Vijfhonderd meter zwemmen en vijf kilometer hardlopen. Woensdag hield studentenzwem- en triatlonvereniging Wave/Trinity de elfde editie van de Zwemloop. In en rondom het Kerkpolderbad, want het water in de Delftse Hout is in oktober te koud.
Erg natte Zwemloop
De Zwemloop kent de laatste jaren een toenemende belangstelling. “Kwestie van een goede promotie”, zegt Eva Rogaar namens de organisatie. De zomereditie in de Delftse Hout trok in juni bijna negentig deelnemers. Woensdagmiddag blijft het bij het maximale aantal van vijftig, vanwege de beperkte gebruikstijd van het zwembad. Rogaar: “Dat het zich uitbreidt komt ook omdat er een vast groepje is dat altijd meedoet en anderen overhaalt om ook te komen.” Een van die laatsten is de Leidse studente Karin Simons. Ze verwacht een goede zwemtijd neer te zetten, maar ziet op tegen het vervolg: “Ik ben niet zo’n loper.” Toch doet ze mee: “Het is gewoon leuk, gezellig.” Bij haar Haagse zwemvereniging doet ze op hoog competitieniveau aan synchroonzwemmen. Wat daar leuk aan is? “Alles! Het samenzwemmen, het perfectioneren. Snel zwemmen doe ik voor de conditie, met af en toe zo’n zwemloop tussendoor.”
Werktuigbouwkundestudent Jochem de Graas liet zich door een huisgenoot overreden om zich in te schrijven. “Vijf kilometer lopen doe ik regelmatig, maar zwemmen wordt wel problematisch. De meesten hier zijn zwemmers die opkijken tegen het lopen. Bij mij is dat andersom.” De Graas is lid van zowel Punch-volleybal als Punch-basketball. Tijd voor de afsluitende barbecue heeft hij vandaag niet: “Na de zwemloop ga ik naar de volleybaltraining.” Dat het buiten intussen gutst van de regen deert hem niet: “Ach, je komt toch drijfnat uit het water.”
De vierentwintig deelnemers van de eerste shift liggen even later, verdeeld over vijf banen, klaar voor de start. Aan de kant houden tellers al turvend nauwkeurig bij of er niet gesjoemeld wordt met het aantal te trekken baantjes. Na vijf minuten en 49 seconden komt Erik Simons als eerste uit het water.
Op het loopcircuit, een ronde van ongeveer 1,3 kilometer die vier keer moet worden afgelegd, moet de snelste zwemmer na één ronde echter al heel wat meters prijsgeven. Marco Janssen ligt aan de leiding en zal die niet meer afgeven. Met zijn eindtijd van 27.45 minuten blijft hij naaste belager Martin Vermeer elf seconden voor. “Het ging goed, maar ik ben wel mijn chip verloren”, verklaart de winnaar meteen na afloop. Vermeer: “Ik moest teruglopen naar het zwembad om mijn verloren chip op te halen. Dat heeft wat tijd gekost. Blijkbaar ben ik de enige die zich aan de regels hield.” Of hij anders als eerste was gefinisht is de vraag. Janssen : “Toen ik Martin vlak achter mij hoorde aankomen, ben ik iets gaan versnellen.”
De snelste vrouw, Gerdien de Jong, finisht in 32.43 minuten. Alex Olveira krijgt ook een prijsje, als snelste niet-triatleet. Als iedereen is gedoucht en omgekleed volgt de barbecue. Buiten, in de tent. Lekker warm en droog.
De Zwemloop kent de laatste jaren een toenemende belangstelling. “Kwestie van een goede promotie”, zegt Eva Rogaar namens de organisatie. De zomereditie in de Delftse Hout trok in juni bijna negentig deelnemers. Woensdagmiddag blijft het bij het maximale aantal van vijftig, vanwege de beperkte gebruikstijd van het zwembad. Rogaar: “Dat het zich uitbreidt komt ook doordat er een vast groepje is dat altijd meedoet en anderen overhaalt om ook te komen.”
Een van die laatsten is de Leidse studente Karin Simons. Ze verwacht een goede zwemtijd neer te zetten, maar ziet op tegen het vervolg: “Ik ben niet zo’n loper.” Toch doet ze mee: “Het is gewoon leuk, gezellig.” Bij haar Haagse zwemvereniging doet ze op hoog competitieniveau aan synchroonzwemmen. Wat daar leuk aan is? “Alles! Het samenzwemmen, het perfectioneren. Snel zwemmen doe ik voor de conditie, met af en toe zo’n zwemloop tussendoor.”
Werktuigbouwkundestudent Jochem de Graas liet zich door een huisgenoot overreden om zich in te schrijven. “Vijf kilometer lopen doe ik regelmatig, maar zwemmen wordt problematisch. De meesten hier zijn zwemmers die opkijken tegen het lopen. Bij mij is dat andersom.” De Graas is lid van zowel Punch-volleybal als Punch-basketball. Tijd voor de afsluitende barbecue heeft hij vandaag niet: “Na de zwemloop ga ik naar de volleybaltraining.” Dat het buiten intussen gutst van de regen deert hem niet: “Ach, je komt toch drijfnat uit het water.”
De vierentwintig deelnemers van de eerste shift liggen even later, verdeeld over vijf banen, klaar voor de start. Aan de kant houden tellers al turvend nauwkeurig bij of er niet gesjoemeld wordt met het aantal te trekken baantjes. Na vijf minuten en 49 seconden komt Erik Simons als eerste uit het water.
Op het loopcircuit, een ronde van ongeveer 1,3 kilometer die vier keer moet worden afgelegd, moet de snelste zwemmer na één ronde echter al heel wat meters prijsgeven. Marco Janssen ligt aan de leiding en zal die niet meer afgeven. Met zijn eindtijd van 27.45 minuten blijft hij naaste belager Martin Vermeer elf seconden voor. “Het ging goed, maar ik ben wel mijn chip verloren”, verklaart de winnaar meteen na afloop. Vermeer: “Ik moest teruglopen naar het zwembad om mijn verloren chip op te halen. Dat heeft wat tijd gekost. Blijkbaar ben ik de enige die zich aan de regels hield.” Of hij anders als eerste was gefinisht is de vraag. Janssen : “Toen ik Martin vlak achter mij hoorde aankomen, ben ik iets gaan versnellen.”
De snelste vrouw, Gerdien de Jong, finisht in 32.43 minuten. Alex Olveira krijgt ook een prijsje, als snelste niet-triatleet. Als iedereen is gedoucht en omgekleed volgt de barbecue. Buiten, in de tent. Lekker warm en droog.
Comments are closed.