Campus

Wie zoeken we?

Een nieuw college moet meer inspireren en communiceren. En het is ook wel weer eens tijd voor een vrouw in het college. Inspirerend, koersvast, communicatief sterk en interactief in plaats van dirigerend.

Dat zouden de eigenschappen van de nieuwe collegeleden moeten zijn volgens materiaalkundige prof.dr.ir. Sybrand van der Zwaag.

En het nieuwe college moet haar beleid niet meer te eenzijdig op image building richten, meent TU-bibliothecaris dr. Leo Waaijers. ,,Een nieuw college moet niet alleen maar kijken of we goed scoren, maar vooral ook haar eigen mensen inspireren. Meer aandacht geven aan wat er op de universiteit zelf gebeurt.”

,,De nieuwe voorzitter moet een strateeg en een bestuurder zijn. Of die persoon van binnen of buiten de universiteit komt is niet belangrijk”, stelt prof.dr. Gijs Kuenen. ,,Kies vooral een voorzitter die wil voorzitten”, vult prof.dr.ir. Johan Blaauwendraad aan. ,,Iemand die daar zijn voldoening uit haalt. Een voorzitter moet respect hebben voor het wetenschappelijke bedrijf en beseffen dat daar een specifieke deskundigheid voor nodig is.” Als het aan Blaauwendraad lag, zelf oud-rector, werd de rector weer het boegbeeld van de universiteit.

Kuenen: ,,De andere leden moeten ervaren universitaire managers zijn die goed beseffen welke factoren het beleid in een universitaire organisatie bepalen. De collegeleden waren het nu vaak niet met elkaar eens, waardoor de kennis van de rector en de vice-president research over de universitaire gemeenschap niet altijd voldoende tot zijn recht kwam.”

Een nieuw college moet op persoonlijk vlak beter samenwerken. ,,Dat het college in een keer weggaat geeft de raad van toezicht de gouden kans om een echt team neer te zetten”, meent voormalig ondernemingsraadlid ir. Bert van Zomeren. En tot slot: ,,Er mag wel weer eens een vrouw in het college”, vindt Waaijers.

Inspirerend, koersvast, communicatief sterk en interactief in plaats van dirigerend. Dat zouden de eigenschappen van de nieuwe collegeleden moeten zijn volgens materiaalkundige prof.dr.ir. Sybrand van der Zwaag.

En het nieuwe college moet haar beleid niet meer te eenzijdig op image building richten, meent TU-bibliothecaris dr. Leo Waaijers. ,,Een nieuw college moet niet alleen maar kijken of we goed scoren, maar vooral ook haar eigen mensen inspireren. Meer aandacht geven aan wat er op de universiteit zelf gebeurt.”

,,De nieuwe voorzitter moet een strateeg en een bestuurder zijn. Of die persoon van binnen of buiten de universiteit komt is niet belangrijk”, stelt prof.dr. Gijs Kuenen. ,,Kies vooral een voorzitter die wil voorzitten”, vult prof.dr.ir. Johan Blaauwendraad aan. ,,Iemand die daar zijn voldoening uit haalt. Een voorzitter moet respect hebben voor het wetenschappelijke bedrijf en beseffen dat daar een specifieke deskundigheid voor nodig is.” Als het aan Blaauwendraad lag, zelf oud-rector, werd de rector weer het boegbeeld van de universiteit.

Kuenen: ,,De andere leden moeten ervaren universitaire managers zijn die goed beseffen welke factoren het beleid in een universitaire organisatie bepalen. De collegeleden waren het nu vaak niet met elkaar eens, waardoor de kennis van de rector en de vice-president research over de universitaire gemeenschap niet altijd voldoende tot zijn recht kwam.”

Een nieuw college moet op persoonlijk vlak beter samenwerken. ,,Dat het college in een keer weggaat geeft de raad van toezicht de gouden kans om een echt team neer te zetten”, meent voormalig ondernemingsraadlid ir. Bert van Zomeren. En tot slot: ,,Er mag wel weer eens een vrouw in het college”, vindt Waaijers.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.