Onderwijs

Visitatie informatica valt vergeten docent bij

De TU moet zijn zittende informaticadocenten niet zo verwaarlozen, vindt een visitatiecommissie, die pas alle Nederlandse informatica-opleidingen tegen het licht hield.

/strong>

Vooral de organisatie van de Delftse informaticaopleiding laat wat de beoordelingscommissie betreft veel te wensen over. Op geen andere informaticaopleiding zijn er per student zo weinig docenten. En terwijl de opleiding de laatste jaren honderden studenten trekt, krijgen de Delftse informatici naar verhouding weinig geld. Bovendien snapt de commissie niet goed waarom de informaticaopleiding is ondergebracht in de faculteit Informatietechnologie en Systemen, en vindt de commissie dat er te weinig communicatie is tussen de verschillende bestuurslagen.

De kritiek op de onderwijsorganisatie is een van de redenen waarom de visitatiecommissie de Delftse informaticastudie een gemiddeld rapportcijfer van slechts 6,6 gunt. Wrang genoeg bevinden de beste informaticaopleidingen zich uitgerekend aan de andere technische universiteiten: Eindhoven krijgt een 7,8; Twente zelfs een 7,9. Leiden, Groningen en Amsterdam bungelen met Delft onderaan; Utrecht en Nijmegen gooien met een rapportcijfer van respectievelijk 7,4 en 7 opvallend hoge ogen.

Niet dat het alleen maar kommer en kwel is in Delft. Op het onderdeel buitenlandstages scoort de Delftse informaticaopleiding een negen % de beste beoordeling van het land. Delft trekt veel studenten, heeft vorig jaar een uitstekende start gemaakt met de invoering van het bachelor-master-onderwijs en onderhoudt prima contacten met het bedrijfsleven, vindt de commissie.

Daar staat wél tegenover dat de opleiding moet waken voor zijn academisch niveau. Delftse informatica-alumni zijn eerder vaardige ontwerpers dan handige onderzoekers, constateert de visitatie. Scherpe kritiek heeft de commissie op het personeelsbeleid, dat ‘niet sterk ontwikkeld’ zou zijn. De TU stort zich zo fanatiek op het aantrekken van nieuwe docenten, dat het zittend personeel in de kou blijft staan. Oudere docenten worden bijvoorbeeld nauwelijks bijgeschoold. ,,Er kan niet geaccepteerd worden dat een deel van het personeel impliciet als ‘afgeschreven’ wordt beschouwd”, schrijft de commissie.

De TU moet zijn zittende informaticadocenten niet zo verwaarlozen, vindt een visitatiecommissie, die pas alle Nederlandse informatica-opleidingen tegen het licht hield.

Vooral de organisatie van de Delftse informaticaopleiding laat wat de beoordelingscommissie betreft veel te wensen over. Op geen andere informaticaopleiding zijn er per student zo weinig docenten. En terwijl de opleiding de laatste jaren honderden studenten trekt, krijgen de Delftse informatici naar verhouding weinig geld. Bovendien snapt de commissie niet goed waarom de informaticaopleiding is ondergebracht in de faculteit Informatietechnologie en Systemen, en vindt de commissie dat er te weinig communicatie is tussen de verschillende bestuurslagen.

De kritiek op de onderwijsorganisatie is een van de redenen waarom de visitatiecommissie de Delftse informaticastudie een gemiddeld rapportcijfer van slechts 6,6 gunt. Wrang genoeg bevinden de beste informaticaopleidingen zich uitgerekend aan de andere technische universiteiten: Eindhoven krijgt een 7,8; Twente zelfs een 7,9. Leiden, Groningen en Amsterdam bungelen met Delft onderaan; Utrecht en Nijmegen gooien met een rapportcijfer van respectievelijk 7,4 en 7 opvallend hoge ogen.

Niet dat het alleen maar kommer en kwel is in Delft. Op het onderdeel buitenlandstages scoort de Delftse informaticaopleiding een negen % de beste beoordeling van het land. Delft trekt veel studenten, heeft vorig jaar een uitstekende start gemaakt met de invoering van het bachelor-master-onderwijs en onderhoudt prima contacten met het bedrijfsleven, vindt de commissie.

Daar staat wél tegenover dat de opleiding moet waken voor zijn academisch niveau. Delftse informatica-alumni zijn eerder vaardige ontwerpers dan handige onderzoekers, constateert de visitatie. Scherpe kritiek heeft de commissie op het personeelsbeleid, dat ‘niet sterk ontwikkeld’ zou zijn. De TU stort zich zo fanatiek op het aantrekken van nieuwe docenten, dat het zittend personeel in de kou blijft staan. Oudere docenten worden bijvoorbeeld nauwelijks bijgeschoold. ,,Er kan niet geaccepteerd worden dat een deel van het personeel impliciet als ‘afgeschreven’ wordt beschouwd”, schrijft de commissie.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.