Education

‘Ik heb nog steeds een helikopterview’

Paul Everts studeerde Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek, maar liet de hemel achter zich liggen. Hij koos voor het coördineren van het ontwerp van schepen voor het ministerie van Defensie. Hij helpt bij het ontwerp van een groot multifunctioneel marineschip.

Wie het zwaarbeveiligde defensiecomplex in Den Haag binnen wil komen voor een afspraak met Paul Everts, moet formulieren invullen en het paspoort inleveren. Omdat Everts Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek heeft gestudeerd, verwacht je hem op een afdeling waar stoere vliegtuigen en helikopters met de modernste techniek worden ontworpen. Niets is minder waar. Voor het gebouw waar Everts werkt, staat een metershoge scheepsmast.

De ingenieur is namelijk teamleider binnen de sectie Toekomstvisie, Concepten en Haalbaarheidsanalyse bij de Defensie Materieel Organisatie. Een hele mond vol. Everts coördineert grote projecten voor het ontwerpen van nieuwe schepen voor Defensie. “Zoveel verschil zit er niet tussen schepen en vliegtuigen. Het zijn allebei complexe systemen, die als een puzzel in elkaar moeten passen. Het grote verschil is dat ze in de luchtvaart over kilo’s praten en in de scheepvaart over tonnen. Anders klinkt het zo zwaar.”

Aan de lichte toon die Everts hanteert, is te horen dat hij zich helemaal thuis voelt in de wereld van de scheepsbouw. Dat is ook niet zo vreemd. Everts weet van de hoed en de rand van alle projecten die hij coördineert.

Het is een complex gebeuren, een nieuw schip ontwerpen voor Defensie. “Het is soms net een veelkoppig monster”, zegt Everts. Het meest recente project dat hij mede-coördineert is de vervanging van een oud bevoorraadingsschip, de HMS Zuiderkruis, door een Joint Support Ship. Dat schip wordt nu ontworpen, maar het is nog niet bekend wanneer het precies wordt gebouwd. “Het oude schip is meer dan dertig jaar oud en nodig aan vervanging toe. De marine heeft een andere toekomstfocus gekregen. Daarom moest het een multifunctioneel schip worden,” zegt Everts.

Het Joint Support Ship moet in de toekomst niet alleen andere schepen bevoorraden, maar ook voor strategisch transport zorgen. “Dat betekent dat tanks, wagens en materialen naar een missiegebied gebracht worden,” legt Everts uit. De derde, nieuwe taak is ‘sea basing‘. “Daarmee word je als schip een drijvende basis voor een landoperatie.”

Wie een dergelijk schip in de nabije toekomst voorbij ziet varen, ziet een groot helikopterdek aan boord, een ro-ro dek met containers en tanks, een grote olietank, twee kranen om containers en munitie van en naar de kade te takelen, twee bevoorradingsmasten en een groot drijvend hospitaal. “Er is in de hele wereld nog geen schip gebouwd dat al deze functies heeft”, zegt Everts.

De Marine Staf geeft Everts en zijn collega-teamleiders opdracht voor het ontwerp van een multifunctioneel schip. Aan Everts en de andere teamleiders is het vervolgens de taak om ervoor te zorgen dat er van het schip een haalbaar voorontwerp komt en een ontwerpbestek. Om dat voor elkaar te krijgen is er maar één remedie: veel praten. Voor het ontwerp van het schip wordt namelijk gebruik gemaakt van 120 technisch specialisten. Om alle verschillende ideeën en functies in het schip vorm te geven, coördineert Everts samen met de andere teamleiders de mensen en de ideeën. “Ik zit dus bij alle vergaderingen, om er op die manier achter te komen welke mogelijkheden er zijn. Als je met zoveel mensen werkt en een schip zoveel functies heeft, is het altijd een compromis. Want de één wil een zo groot mogelijk hospitaal en ander wil op diezelfde plek een supply store of een fitnessruimte. Samen moet je tot de beste oplossing komen.”

De techniek is complex op zo’n groot schip. “Een van de eisen is dat het grote schip via de achterkant een landingsvaartuig kan bevoorraden. Uit het oogpunt van veiligheid wil je dat het kleine vaartuig niet direct achter het grote schip vaart tijdens het bevoorraden. Je wilt niet dat er kabels breken op het moment dat je een tank overzet. Om hier een oplossing voor te vinden, hebben we gekeken of we misschien een kleine haven in het schip kunnen realiseren. Zodat we veilig kunnen laden en lossen. Vooral het achterover trimmen van het grote schip tijdens het laden en lossen, met een grote hoeveelheid olie aan boord, maakt dit alles complex.”

Everts is blij met zijn kennis van de techniek, want zo kan hij alle gesprekken over de techniek goed volgen. Hij weet ook hoe belangrijk een goed ontwerp is voor de bouw van een schip. Bij een eerder project moest hij controleren of de aanpassing van een schip goed werd uitgevoerd. De helidekken van de M-fregatten moesten worden aangepast aan de zwaardere, nieuwe helikopters die Defensie had aangekocht. “Om de helikopters goed te laten landen moesten de M-fregatten worden aangepast. De schepen werden daardoor ongeveer veertig ton zwaarder. Dat vergde nogal wat aanpassingswerk.”

Op foto’s is te zien, waar Everts mee te maken kreeg. Het hele schip werd overhoop gehaald, de hangar werd anderhalve meter groter en aan de achterkant kwam er ook een groot stuk bij. Everts was geregeld op reis om te kijken of het allemaal goed ging op de werf in Vlissingen en bij het marinebedrijf in Den Helder. “In het begin wilde ik alle problemen zelf op lossen en kwam ik om in het werk. Later sprak ik mensen op hun verantwoordelijkheid aan. Dat is best lastig, omdat je wel wilt dat mensen naar je luisteren. Maar ik heb geleerd om anderen met feiten van hun verantwoordelijkheid te overtuigen. Veel documenten en tekeningen gingen bijvoorbeeld met de post. Er gingen dagen overheen voordat iedereen ze gezien had. Soms waren die tekeningen al niet meer up-to-date als mensen ze onder ogen kregen. Dit zorgde soms voor chaotische situaties. Daar heb ik ze op gewezen en daardoor kwam er orde in de chaos. Het is niet altijd leuk om mensen ergens op te wijzen, maar als je het goed aanpakt en de ander van het probleem weet te overtuigen, dan win je daar veel mee. Aan die periode heb ik nog steeds heel veel.”

Zijn fascinatie voor techniek begon al heel jong. “Ik ben de jongste thuis, waardoor ik niet alleen mijn eigen playmobiel tot mijn beschikking had, maar ook de lego en de barbies van mijn zus. Ik combineerde al die technieken en maakte hijswerktuigen van de eerste naar de derde verdieping. Ik was gek op techniek. Van alle kinderen heb ik het langste met die dingen doorgespeeld.”

Op de middelbare school was Everts goed in technische vakken. “Huiswerk maakte ik vrijwel nooit. Ik had een aantal bevlogen leraren op school die erg goed vertelden. De rector was erg bezorgd toen hij las dat ik maar tien minuten huiswerk per dag maakte, maar ik haalde goede cijfers, omdat ik alles onthield.”

Die vlieger ging tijdens het eerste jaar op de TU Delft niet meer op. “Ik ben erg slecht in lezen en moet het dus echt van de colleges hebben. Er waren veel saaie vakken en leraren die niet zo bevlogen waren. Daardoor werd ik gedwongen tot het lezen van alle dictaten.”

De daarop volgende jaren kwam Everts wel in aanraking met goede docenten. “Sommigen gaven echt een show weg. Toen ging het ineens wel goed en aan alle leerstof heb ik nog steeds veel.”

Everts mag dan niet met vliegtuigen werken, aan zijn studie heeft hij veel gehad. “Bij Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek leer je complexe dingen bestuderen. En ik heb nog steeds een helikopterview als ik aan projecten werk.”

Naam: Paul Everts

Leeftijd: 38

Woonplaats: Rotterdam

Verliefd/verloofd/getrouwd: getrouwd

Studie: Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek

Afstudeerrichting: vormgeving, rabricage en materialen

Afstudeerjaar:1999

Loopbaan: In 1999 werkte Everts een maand bij ALE, een ingenieursbureau in advanced lightweight engineering. Daarna ging hij aan de slag bij ITC Detacheringsbedrijf I en I. Die bedrijfstak beviel niet, en in oktober 2000 begon Everts bij Defensie. Tot november 2006 was hij daar beleidsmedewerker constructie. Daarna werd hij teamleider Platform bij Defensie Materieel Organisatie (DMO).

Wie het zwaarbeveiligde defensiecomplex in Den Haag binnen wil komen voor een afspraak met Paul Everts, moet formulieren invullen en het paspoort inleveren. Omdat Everts Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek heeft gestudeerd, verwacht je hem op een afdeling waar stoere vliegtuigen en helikopters met de modernste techniek worden ontworpen. Niets is minder waar. Voor het gebouw waar Everts werkt, staat een metershoge scheepsmast.

De ingenieur is namelijk teamleider binnen de sectie Toekomstvisie, Concepten en Haalbaarheidsanalyse bij de Defensie Materieel Organisatie. Een hele mond vol. Everts coördineert grote projecten voor het ontwerpen van nieuwe schepen voor Defensie. “Zoveel verschil zit er niet tussen schepen en vliegtuigen. Het zijn allebei complexe systemen, die als een puzzel in elkaar moeten passen. Het grote verschil is dat ze in de luchtvaart over kilo’s praten en in de scheepvaart over tonnen. Anders klinkt het zo zwaar.”

Aan de lichte toon die Everts hanteert, is te horen dat hij zich helemaal thuis voelt in de wereld van de scheepsbouw. Dat is ook niet zo vreemd. Everts weet van de hoed en de rand van alle projecten die hij coördineert.

Het is een complex gebeuren, een nieuw schip ontwerpen voor Defensie. “Het is soms net een veelkoppig monster”, zegt Everts. Het meest recente project dat hij mede-coördineert is de vervanging van een oud bevoorraadingsschip, de HMS Zuiderkruis, door een Joint Support Ship. Dat schip wordt nu ontworpen, maar het is nog niet bekend wanneer het precies wordt gebouwd. “Het oude schip is meer dan dertig jaar oud en nodig aan vervanging toe. De marine heeft een andere toekomstfocus gekregen. Daarom moest het een multifunctioneel schip worden,” zegt Everts.

Het Joint Support Ship moet in de toekomst niet alleen andere schepen bevoorraden, maar ook voor strategisch transport zorgen. “Dat betekent dat tanks, wagens en materialen naar een missiegebied gebracht worden,” legt Everts uit. De derde, nieuwe taak is ‘sea basing‘. “Daarmee word je als schip een drijvende basis voor een landoperatie.”

Wie een dergelijk schip in de nabije toekomst voorbij ziet varen, ziet een groot helikopterdek aan boord, een ro-ro dek met containers en tanks, een grote olietank, twee kranen om containers en munitie van en naar de kade te takelen, twee bevoorradingsmasten en een groot drijvend hospitaal. “Er is in de hele wereld nog geen schip gebouwd dat al deze functies heeft”, zegt Everts.

De Marine Staf geeft Everts en zijn collega-teamleiders opdracht voor het ontwerp van een multifunctioneel schip. Aan Everts en de andere teamleiders is het vervolgens de taak om ervoor te zorgen dat er van het schip een haalbaar voorontwerp komt en een ontwerpbestek. Om dat voor elkaar te krijgen is er maar één remedie: veel praten. Voor het ontwerp van het schip wordt namelijk gebruik gemaakt van 120 technisch specialisten. Om alle verschillende ideeën en functies in het schip vorm te geven, coördineert Everts samen met de andere teamleiders de mensen en de ideeën. “Ik zit dus bij alle vergaderingen, om er op die manier achter te komen welke mogelijkheden er zijn. Als je met zoveel mensen werkt en een schip zoveel functies heeft, is het altijd een compromis. Want de één wil een zo groot mogelijk hospitaal en ander wil op diezelfde plek een supply store of een fitnessruimte. Samen moet je tot de beste oplossing komen.”

De techniek is complex op zo’n groot schip. “Een van de eisen is dat het grote schip via de achterkant een landingsvaartuig kan bevoorraden. Uit het oogpunt van veiligheid wil je dat het kleine vaartuig niet direct achter het grote schip vaart tijdens het bevoorraden. Je wilt niet dat er kabels breken op het moment dat je een tank overzet. Om hier een oplossing voor te vinden, hebben we gekeken of we misschien een kleine haven in het schip kunnen realiseren. Zodat we veilig kunnen laden en lossen. Vooral het achterover trimmen van het grote schip tijdens het laden en lossen, met een grote hoeveelheid olie aan boord, maakt dit alles complex.”

Everts is blij met zijn kennis van de techniek, want zo kan hij alle gesprekken over de techniek goed volgen. Hij weet ook hoe belangrijk een goed ontwerp is voor de bouw van een schip. Bij een eerder project moest hij controleren of de aanpassing van een schip goed werd uitgevoerd. De helidekken van de M-fregatten moesten worden aangepast aan de zwaardere, nieuwe helikopters die Defensie had aangekocht. “Om de helikopters goed te laten landen moesten de M-fregatten worden aangepast. De schepen werden daardoor ongeveer veertig ton zwaarder. Dat vergde nogal wat aanpassingswerk.”

Op foto’s is te zien, waar Everts mee te maken kreeg. Het hele schip werd overhoop gehaald, de hangar werd anderhalve meter groter en aan de achterkant kwam er ook een groot stuk bij. Everts was geregeld op reis om te kijken of het allemaal goed ging op de werf in Vlissingen en bij het marinebedrijf in Den Helder. “In het begin wilde ik alle problemen zelf op lossen en kwam ik om in het werk. Later sprak ik mensen op hun verantwoordelijkheid aan. Dat is best lastig, omdat je wel wilt dat mensen naar je luisteren. Maar ik heb geleerd om anderen met feiten van hun verantwoordelijkheid te overtuigen. Veel documenten en tekeningen gingen bijvoorbeeld met de post. Er gingen dagen overheen voordat iedereen ze gezien had. Soms waren die tekeningen al niet meer up-to-date als mensen ze onder ogen kregen. Dit zorgde soms voor chaotische situaties. Daar heb ik ze op gewezen en daardoor kwam er orde in de chaos. Het is niet altijd leuk om mensen ergens op te wijzen, maar als je het goed aanpakt en de ander van het probleem weet te overtuigen, dan win je daar veel mee. Aan die periode heb ik nog steeds heel veel.”

Zijn fascinatie voor techniek begon al heel jong. “Ik ben de jongste thuis, waardoor ik niet alleen mijn eigen playmobiel tot mijn beschikking had, maar ook de lego en de barbies van mijn zus. Ik combineerde al die technieken en maakte hijswerktuigen van de eerste naar de derde verdieping. Ik was gek op techniek. Van alle kinderen heb ik het langste met die dingen doorgespeeld.”

Op de middelbare school was Everts goed in technische vakken. “Huiswerk maakte ik vrijwel nooit. Ik had een aantal bevlogen leraren op school die erg goed vertelden. De rector was erg bezorgd toen hij las dat ik maar tien minuten huiswerk per dag maakte, maar ik haalde goede cijfers, omdat ik alles onthield.”

Die vlieger ging tijdens het eerste jaar op de TU Delft niet meer op. “Ik ben erg slecht in lezen en moet het dus echt van de colleges hebben. Er waren veel saaie vakken en leraren die niet zo bevlogen waren. Daardoor werd ik gedwongen tot het lezen van alle dictaten.”

De daarop volgende jaren kwam Everts wel in aanraking met goede docenten. “Sommigen gaven echt een show weg. Toen ging het ineens wel goed en aan alle leerstof heb ik nog steeds veel.”

Everts mag dan niet met vliegtuigen werken, aan zijn studie heeft hij veel gehad. “Bij Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek leer je complexe dingen bestuderen. En ik heb nog steeds een helikopterview als ik aan projecten werk.”

Naam: Paul Everts

Leeftijd: 38

Woonplaats: Rotterdam

Verliefd/verloofd/getrouwd: getrouwd

Studie: Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek

Afstudeerrichting: vormgeving, rabricage en materialen

Afstudeerjaar:1999

Loopbaan: In 1999 werkte Everts een maand bij ALE, een ingenieursbureau in advanced lightweight engineering. Daarna ging hij aan de slag bij ITC Detacheringsbedrijf I en I. Die bedrijfstak beviel niet, en in oktober 2000 begon Everts bij Defensie. Tot november 2006 was hij daar beleidsmedewerker constructie. Daarna werd hij teamleider Platform bij Defensie Materieel Organisatie (DMO).

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.