Een scheef wiel door een verbogen chassis en een lekke band. Meer problemen hadden de twee TU-studenten en hun Utrechtse kompaan niet, die vanaf 18 februari in achttien dagen zevenduizend kilometer hebben afgelegd in een Volvo 740 uit 1988.
Een scheef wiel door een verbogen chassis en een lekke band. Meer problemen hadden de twee TU-studenten en hun Utrechtse kompaan niet, die vanaf 18 februari in achttien dagen zevenduizend kilometer hebben afgelegd in een Volvo 740 uit 1988. De drie deden mee aan de barrelrace Amsterdam Dakar Challenge, die anders dan de naam doet vermoeden, eindigt in de stad Banjul in het Afrikaanse Gambia. Afgelopen maandag zetten de coureurs weer voet op Nederlandse bodem.
Zonder hun auto, welteverstaan. Die is achtergebleven in Gambia, waar de TU’ers Ben van de Pavert en Menno Kolkert en managementtrainee bij ABN Amro Daan Hendriks, de Volvo hebben verpatst aan iemand die er een taxibedrijfje mee wilde beginnen. Niet om er zelf rijk van te worden, maar voor het goede doel: de nieuwbouw van een lagere school in Gambia, waarvan de leerlingen nu geen droge voeten houden in het regenseizoen. De drie kochten de auto in Nederland voor 500 euro en verkochten hem in het Afrikaanse land voor 1300 euro.
Een leuke winst, maar het had volgens Menno Kolkert in betere tijden veel meer kunnen zijn. Hij had zelfs gerekend op 3500 euro. Dat leverden goede auto’s, en dat is een Volvo uit 1988 in Gambiaanse ogen, al gauw op in tijdens van grotere schaarste. Maar met de komst van andere barrelraces als Plymouth-Dakar en straks ook Berlijn-Banjul zijn de prijzen gedaald, legt Kolkert uit.
De student civiele techniek, die deze week meteen weer aan de bak moest in Delft, heeft een ‘mooie ervaring’ achter de rug. Hij en zijn vrienden stuurden net als 34 andere teams hun oude brik in tweeënhalve dag vanuit Amsterdam naar het zuiden van Spanje. Daar namen ze de boot naar Marokko, om via het Atlasgebergte, de Sahara-woestijn en Senegal naar Gambia te rijden.
Soms moest de Volvo daarbij flink werken. Immers, om niet vast komen te zitten in het zand van de woestijn, was hard doorrijden een must.
Kolkert vond de leegte van de Sahara het mooiste deel van de hele reis. Hij zou er absoluut verdwaald zijn zonder gids, het ongeoefende oog kan het ene duin niet van het andere onderscheiden.
Reizen per auto heeft Kolkerts hart gestolen. “Normaal pak je het vliegtuig en sta je opeens middenin een andere cultuur. Nu hebben we alles om ons heen langzaam zien veranderen.”
Saskia Bonger
De drie deden mee aan de barrelrace Amsterdam Dakar Challenge, die anders dan de naam doet vermoeden, eindigt in de stad Banjul in het Afrikaanse Gambia. Afgelopen maandag zetten de coureurs weer voet op Nederlandse bodem.
Zonder hun auto, welteverstaan. Die is achtergebleven in Gambia, waar de TU’ers Ben van de Pavert en Menno Kolkert en managementtrainee bij ABN Amro Daan Hendriks, de Volvo hebben verpatst aan iemand die er een taxibedrijfje mee wilde beginnen. Niet om er zelf rijk van te worden, maar voor het goede doel: de nieuwbouw van een lagere school in Gambia, waarvan de leerlingen nu geen droge voeten houden in het regenseizoen. De drie kochten de auto in Nederland voor 500 euro en verkochten hem in het Afrikaanse land voor 1300 euro.
Een leuke winst, maar het had volgens Menno Kolkert in betere tijden veel meer kunnen zijn. Hij had zelfs gerekend op 3500 euro. Dat leverden goede auto’s, en dat is een Volvo uit 1988 in Gambiaanse ogen, al gauw op in tijdens van grotere schaarste. Maar met de komst van andere barrelraces als Plymouth-Dakar en straks ook Berlijn-Banjul zijn de prijzen gedaald, legt Kolkert uit.
De student civiele techniek, die deze week meteen weer aan de bak moest in Delft, heeft een ‘mooie ervaring’ achter de rug. Hij en zijn vrienden stuurden net als 34 andere teams hun oude brik in tweeënhalve dag vanuit Amsterdam naar het zuiden van Spanje. Daar namen ze de boot naar Marokko, om via het Atlasgebergte, de Sahara-woestijn en Senegal naar Gambia te rijden.
Soms moest de Volvo daarbij flink werken. Immers, om niet vast komen te zitten in het zand van de woestijn, was hard doorrijden een must.
Kolkert vond de leegte van de Sahara het mooiste deel van de hele reis. Hij zou er absoluut verdwaald zijn zonder gids, het ongeoefende oog kan het ene duin niet van het andere onderscheiden.
Reizen per auto heeft Kolkerts hart gestolen. “Normaal pak je het vliegtuig en sta je opeens middenin een andere cultuur. Nu hebben we alles om ons heen langzaam zien veranderen.”
Saskia Bonger
www.theflyingdutchman.be/nl
Comments are closed.