Education

Wensen docent niet meer leidend bij roosteren

Meer avondtentamens, avondcolleges, splitsing van grote groepen studenten en het verbeteren van de inzetbaarheid van docenten. Met deze maatregelen hoopt de TU Delft de toegenomen studentenaantallen op korte termijn het hoofd te bieden.

Steeds meer studenten, dus steeds meer vraag naar grote collegezalen. Het is een lastig probleem waar de roosteraars van de TU mee kampen. Dit jaar hebben vijf faculteiten eerstejaars groepen van meer dan 350 studenten. Eén faculteit heeft ook een tweedejaars groep van een dergelijke omvang. En dat terwijl er op de hele campus maar vier zalen zijn die zoveel capaciteit hebben. Dat vraagt om snelle oplossingen.

Studenten en docenten hebben vorige week allemaal een brief ontvangen waarin bovengenoemde maatregelen staan toegelicht. De meeste gaan direct in. Zoals dat meer colleges geroosterd zullen worden in de onder
studenten en docenten impopulaire uren. Dat zijn het eerste en het tweede en het zevende en het achtste uur. Docenten konden tot nu toe aangeven dat zij deze uren liever geen onderwijs gaven. De universiteit vindt nu dat docenten op alle uren die zij voor de TU werken, roosterbaar moeten zijn. Het is niet meer mogelijk ‘om met ieders persoonlijke wensen rekening te houden’, schrijft het college van bestuur (cvb) in de brief.

Volgens wiskundedocent Cor Kraaikamp, tevens lid van de ondernemingsraad, spelen niet zozeer persoonlijke wensen van de docent een rol bij het mijden van vooral het zevende en het achtste uur. “Studenten hebben er hun aandacht niet bij na een hele dag studeren. Dat geldt natuurlijk ook ’s avonds. Ik heb jarenlang avondcolleges gegeven en je ziet mensen wegdommelen.”
Het invoeren van avondcolleges zal sowieso heel wat voeten in aarde hebben, denkt Kraaikamp. “Je moet docenten vinden die ’s avonds willen werken. Voor jonge mensen met kinderen is dat vervelend en lastig, de crèche is immers ook dicht.”

De avondcolleges, die het cvb pas komend studiejaar wil invoeren, kunnen ook niet op enthousiasme van de studenten rekenen. De studentenraad (sr) is niet meer zo fel tegen als een aantal jaren terug, maar vindt nu vooral dat het geen structurele oplossing voor het zalentekort is.
De sr denkt dat de oplossing wel zit in nieuwe onderwijsvormen en het gebruik van ict. Ook vinden studenten dat de universiteit moet bekijken of ze alle bestaande hoorcolleges wil behouden. Een werkgroep waarin ook de sr vertegenwoordigd zal zijn, komt dit collegejaar nog met aanbevelingen op deze punten.

Over het gebruik van ict kan docent Kraaikamp nog niet uit ervaring spreken. “Ik ga binnenkort aan videoconferencing doen. Ik geef dan college in de ene zaal en in de andere zaal staat een scherm. Studenten die in de laatste zaal zitten, kunnen via iemand anders vragen aan mij doorspelen. Maar deze oplossing en het splitsen van grote groepen kosten geld.”

Dat concludeert studentenraadsfractie Het Principe aan de hand van een onderzoek naar de university colleges in Utrecht, Middelburg en Maastricht. Het Principe doet vier aanbevelingen aan het college van bestuur (cvb). Het adviseert het cvb om met het uc van Maastricht te overleggen over de ervaringen met studiekeuze-interviews. De uc’s selecteren via een motivatiebrief, cijferlijst en interview. Mede daardoor haalt negentig procent de bachelor. Hoewel de TU niet mag selecteren, kan volgens Het Principe winst worden behaald met een goed entreegesprek.
Ook wil de studentenpartij dat elke student aan het eind van het eerste jaar met een studieadviseur een studieplanning maakt en dat de keuzemogelijkheden voor de minors worden verruimd, liefst via een vrije minor. De betrokkenheid bij de studie zal zo worden vergroot. Op de uc’s wordt strakker gepland en kunnen vakken worden gekozen uit de betawetenschappen, sociale wetenschappen en de (klassieke) taal- en letterkunde. Daardoor sluit het studieprogramma aan bij de interesses van de studenten.
Verder moet volgens de studenten meer gebruik worden gemaakt van het mentorensysteem. Onder meer moeten de mentorgroepen in het onderwijs worden ingebed en moet elke groep een (beloonde) mentor hebben. Dat zou leiden tot meer cohesie en de groepen zouden in de latere jaren een rol houden. De begeleiding zou dan meer lijken op die van de uc’s, waar mede door de beperkte groepsgrootte, de sociale controle en samenwerking beter lopen.
Tot slot willen de studenten dat academische vaardigheden als het schrijven van rapporten en het plannen en uitvoeren van onderzoek meer praktijkgericht worden gepresenteerd. Op de uc’s maken die vaardigheden onderdeel uit van het kernprogramma. De waardering voor die ‘TB-vakken’ is op de TU daarentegen juist niet hoog, stelt Het Principe.
Het cvb verbindt vooralsnog nog geen stappen aan de aanbevelingen. Wel worden voor- en nadelen bekeken. 

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.