Onderwijs

Nederlands onderzoek moet minder maar beter

Universiteiten moeten elkaar niet beconcurreren, maar samen ‘portefeuillekeuzes’ maken.Dat is de boodschap van de nieuwe collegevoorzitter drs.

Hans van Luijk bij de dies natalis van de TU Delft, vorige week vrijdag in de Aula. De TU Delft mag dan derde in de wereld zijn waar het gaat om wetenschappelijke invloed, in andere opzichten is ze een kleinere speler. Het Massachusetts Institute of Technology (MIT) bijvoorbeeld heeft ruim drie maal zo veel te besteden, en minder studenten. Delft heeft niet eens voldoende geld om de bestaande voorzieningen te onderhouden, laat staan dat er plaats is voor vernieuwende investeringen. ,,Gepaste bescheidenheid en realiteitszin zijn hier op zijn plaats”, aldus Van Luijk.

De financiële perikelen zijn niet uniek voor Delft maar kenmerken het hele Nederlandse onderzoek en onderwijs. De problemen zullen ook nog wel even blijven. Immers: in Nederland is noch overheid, noch bedrijfsleven erg scheutig met geld voor wetenschap.

Is daarmee pessimisme troef? Nee, is het antwoord van Van Luijk. De bescheiden mogelijkheden hebben ook een gunstige kant: ze dwingen de universiteiten te kiezen voor de gebieden waarin ze werkelijk goed zijn. De Nederlandse wetenschap moet het Delftse voorbeeld volgen en ‘portefeuillekeuzes’ maken. ‘Minder maar beter’ is volgens Van Luijk het motto voor de komende tijd

Universiteiten moeten elkaar niet beconcurreren, maar samen ‘portefeuillekeuzes’ maken.

Dat is de boodschap van de nieuwe collegevoorzitter drs. Hans van Luijk bij de dies natalis van de TU Delft, vorige week vrijdag in de Aula. De TU Delft mag dan derde in de wereld zijn waar het gaat om wetenschappelijke invloed, in andere opzichten is ze een kleinere speler. Het Massachusetts Institute of Technology (MIT) bijvoorbeeld heeft ruim drie maal zo veel te besteden, en minder studenten. Delft heeft niet eens voldoende geld om de bestaande voorzieningen te onderhouden, laat staan dat er plaats is voor vernieuwende investeringen. ,,Gepaste bescheidenheid en realiteitszin zijn hier op zijn plaats”, aldus Van Luijk.

De financiële perikelen zijn niet uniek voor Delft maar kenmerken het hele Nederlandse onderzoek en onderwijs. De problemen zullen ook nog wel even blijven. Immers: in Nederland is noch overheid, noch bedrijfsleven erg scheutig met geld voor wetenschap.

Is daarmee pessimisme troef? Nee, is het antwoord van Van Luijk. De bescheiden mogelijkheden hebben ook een gunstige kant: ze dwingen de universiteiten te kiezen voor de gebieden waarin ze werkelijk goed zijn. De Nederlandse wetenschap moet het Delftse voorbeeld volgen en ‘portefeuillekeuzes’ maken. ‘Minder maar beter’ is volgens Van Luijk het motto voor de komende tijd

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.