Onderwijs

Nieuwe stralingsbron voor na het dotteren

Kransslagaderen groeien vaak weer dicht na het dotteren. Door ze van binnenuit te bestralen met een bètabron blijven ze wel open.Per jaar krijgen wereldwijd meer dan een miljoen mensen een dotterbehandeling om dichtgeslibde kransslagaderen, die het hart van bloed moeten voorzien, weer te openen.

Nadeel van deze behandeling is dat binnen een halfjaar meer dan twintig procent van de vaten opnieuw verstopt raakt, doordat het lichaam als reactie op de beschadigingen aan het behandelde vat littekenweefsel aanmaakt (restenose).

Sinds de jaren negentig is bekend dat restenose wordt voorkomen door het bloedvat na de dotterbehandeling lokaal te bestralen. Ir. Dennis Schaart, werkzaam bij Nucletron BV in Veenendaal, onderzocht tijdens zijn promotieonderzoek in samenwerking met het IRI de mogelijkheden om een hiervoor geschikte stralingsbron te ontwikkelen.

Nadat de patiënt is gedotterd plaatst de cardioloog via een katheter een gesloten bètabron enkele minuten lang in het vat. ,,Eenvoudig gezegd kan men zich de bron voorstellen als een radioactief draadje. Hoewel dit draadje zeer flexibel en slechts enkele tienden van een millimeter dik is, is het zo ontworpen dat het radioactieve materiaal volledig is ingekapseld. Er blijft dus geen radioactiviteit in de patiënt achter”, zegt Schaart.

De onderzoeker ontwikkelde enkele prototypen. Daarbij onderzocht hij welke radionucliden het best in de bron gebruikt kunnen worden. Daarnaast bepaalde hij nauwkeurig de ruimtelijke verdeling van de stralingsdosis rondom de bron. ,,De straling wordt volledig in de vaatwand geabsorbeerd zodat de stralingsbelasting voor de patiënt verwaarloosbaar klein is.”

Het lokaal bestralen van vaatwanden wordt al toegepast ter voorkoming van restenose. ,,De prototypen waaraan ik gewerkt heb, zijn mogelijke opvolgers van de huidige systemen. Het is op dit moment nog niet te voorspellen of en wanneer deze daadwerkelijk worden gebruikt. De concurrentie is erg groot. Zo wordt er op dit moment ook hard gewerkt aan een soort buisje (stent) dat wordt geïmplanteerd en lokaal medicijnen afgeeft om het vat open te houden”, aldus Schaart.

Kransslagaderen groeien vaak weer dicht na het dotteren. Door ze van binnenuit te bestralen met een bètabron blijven ze wel open.

Per jaar krijgen wereldwijd meer dan een miljoen mensen een dotterbehandeling om dichtgeslibde kransslagaderen, die het hart van bloed moeten voorzien, weer te openen. Nadeel van deze behandeling is dat binnen een halfjaar meer dan twintig procent van de vaten opnieuw verstopt raakt, doordat het lichaam als reactie op de beschadigingen aan het behandelde vat littekenweefsel aanmaakt (restenose).

Sinds de jaren negentig is bekend dat restenose wordt voorkomen door het bloedvat na de dotterbehandeling lokaal te bestralen. Ir. Dennis Schaart, werkzaam bij Nucletron BV in Veenendaal, onderzocht tijdens zijn promotieonderzoek in samenwerking met het IRI de mogelijkheden om een hiervoor geschikte stralingsbron te ontwikkelen.

Nadat de patiënt is gedotterd plaatst de cardioloog via een katheter een gesloten bètabron enkele minuten lang in het vat. ,,Eenvoudig gezegd kan men zich de bron voorstellen als een radioactief draadje. Hoewel dit draadje zeer flexibel en slechts enkele tienden van een millimeter dik is, is het zo ontworpen dat het radioactieve materiaal volledig is ingekapseld. Er blijft dus geen radioactiviteit in de patiënt achter”, zegt Schaart.

De onderzoeker ontwikkelde enkele prototypen. Daarbij onderzocht hij welke radionucliden het best in de bron gebruikt kunnen worden. Daarnaast bepaalde hij nauwkeurig de ruimtelijke verdeling van de stralingsdosis rondom de bron. ,,De straling wordt volledig in de vaatwand geabsorbeerd zodat de stralingsbelasting voor de patiënt verwaarloosbaar klein is.”

Het lokaal bestralen van vaatwanden wordt al toegepast ter voorkoming van restenose. ,,De prototypen waaraan ik gewerkt heb, zijn mogelijke opvolgers van de huidige systemen. Het is op dit moment nog niet te voorspellen of en wanneer deze daadwerkelijk worden gebruikt. De concurrentie is erg groot. Zo wordt er op dit moment ook hard gewerkt aan een soort buisje (stent) dat wordt geïmplanteerd en lokaal medicijnen afgeeft om het vat open te houden”, aldus Schaart.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.