De regels zijn keihard. Is minder dan driekwart van de leden ingeschreven als TU-student, dan kan de studentenvereniging fluiten naar financiële ondersteuning van de TU.
De getroffen verenigingen % de Koornbeurs en De Bolk – vertrouwen erop dat er wat te regelen is. ,,Het is voor een vereniging triest om in één klap beroofd te worden van alle financiële steun.”
Vroeger was het simpel: je had drie grote studentenverenigingen – het corps, Virgiel en de Bond – en die kregen het meeste geld van de TU voor bestuursbeurzen. Eerlijk verdeeld? Nou nee. In de loop der jaren veranderde het ledental van verenigingen nogal. Zo kwam de Delftsche Studenten Bond (DSB) in een soort vrije val terecht, terwijl Virgiel en Jansbrug flink groeiden.
Ook de verenigingen zelf vonden de verdeling niet juist. Bovendien wilden ze liever zelf bepalen hoe ze de beurzen onder hun leden verdeelden. Daarom nam de TU twee jaar geleden de Regeling financiële ondersteuning studenten (Rfos) opnieuw onder de loep. Dat gebeurde in overleg met verenigingenraad Vera, de overkoepelende organisatie van studentenverenigingen, en de SVR, de koepel van de studieverenigingen.
De TU steekt veel geld in de Rfos. Volgens de wet is de universiteit verplicht studenten steun te geven die, als gevolg van bijzondere omstandigheden, studievertraging oplopen. Dat kan zijn door familieomstandigheden of ziekte, door onderwijskundige overmacht en door bestuursfuncties in studentenverenigingen, studieverenigingen of sportverenigingen. ,,Verreweg het meeste Rfos-geld gaat op aan bestuursactiviteiten”, zegt John Stals van de centrale studentenadministratie, die namens de TU de regeling uitvoert. Jaarlijks is dit een bedrag van ruim een miljoen euro.
De TU verdeelt dit geld met ingang van komend studiejaar volgens nieuwe regels. Bij studieverenigingen is het aantal studenten per opleiding bepalend voor het aantal garantiemaanden. Bij een studentenvereniging is het ledental bepalend voor de steun. Een studentenvereniging krijgt geen geld meer als minder dan 75 procent van de leden ingeschreven staat als TU-student. In beide gevallen is er een bodemtoekenning om kleine verenigingen een minimumondersteuning te garanderen.
Garantiemaanden
Het begrip bestuursbeurs bestaat niet meer. In plaats daarvan krijgt een student ‘garantiemaanden’. Bij een bestuursbeurs werd de studiefinanciering stopgezet en kreeg de student geld van de TU. In het nieuwe systeem loopt de studiefinanciering door. De student krijgt pas aan het eind van de periode van studiefinanciering recht op (maximaal twaalf maanden) financiële ondersteuning, de zogeheten garantiemaanden. Omdat zijn studiefinanciering doorloopt, behoudt de student zijn OV-kaart en zijn recht op een goedkope ziektekostenverzekering. Het standaardbedrag van een garantiemaandis hetzelfde als een maand studiefinanciering. Elk jaar stelt het college van bestuur het aantal garantiemaanden voor het komende studiejaar vast.
De verenigingen zijn vorige week per brief geïnformeerd over de verdeling van de gelden. Met de verenigingen die niet aan de bepalingen voldoen, overlegt de TU binnenkort over een eventuele overgangsregeling. ,,Voor 1 oktober willen we weten wie welke functie gaat doen”, zegt Stals. Hoeveel garantiemaanden per functie gelden, mogen de studenten zelf bepalen. ,,Daar hebben ze jaren om gezeurd.”
Gevolgen
Accountant Sander Zuidgeest controleerde vorige maand namens Ernst & Young de ledentallen van de Delftse studentenverenigingen. De TU wil dat dit jaarlijks gaat gebeuren. Zuidgeest vond het een leuke opdracht. ,,Het is geen werk wat wij dagelijks doen. We zijn overal goed ontvangen, de verenigingen waren absoluut bereidwillig om mee te werken. Ook waren ze erg nieuwsgierig naar wat wij wilden weten.”
Ingeborg Brouwer, dit jaar Vera-voorzitter, regelde de accountant. Ze vindt het goed dat de verenigingen gecontroleerd zijn. ,,Het was ooit zo dat de vier grootste verenigingen automatisch de meeste beurzen kregen, terwijl dat niet werd gecontroleerd. Nu is de verdeling een stuk eerlijker.”
Voor een aantal verenigingen heeft het bezoek van de accountant verstrekkende gevolgen. De Koornbeurs en de Bolk dreigen hun garantiemaanden kwijt te raken vanwege de 75-procentsregeling, de DSB gaat vanwege het gedaalde ledental fors achteruit in garantiemaanden. Wat de gevolgen zijn voor Wolbodo, de vreemde eend in de bijt van de Delftse verenigingen, is nog onduidelijk. Wolbodo is geen lid van de Vera en het aantal leden is nog niet geteld.
Volgens Rutger de Graaf, president van de DSB, heeft de hertelling voor het dagelijks bestuur geen gevolgen, maar wel voor een aantal commissies. ,,We zijn er natuurlijk niet blij mee, maar het heeft wel tot gevolg dat we nu goed aan het nadenken zijn over hoe we in het nieuwe onderwijsstelsel het commissiewerk beter kunnen combineren met de studie.”
Vertrouwen
De toekenning van garantiemaanden aan studentenvereniging De Bolk is opgeschort. Bolk-voorzitter Anneke van de Langkruis denkt echter dat er met de TU wat te regelen valt. ,,Ik heb er vertrouwen in dat het goed komt.” De Bolk (148 leden) kent sinds anderhalf jaar twee soorten leden: binnen- en buitenleden. Een binnenlid verricht maandelijks een taak, terwijl buitenleden % afgestudeerden of studenten aan een andere universiteit % dat niet doen. Iemand die bijvoorbeeld last heeft van rsi krijgt ook de status van buitenlid.
,,Als je de buitenleden eraf haalt, houden we ongeveer honderd leden over. De grap is dat we dan wel voldoen aan de 75-procentsnorm”, aldus Van de Langkruis. ,,Mijn voorstel is om over die honderd leden garantiemaanden te geven.” Ze verwacht deze week hierover te gaan praten met Stals.
Koornbeurs-voorzitter Prins vindt dat zijn vereniging recht heeft op een toelage, ondanks dat er maar dertig procent TU-studenten lidzijn. ,,Het is moeilijk om een groot aantal verenigingen langs dezelfde meetlat te leggen. De Koornbeurs heeft een open karakter en past niet in het straatje van het corps of Virgiel. Je moet het per geval bekijken.” Maar wat als de garantiemaanden van de Koornbeurs inderdaad in gevaar komen? ,,Ik vind het te vroeg om deze conclusie te trekken. Ze hebben gevraagd om de accountantsverklaring en die heb ik opgestuurd. De TU heeft nog niets tegen ons gezegd. Ik wacht nog even af.”
John Stals van de centrale studentenadministratie gaat met de verenigingen praten over de ins en outs. ,,Hoe warm is de band van de rest van de leden met de TU? Zijn dat afgestudeerden, of studenten die een jaar niet ingeschreven staan op de TU?” Hij houdt de mogelijkheid open om water bij de wijn te doen. ,,Misschien kan de Koornbeurs als open vereniging subsidie van de gemeente krijgen”, oppert hij. ,,Het is een harde stap om de regels keihard te volgen. Het is voor een vereniging triest om in één klap beroofd te worden van alle financiële steun.”
De regels zijn keihard. Is minder dan driekwart van de leden ingeschreven als TU-student, dan kan de studentenvereniging fluiten naar financiële ondersteuning van de TU. De getroffen verenigingen % de Koornbeurs en De Bolk – vertrouwen erop dat er wat te regelen is. ,,Het is voor een vereniging triest om in één klap beroofd te worden van alle financiële steun.”
Vroeger was het simpel: je had drie grote studentenverenigingen – het corps, Virgiel en de Bond – en die kregen het meeste geld van de TU voor bestuursbeurzen. Eerlijk verdeeld? Nou nee. In de loop der jaren veranderde het ledental van verenigingen nogal. Zo kwam de Delftsche Studenten Bond (DSB) in een soort vrije val terecht, terwijl Virgiel en Jansbrug flink groeiden.
Ook de verenigingen zelf vonden de verdeling niet juist. Bovendien wilden ze liever zelf bepalen hoe ze de beurzen onder hun leden verdeelden. Daarom nam de TU twee jaar geleden de Regeling financiële ondersteuning studenten (Rfos) opnieuw onder de loep. Dat gebeurde in overleg met verenigingenraad Vera, de overkoepelende organisatie van studentenverenigingen, en de SVR, de koepel van de studieverenigingen.
De TU steekt veel geld in de Rfos. Volgens de wet is de universiteit verplicht studenten steun te geven die, als gevolg van bijzondere omstandigheden, studievertraging oplopen. Dat kan zijn door familieomstandigheden of ziekte, door onderwijskundige overmacht en door bestuursfuncties in studentenverenigingen, studieverenigingen of sportverenigingen. ,,Verreweg het meeste Rfos-geld gaat op aan bestuursactiviteiten”, zegt John Stals van de centrale studentenadministratie, die namens de TU de regeling uitvoert. Jaarlijks is dit een bedrag van ruim een miljoen euro.
De TU verdeelt dit geld met ingang van komend studiejaar volgens nieuwe regels. Bij studieverenigingen is het aantal studenten per opleiding bepalend voor het aantal garantiemaanden. Bij een studentenvereniging is het ledental bepalend voor de steun. Een studentenvereniging krijgt geen geld meer als minder dan 75 procent van de leden ingeschreven staat als TU-student. In beide gevallen is er een bodemtoekenning om kleine verenigingen een minimumondersteuning te garanderen.
Garantiemaanden
Het begrip bestuursbeurs bestaat niet meer. In plaats daarvan krijgt een student ‘garantiemaanden’. Bij een bestuursbeurs werd de studiefinanciering stopgezet en kreeg de student geld van de TU. In het nieuwe systeem loopt de studiefinanciering door. De student krijgt pas aan het eind van de periode van studiefinanciering recht op (maximaal twaalf maanden) financiële ondersteuning, de zogeheten garantiemaanden. Omdat zijn studiefinanciering doorloopt, behoudt de student zijn OV-kaart en zijn recht op een goedkope ziektekostenverzekering. Het standaardbedrag van een garantiemaandis hetzelfde als een maand studiefinanciering. Elk jaar stelt het college van bestuur het aantal garantiemaanden voor het komende studiejaar vast.
De verenigingen zijn vorige week per brief geïnformeerd over de verdeling van de gelden. Met de verenigingen die niet aan de bepalingen voldoen, overlegt de TU binnenkort over een eventuele overgangsregeling. ,,Voor 1 oktober willen we weten wie welke functie gaat doen”, zegt Stals. Hoeveel garantiemaanden per functie gelden, mogen de studenten zelf bepalen. ,,Daar hebben ze jaren om gezeurd.”
Gevolgen
Accountant Sander Zuidgeest controleerde vorige maand namens Ernst & Young de ledentallen van de Delftse studentenverenigingen. De TU wil dat dit jaarlijks gaat gebeuren. Zuidgeest vond het een leuke opdracht. ,,Het is geen werk wat wij dagelijks doen. We zijn overal goed ontvangen, de verenigingen waren absoluut bereidwillig om mee te werken. Ook waren ze erg nieuwsgierig naar wat wij wilden weten.”
Ingeborg Brouwer, dit jaar Vera-voorzitter, regelde de accountant. Ze vindt het goed dat de verenigingen gecontroleerd zijn. ,,Het was ooit zo dat de vier grootste verenigingen automatisch de meeste beurzen kregen, terwijl dat niet werd gecontroleerd. Nu is de verdeling een stuk eerlijker.”
Voor een aantal verenigingen heeft het bezoek van de accountant verstrekkende gevolgen. De Koornbeurs en de Bolk dreigen hun garantiemaanden kwijt te raken vanwege de 75-procentsregeling, de DSB gaat vanwege het gedaalde ledental fors achteruit in garantiemaanden. Wat de gevolgen zijn voor Wolbodo, de vreemde eend in de bijt van de Delftse verenigingen, is nog onduidelijk. Wolbodo is geen lid van de Vera en het aantal leden is nog niet geteld.
Volgens Rutger de Graaf, president van de DSB, heeft de hertelling voor het dagelijks bestuur geen gevolgen, maar wel voor een aantal commissies. ,,We zijn er natuurlijk niet blij mee, maar het heeft wel tot gevolg dat we nu goed aan het nadenken zijn over hoe we in het nieuwe onderwijsstelsel het commissiewerk beter kunnen combineren met de studie.”
Vertrouwen
De toekenning van garantiemaanden aan studentenvereniging De Bolk is opgeschort. Bolk-voorzitter Anneke van de Langkruis denkt echter dat er met de TU wat te regelen valt. ,,Ik heb er vertrouwen in dat het goed komt.” De Bolk (148 leden) kent sinds anderhalf jaar twee soorten leden: binnen- en buitenleden. Een binnenlid verricht maandelijks een taak, terwijl buitenleden % afgestudeerden of studenten aan een andere universiteit % dat niet doen. Iemand die bijvoorbeeld last heeft van rsi krijgt ook de status van buitenlid.
,,Als je de buitenleden eraf haalt, houden we ongeveer honderd leden over. De grap is dat we dan wel voldoen aan de 75-procentsnorm”, aldus Van de Langkruis. ,,Mijn voorstel is om over die honderd leden garantiemaanden te geven.” Ze verwacht deze week hierover te gaan praten met Stals.
Koornbeurs-voorzitter Prins vindt dat zijn vereniging recht heeft op een toelage, ondanks dat er maar dertig procent TU-studenten lidzijn. ,,Het is moeilijk om een groot aantal verenigingen langs dezelfde meetlat te leggen. De Koornbeurs heeft een open karakter en past niet in het straatje van het corps of Virgiel. Je moet het per geval bekijken.” Maar wat als de garantiemaanden van de Koornbeurs inderdaad in gevaar komen? ,,Ik vind het te vroeg om deze conclusie te trekken. Ze hebben gevraagd om de accountantsverklaring en die heb ik opgestuurd. De TU heeft nog niets tegen ons gezegd. Ik wacht nog even af.”
John Stals van de centrale studentenadministratie gaat met de verenigingen praten over de ins en outs. ,,Hoe warm is de band van de rest van de leden met de TU? Zijn dat afgestudeerden, of studenten die een jaar niet ingeschreven staan op de TU?” Hij houdt de mogelijkheid open om water bij de wijn te doen. ,,Misschien kan de Koornbeurs als open vereniging subsidie van de gemeente krijgen”, oppert hij. ,,Het is een harde stap om de regels keihard te volgen. Het is voor een vereniging triest om in één klap beroofd te worden van alle financiële steun.”
Comments are closed.