hebben wij veel expertise”, aldus Meesters. Heeft een student meer aandacht nodig, of is de specifieke expertise niet aanwezig, dan wordt doorverwezen naar andere instanties.

Ernst Hupkes (24) liep aanzienlijke studievertraging op. De vijfdejaars student industrieel ontwerpen werd vroeger op school gepest. Hij had weinig vrienden. De stap naar Delft was groot. Na verloop van tijd voelde hij zich in zijn huis niet thuis en tot overmaat van ramp rolde hij in een pyramidespel. ,,Ik ging gigantisch op mijn bek. Het beetje zelfrespect dat ik nog had, verdween toen helemaal.” Meer dan een jaar studeerde Hupkes nauwelijks.

Af en toe voerde hij over zijn problemen gesprekken met een kennis van zijn ouders. ,,Maar ik pakte het niet structureel aan”, zegt Hupkes nu. Toen hij dacht dat zijn problemen voorbij waren, klopte bij de studieadviseur aan, voor extra studietijd vanwege de verloren maanden. Hij werd doorgestuurd naar Stad. De socialevaardigheidstraining die hem daar tijdens een gesprek met eenstudentenpsycholoog werd aangeraden, bood wel de structurele aanpak, die hij zocht. Overigens kreeg hij ook 14 maanden extra studietijd.

Rollenspelen

Tijdens de socialevaardigheidstraining stelt de cursist zichzelf werkdoelen en werkpunten. De werkpunten zijn kleine stappen om uiteindelijk het werkdoel te verwezenlijken. Hupkes: ,,Je wilt op de eerste verdieping komen en daarvoor gebruik je de treden. In een keer is immers veel moeilijker dan stapsgewijs.”

Hupkes stelde zichzelf ten doel om relaxter te zijn in de omgang met vreemden. ,,Mijn werkpunten waren bijvoorbeeld het stellen van een collegevraag en het niet meer uitstellen van lastige telefoontjes die ik moest plegen. Ook ben ik in deze periode de confrontatie aangegaan met mijn huisgenoten, met wie ik in de clinch lag.”

Op de training worden ook rollenspelen gespeeld. Tijdens de bijeenkomsten dragen de cursisten zelf situaties aan, waarin ze het moeilijk hebben. Deze worden in de groep nagespeeld. Achteraf kunnen de deelnemers elkaar kritiek en advies geven. ,,Je wordt in een veilige omgeving kritisch bekeken”, zegt Hupkes.

Als groot voordeel van de training noemt Hupkes het contact met lotgenoten. ,,Bij de eerste training zag ik de deelnemers zitten. Ik dacht meteen: die mensen kunnen zich toch nooit zo waardeloos voelen als ik. Die hebben toch geen problemen.” Met sommigen van hen heeft Hupkes nog steeds contact.

Inmiddels is Hupkes zelf een van de begeleiders bij de wekelijkse socialevaardigheidstraining. ,,Het is belangrijk dat je als deelnemer iemand voor je ziet, die zelf ook problemen heeft gehad. Dat maakt het laagdrempeliger. En bovendien kunnen wij bij het zoeken naar voorbeelden uit eigen ervaring putten.”

Vanzelfsprekend biedt de training geen gegarandeerde oplossing. Hupkes: ,,Na de training ben je natuurlijk niet meteen van je problemen af. Maar je krijgt wel concrete middelen aangereikt om er wat aan te doen.”

De studentpsychologen geven ook andere cursussen: constructief denken bijvoorbeeld, en emotionele assertiviteit. En binnenkort begint psycholoog Meesters met een nieuwe cursus om zelf depressiviteit te overwinnen. ,,Ik heb de cursus al vaker gegeven, maar er is een nieuwe versie in ontwikkeling, die studenten uit het wetenschappelijk en hbo-onderwijs als doelgroep heeft.”

Hei

Vaak is het de studieadviseur die studenten doorverwijst naar de studentpsychologen. ,,Logisch”, meent dr.ir. Rob Diependaal, studieadviseur bij de faculteit ITS. ,,Een studieadviseur moet niet op de stoel van de psycholoog gaan zitten. Je moet geen dingen doen waar een psycholoog beter in is.”

Waar de grens ligt is volgens hem vaak moeilijk te bepalen. ,,Sommige collega’s verwijzen door als een probleem maar een beetje neigt naar een psychisch probleem. Ik ben daar wat genuanceerder in. Een probleem als faalangst heeft wel met de psyche te maken, maar er is niet altijd een psycholoog bij nodig.”

De studieadviseurs en psychologen werken nauw samen. Enkele jaren terug was er forse kritiek op die samenwerking, zowel van het cvb als van de studenten. Dat leidde tot de oprichting van een ‘beroepsgroep’, waarin decanen, psychologen en studieadviseurs met elkaar overleggen. En de procedures, bijvoorbeeld voor het doorverwijzen van studenten, zijn geformaliseerd. Ook organiseerde de beroepsgroep congressen op de hei om de vaardigheden van de TU-hulpverleners bij te schaven. Vooral interessant voor de studieadviseurs. Diependaal: ,,Het vak van studieadviseur bestaat niet. Er is geen opleiding voor. Ik ben wiskundige, anderen zijn psycholoog, pedagoog, socioloog. En allemaal moeten we dezelfde functie vervullen.”

Toch verschilt de rol van de studieadviseur nog steeds per faculteit. De kans dat een studieadviseur een probleem bij een student constateert is niet overal even groot. Volgens Diependaal komt dit onder meer door de onderbezetting op sommige faculteiten. Volgens de TU-maatstaven moet een studieadviseur zich ontfermen over achthonderd tot duizend studenten. ,,Maar bij Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniekzit één iemand voor ongeveer 1500 man. Het is logisch dat daar minder intensief begeleid wordt.”

Pastoraat

Zelf volgt Diependaal vooral zijn eerste- en tweedejaars studenten nauwgezet. Alle eerstejaars worden opgeroepen voor een gesprek. ,,In het tweede jaar worden alleen studenten bij wie we iets raars concluderen uitgenodigd. Bijvoorbeeld iemand die in het eerste jaar alles gehaald heeft, maar nu niets meer presteert.”

Voormalig student industrieel ontwerpen Olaf Verheij (23) verloor anderhalf jaar geleden zijn vader. Tijdens een vakantie verongelukte hij. ,,Ik had het idee dat ik iets met het overlijden moest doen. Door mijn bestuursfunctie bij de studentenvakbond VSSD was ik druk bezig en nam ik weinig tijd om het te verwerken.”

Bij het Studentenpastoraat volgde Verheij de cursus ‘omgaan met verlies’. Verheij: ,,De cursus bood een rustmoment; ik werd gedwongen erover na te denken.” In vijf avonden reikt een pastor handvatten aan om met emoties om te gaan bij het overlijden van een dierbare. Daarbij leren de cursisten elkaar eerst kennen en vertellen hun eigen verhaal. Daarover wordt uitgebreid gesproken.

Verheij is positief over de cursus. ,,Tegelijkertijd ben je er heel persoonlijk mee bezig, en je kijkt er van een afstand naar. Je leert hoe lotgenoten met verlies omgaan en wat gebruikelijk is in andere culturen. En het relativeert. Je leert inzien dat de dood onderdeel is van het bestaan. Nu denk ik veel meer na over wat belangrijk is in het leven. Je moet dingen niet uitstellen; je moet nu leven, want het kan ieder moment afgelopen zijn. Voor je het weet ben je zelf aan de beurt.”

Muziek

Naast ‘omgaan met verlies’ biedt het Studentenpastoraat ook de cursus ‘leren mediteren’ aan. Die cursus is volgens pastor Trudie van Ginkel bedoeld om mensen te leren ontspannen en te concentreren. ,,Voor veel mensen is het moeilijk om rust te vinden. Ze weten niet wat ze willen met hun leven. Er zijn zoveel mogelijkheden, maar voordat ze alle mogelijkheden hebben overwogen zijn ze het spoor al bijster.”

Voor studenten geldt dit volgens haar nog sterker. ,,Er is grote studiedruk. Toch hebben veel studenten een baantje naast de studie. Dat maakt hun leven verknipt. Even dit doen, even dat doen. Dat komt de concentratie niet ten goede. Niet iedereen kan daar even goed mee omgaan.”

In een van de oefeningen poogt Van Ginkel de cursist bewust te maken van zijn lichaam. ,,Ik laat de mensen de ruimte waarin zij zich bevinden in zich opnemen. Ze concentreren zich op de geluiden die ze horen, ze voelen de grond waarop ze zitten. Dat zorgt ervoor dat mensen echt daar zijn met hun gedachten, en niet bij het tentamen of bij de ruzie met een huisgenoot.”

Eenvoudig is dat echter niet. ,,Er zijn een heleboel methodes voor mediteren. Ik behandel onder meer yoga en zen. Iedereen heeft een eigen ingang: de een wil graag muziek erbij, een ander prefereert stilte. Sommigen vinden het prettig om fysiek bezig te zijn, anderen doen het liefst helemaal niets. Je moet de goede snaar bij iemand weten te raken.”

Extra studiemaanden voor psychisch leed

Een student die door problemen studievertraging oploopt, heeft in veel gevallen recht op financiële steun. De TU heeft hiervoor een apart fonds, het Fonds Financiële Ondersteuning Studenten, waaruit ook de bestuursbeurzen worden gefinancierd.

Om in aanmerking te komen voor een vergoeding moeten studenten een aanvraag indienen bij het college van bestuur. Als de universiteit accepteert dat de vertraging door overmacht is ontstaan, heeft de student recht op een beurs nadat de studiefinanciering is afgelopen. Dit stond vroeger bekend als’auditorenmaanden’.

Studentendecaan mr. Eugène van der Heijden adviseert de Centrale Commissie Financiële Ondersteuning Studenten (CCFO), die namens het cvb de aanvragen afhandelt. ,,Bij psychische problemen kijken we naar de bijzondere omstandigheden die zich hebben voorgedaan en de vertraging die de student heeft opgelopen. Daarbij zijn de student zelf, de studieadviseur en de studentenpsycholoog betrokken.”

De hoeveelheid extra studietijd die wordt toegekend varieert aanzienlijk: van enkele maanden tot – zo schat Van der Heijden – 26 à 28 maanden.

De virtuele psycholoog

De stap naar de sofa van een levende psycholoog is nog te groot? Het internet biedt uitkomst. De Universiteit Leiden biedt sinds drie jaar psychische hulp aan de surfende student in nood. Voor diverse problemen biedt de website een helpende hand: tien tips ter voorkoming van uitstelgedrag, adviezen voor het voeren van een goed gesprek of het doen van een mondeling tentamen. Per maand maken inmiddels duizend mensen gebruik van de site.

Volgens de Leidse studentenpsycholoog drs. Rob Topman is het een waardevolle aanvulling op de andere diensten van een psycholoog. ,,Veel routinewerk wordt vervangen door het internet.” Topman laat studenten die onderdelen van de site doornemen die voor hen interessant zijn, en bespreekt dit later met hen.

,,Bovendien is het een manier om te zien wat voor volk wij psychologen zijn. Ten onrechte wordt vaak gedacht dat een psycholoog heel zweverig en diepzinnig is. Op de site kun je zien dat we juist heel praktisch werken. Kijk maar naar de concrete tips die we op de site geven.” Het adres van de Leidse psychologensite: www.leidenuniv.nl/host/stupsy . .

Afstudeerangst, verdriet om een verloren familielid, of een constant gevoel van minderwaardigheid. De menselijke psyche kan het studeren soms behoorlijk bemoeilijken. Gelukkig zijn psychische problemen tegenwoordig bespreekbaar. Wat heeft Delft te bieden aan de student met een dipje?

Het afstuderen loopt al enkele maanden. Maar de motivatie ontbreekt. Een zeurende hoofdpijn. Geen concentratie. De televisie of het internet wekken de interesse, niet de scriptie. Toch maar even aan het werk? Ach, morgen is er weer een dag.

Jaarlijks klopt twee à drie procent van de Delftse studenten aan bij het Studentenadviesbureau (Stad) voor psychische hulp. Toch al gauw driehonderd studenten. Landelijk gezien niet opzienbarend, maar de twee studentenpsychologen van de TU hebben er een dagtaak aan.

De oorzaken van de psychische problemen zijn talrijk, meent drs. Paula Meesters, ruim zes jaar studentenpsycholoog bij Stad. Veel problemen die zij constateert zijn studiegerelateerd, zoals studiestress of het uitstellen van het afstuderen. Andere klachten hebben een externe oorzaak, zoals bijvoorbeeld het verlies van een naaste. Maar er komen ook studenten die moeite hebben om vrienden te maken en zich eenzaam voelen.

Meesters: ,,De studententijd is de levensfase dat je je identiteit ontwikkelt – ook je seksuele identiteit – en je je losmaakt van het ouderlijk huis. Mensen vragen zich af wie ze zijn, wat ze willen bereiken. En er is natuurlijk de grote overgang tussen de middelbare school, waar veel geregeld is, en de universiteit, waar je op je eigen benen moet staan.” De problemen kunnen leiden tot angsten en somberheid of depressiviteit.

Opvallend aan de Delftse cijfers is het relatief grote aantal vrouwen dat hulp zoekt. Volgens Meesters komt dit omdat vrouwen makkelijker een dergelijke stap durven nemen. Ook studenten bouwkunde en industrieel ontwerpen zijn relatief ruim vertegenwoordigd.

,,Dat is een ander type persoonlijkheid dan bijvoorbeeld een scheikundestudent,” meent Meesters. Haar collega drs. Carolyn Levisson vult aan: ,,De aard van de studie is anders. Ontwerpende studenten vereenzelvigen zich eerder met wat ze maken. Ze worden persoonlijk meer bij hun werk betrokken. Een onvoldoende voor hun werk kunnen ze beschouwen als een onvoldoende voor hen als persoon.”

Zelfrespect

Bij Stad kan iedere student tijdens een open spreekuur binnenlopen voor een gesprek. Meesters: ,,We hebben gemerkt dat een open spreekuur heel drempelverlagend werkt. Als je de behoefte voelt om met een psycholoog te praten, kun je dezelfde week nog terecht. Bij andere instanties moet je vaak een paar weken wachten.”

Tijdens het spreekuur en een vervolggesprek bekijken de psychologen of moet worden doorverwezen of dat behandeling bij Stad zelf mogelijk is. Dit kan een individuele behandeling zijn of een groepstraining. De individuele behandeling bij de studentenpsychologen van Stad is kort: gemiddeld vijf gesprekken.

,,Vooral in studieproblemen hebben wij veel expertise”, aldus Meesters. Heeft een student meer aandacht nodig, of is de specifieke expertise niet aanwezig, dan wordt doorverwezen naar andere instanties.

Ernst Hupkes (24) liep aanzienlijke studievertraging op. De vijfdejaars student industrieel ontwerpen werd vroeger op school gepest. Hij had weinig vrienden. De stap naar Delft was groot. Na verloop van tijd voelde hij zich in zijn huis niet thuis en tot overmaat van ramp rolde hij in een pyramidespel. ,,Ik ging gigantisch op mijn bek. Het beetje zelfrespect dat ik nog had, verdween toen helemaal.” Meer dan een jaar studeerde Hupkes nauwelijks.

Af en toe voerde hij over zijn problemen gesprekken met een kennis van zijn ouders. ,,Maar ik pakte het niet structureel aan”, zegt Hupkes nu. Toen hij dacht dat zijn problemen voorbij waren, klopte bij de studieadviseur aan, voor extra studietijd vanwege de verloren maanden. Hij werd doorgestuurd naar Stad. De socialevaardigheidstraining die hem daar tijdens een gesprek met eenstudentenpsycholoog werd aangeraden, bood wel de structurele aanpak, die hij zocht. Overigens kreeg hij ook 14 maanden extra studietijd.

Rollenspelen

Tijdens de socialevaardigheidstraining stelt de cursist zichzelf werkdoelen en werkpunten. De werkpunten zijn kleine stappen om uiteindelijk het werkdoel te verwezenlijken. Hupkes: ,,Je wilt op de eerste verdieping komen en daarvoor gebruik je de treden. In een keer is immers veel moeilijker dan stapsgewijs.”

Hupkes stelde zichzelf ten doel om relaxter te zijn in de omgang met vreemden. ,,Mijn werkpunten waren bijvoorbeeld het stellen van een collegevraag en het niet meer uitstellen van lastige telefoontjes die ik moest plegen. Ook ben ik in deze periode de confrontatie aangegaan met mijn huisgenoten, met wie ik in de clinch lag.”

Op de training worden ook rollenspelen gespeeld. Tijdens de bijeenkomsten dragen de cursisten zelf situaties aan, waarin ze het moeilijk hebben. Deze worden in de groep nagespeeld. Achteraf kunnen de deelnemers elkaar kritiek en advies geven. ,,Je wordt in een veilige omgeving kritisch bekeken”, zegt Hupkes.

Als groot voordeel van de training noemt Hupkes het contact met lotgenoten. ,,Bij de eerste training zag ik de deelnemers zitten. Ik dacht meteen: die mensen kunnen zich toch nooit zo waardeloos voelen als ik. Die hebben toch geen problemen.” Met sommigen van hen heeft Hupkes nog steeds contact.

Inmiddels is Hupkes zelf een van de begeleiders bij de wekelijkse socialevaardigheidstraining. ,,Het is belangrijk dat je als deelnemer iemand voor je ziet, die zelf ook problemen heeft gehad. Dat maakt het laagdrempeliger. En bovendien kunnen wij bij het zoeken naar voorbeelden uit eigen ervaring putten.”

Vanzelfsprekend biedt de training geen gegarandeerde oplossing. Hupkes: ,,Na de training ben je natuurlijk niet meteen van je problemen af. Maar je krijgt wel concrete middelen aangereikt om er wat aan te doen.”

De studentpsychologen geven ook andere cursussen: constructief denken bijvoorbeeld, en emotionele assertiviteit. En binnenkort begint psycholoog Meesters met een nieuwe cursus om zelf depressiviteit te overwinnen. ,,Ik heb de cursus al vaker gegeven, maar er is een nieuwe versie in ontwikkeling, die studenten uit het wetenschappelijk en hbo-onderwijs als doelgroep heeft.”

Hei

Vaak is het de studieadviseur die studenten doorverwijst naar de studentpsychologen. ,,Logisch”, meent dr.ir. Rob Diependaal, studieadviseur bij de faculteit ITS. ,,Een studieadviseur moet niet op de stoel van de psycholoog gaan zitten. Je moet geen dingen doen waar een psycholoog beter in is.”

Waar de grens ligt is volgens hem vaak moeilijk te bepalen. ,,Sommige collega’s verwijzen door als een probleem maar een beetje neigt naar een psychisch probleem. Ik ben daar wat genuanceerder in. Een probleem als faalangst heeft wel met de psyche te maken, maar er is niet altijd een psycholoog bij nodig.”

De studieadviseurs en psychologen werken nauw samen. Enkele jaren terug was er forse kritiek op die samenwerking, zowel van het cvb als van de studenten. Dat leidde tot de oprichting van een ‘beroepsgroep’, waarin decanen, psychologen en studieadviseurs met elkaar overleggen. En de procedures, bijvoorbeeld voor het doorverwijzen van studenten, zijn geformaliseerd. Ook organiseerde de beroepsgroep congressen op de hei om de vaardigheden van de TU-hulpverleners bij te schaven. Vooral interessant voor de studieadviseurs. Diependaal: ,,Het vak van studieadviseur bestaat niet. Er is geen opleiding voor. Ik ben wiskundige, anderen zijn psycholoog, pedagoog, socioloog. En allemaal moeten we dezelfde functie vervullen.”

Toch verschilt de rol van de studieadviseur nog steeds per faculteit. De kans dat een studieadviseur een probleem bij een student constateert is niet overal even groot. Volgens Diependaal komt dit onder meer door de onderbezetting op sommige faculteiten. Volgens de TU-maatstaven moet een studieadviseur zich ontfermen over achthonderd tot duizend studenten. ,,Maar bij Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniekzit één iemand voor ongeveer 1500 man. Het is logisch dat daar minder intensief begeleid wordt.”

Pastoraat

Zelf volgt Diependaal vooral zijn eerste- en tweedejaars studenten nauwgezet. Alle eerstejaars worden opgeroepen voor een gesprek. ,,In het tweede jaar worden alleen studenten bij wie we iets raars concluderen uitgenodigd. Bijvoorbeeld iemand die in het eerste jaar alles gehaald heeft, maar nu niets meer presteert.”

Voormalig student industrieel ontwerpen Olaf Verheij (23) verloor anderhalf jaar geleden zijn vader. Tijdens een vakantie verongelukte hij. ,,Ik had het idee dat ik iets met het overlijden moest doen. Door mijn bestuursfunctie bij de studentenvakbond VSSD was ik druk bezig en nam ik weinig tijd om het te verwerken.”

Bij het Studentenpastoraat volgde Verheij de cursus ‘omgaan met verlies’. Verheij: ,,De cursus bood een rustmoment; ik werd gedwongen erover na te denken.” In vijf avonden reikt een pastor handvatten aan om met emoties om te gaan bij het overlijden van een dierbare. Daarbij leren de cursisten elkaar eerst kennen en vertellen hun eigen verhaal. Daarover wordt uitgebreid gesproken.

Verheij is positief over de cursus. ,,Tegelijkertijd ben je er heel persoonlijk mee bezig, en je kijkt er van een afstand naar. Je leert hoe lotgenoten met verlies omgaan en wat gebruikelijk is in andere culturen. En het relativeert. Je leert inzien dat de dood onderdeel is van het bestaan. Nu denk ik veel meer na over wat belangrijk is in het leven. Je moet dingen niet uitstellen; je moet nu leven, want het kan ieder moment afgelopen zijn. Voor je het weet ben je zelf aan de beurt.”

Muziek

Naast ‘omgaan met verlies’ biedt het Studentenpastoraat ook de cursus ‘leren mediteren’ aan. Die cursus is volgens pastor Trudie van Ginkel bedoeld om mensen te leren ontspannen en te concentreren. ,,Voor veel mensen is het moeilijk om rust te vinden. Ze weten niet wat ze willen met hun leven. Er zijn zoveel mogelijkheden, maar voordat ze alle mogelijkheden hebben overwogen zijn ze het spoor al bijster.”

Voor studenten geldt dit volgens haar nog sterker. ,,Er is grote studiedruk. Toch hebben veel studenten een baantje naast de studie. Dat maakt hun leven verknipt. Even dit doen, even dat doen. Dat komt de concentratie niet ten goede. Niet iedereen kan daar even goed mee omgaan.”

In een van de oefeningen poogt Van Ginkel de cursist bewust te maken van zijn lichaam. ,,Ik laat de mensen de ruimte waarin zij zich bevinden in zich opnemen. Ze concentreren zich op de geluiden die ze horen, ze voelen de grond waarop ze zitten. Dat zorgt ervoor dat mensen echt daar zijn met hun gedachten, en niet bij het tentamen of bij de ruzie met een huisgenoot.”

Eenvoudig is dat echter niet. ,,Er zijn een heleboel methodes voor mediteren. Ik behandel onder meer yoga en zen. Iedereen heeft een eigen ingang: de een wil graag muziek erbij, een ander prefereert stilte. Sommigen vinden het prettig om fysiek bezig te zijn, anderen doen het liefst helemaal niets. Je moet de goede snaar bij iemand weten te raken.”

Extra studiemaanden voor psychisch leed

Een student die door problemen studievertraging oploopt, heeft in veel gevallen recht op financiële steun. De TU heeft hiervoor een apart fonds, het Fonds Financiële Ondersteuning Studenten, waaruit ook de bestuursbeurzen worden gefinancierd.

Om in aanmerking te komen voor een vergoeding moeten studenten een aanvraag indienen bij het college van bestuur. Als de universiteit accepteert dat de vertraging door overmacht is ontstaan, heeft de student recht op een beurs nadat de studiefinanciering is afgelopen. Dit stond vroeger bekend als’auditorenmaanden’.

Studentendecaan mr. Eugène van der Heijden adviseert de Centrale Commissie Financiële Ondersteuning Studenten (CCFO), die namens het cvb de aanvragen afhandelt. ,,Bij psychische problemen kijken we naar de bijzondere omstandigheden die zich hebben voorgedaan en de vertraging die de student heeft opgelopen. Daarbij zijn de student zelf, de studieadviseur en de studentenpsycholoog betrokken.”

De hoeveelheid extra studietijd die wordt toegekend varieert aanzienlijk: van enkele maanden tot – zo schat Van der Heijden – 26 à 28 maanden.

De virtuele psycholoog

De stap naar de sofa van een levende psycholoog is nog te groot? Het internet biedt uitkomst. De Universiteit Leiden biedt sinds drie jaar psychische hulp aan de surfende student in nood. Voor diverse problemen biedt de website een helpende hand: tien tips ter voorkoming van uitstelgedrag, adviezen voor het voeren van een goed gesprek of het doen van een mondeling tentamen. Per maand maken inmiddels duizend mensen gebruik van de site.

Volgens de Leidse studentenpsycholoog drs. Rob Topman is het een waardevolle aanvulling op de andere diensten van een psycholoog. ,,Veel routinewerk wordt vervangen door het internet.” Topman laat studenten die onderdelen van de site doornemen die voor hen interessant zijn, en bespreekt dit later met hen.

,,Bovendien is het een manier om te zien wat voor volk wij psychologen zijn. Ten onrechte wordt vaak gedacht dat een psycholoog heel zweverig en diepzinnig is. Op de site kun je zien dat we juist heel praktisch werken. Kijk maar naar de concrete tips die we op de site geven.” Het adres van de Leidse psychologensite: www.leidenuniv.nl/host/stupsy . .

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.