Campus

Alleen polariseren als het nodig is

Adri Sloot neemt afscheid van het vakbondswerk. Over geschoffeerde werknemers en onderhandelen met collegevoorzitter De Voogd.

Over loyaliteit gesproken. Ruim een kwart eeuw was Adri Sloot (50) voor de vakbond AbvaKabo actief op een universiteit waarmee ze een haat-liefde verhouding heeft. ,,Zoals veel mensen ben ik verknocht aan de TU. Maar vraag me niet waarom.” In maart stopte ze met het vakbondswerk, ook haar voorzitterschap van het Lokaal Overleg. ,,Ik heb me voorgenomen om me niet met het werk van mijn opvolger te bemoeien.”

Een nieuwe studie, een nieuw begin. Ze studeert sinds september aan de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur. Decaan: prof.dr. Roel in ’t Veld. ,,Een kweekvijver voor topambtenaren. Je wordt aangemoedigd om los te komen van geijkte denkpatronen en besluitvormingsprocessen.” Momenteel buigt Sloot zich met een paar medestudenten over de toekomst van de publieke omroep. Later gaat ze twee maanden naar Nieuw-Zeeland om het veelgeroemde socialezekerheidsstelsel aldaar te bestuderen.

Twee jaar duurt de opleiding. Zo lang wil Sloot – gescheiden, samenwonend, twee studerende kinderen – wel een offer brengen als het gaat om privé-leven en hobby’s. En welke functie ze daarna gaat bekleden? ,,Geen idee, eerlijk waar niet. Ik maak me geen zorgen. Je bouwt tijdens die opleiding een interessant netwerk op.” Voorlopig blijft Sloot aan de TU verbonden als projectleider voor een nieuw functiewaarderingssysteem. ,,Dat is absoluut niet mee veranderd met de organisatie.”

Respect

,,Eigenlijk ben ik overal steeds ingerold”, zegt Sloot, terugkijkend op een loopbaan die begon met secretaressewerk voor de personeelsraad. Maar, moet ze toegeven, ze had wel een drijfveer. ,,Ik kan me opwinden als ik merk dat mensen zonder respect worden behandeld.”

Open communicatie, respect voor andere mensen: Sloot heeft er altijd op gehamerd. Of het nu was als voorzitter van de universiteitsraad (‘een mooie tijd: één front tegen de minister’) of als vakbondsconsulente (‘dat werd te zwaar, ik nam de problemen van mensen mee naar huis’).

,,We kunnen hier op de TU Delft slecht communiceren”, stelt ze. ,,Er gebeurt hier veel met de beste bedoelingen, maar als je die bedoelingen niet goed weet over te brengen is het resultaat wantrouwen.”

Recent voorbeeld: de commotie rond de verlofstuwmeren. Begrijpelijk dat het college die wil aanpakken, vindt Sloot, want de kosten rijzen de pan uit. En ook verstandig om pas na een jaar te beslissen of de maatregelen aanpassing behoeven. Maar het college maakte in haar ogen de fout om de verlofstuwmeren alleen in hetLokaal Overleg te bespreken, zodat de ondernemingsraad zich gepasseerd voelt. ,,Kortzichtig dat het college niet met twee gesprekspartners over één onderwerp wil praten. Beleid bespreek je als college met de ondernemingsraad, zodra het wordt vertaald in rechten en plichten ga je naar de vakbonden, in het Lokaal Overleg.”

Polariseren

Tijd om haar met een oude uitspraak te confronteren: ,,Ik heb een beetje de pest in, maar dat is normaal aan de TU.” Is het zo erg? ,,Haha. Nou ja, misschien ís dat chagrijnige wel normaal hier. Het is hier niet gauw goed, hoor. Of ik dat zelf ook heb? Nee, ik ben milder geworden.”

De vakbondsvrouw geeft zelfs toe niet van polariseren te houden. ,,Nou ja, behalve als het echt moet, natuurlijk.” En dan te bedenken dat het voorzitterschap van de inmiddels ter ziele universiteitsraad haar ooit bijna ontging omdat een aantal leden haar te radicaal vond.

Het omgekeerde verwijt trof haar uit de hoek van de vakbonden toen ze een adv-akkoord hielp afsluiten waarbij TU-werknemers konden kiezen tussen adv-dagen of 2,66 procent van hun salaris. ,,Ik ben er nog steeds van overtuigd dat we de beste keuze hebben gemaakt. Het wetenschappelijk personeel had te kennen gegeven allesbehalve te staan springen om extra adv-dagen.”

Met minder voldoening kijkt Sloot terug op het overhevelen van het Beeld en Grafisch Centrum naar een extern bedrijf, DocVision. ,,Natuurlijk wordt daar nu veel klantgerichter gewerkt, maar hadden we dat ook niet in eigen huis kunnen realiseren? Ik ben wel blij dat we een goede overgangsregeling hebben kunnen regelen.”

Nog recentelijk heeft Sloot ‘veel woede’ meegemaakt. Met het oog op de schaarse arbeidsmarkt vond de universiteit een 55-plus regeling voor oudere werknemers van DTO niet passend en stelde er een werkgarantieplan voor in de plaats. ,,Fatsoenlijk nieuw werk blijkt soms moeilijk te vinden, zelfs via detachering. Iemand wiens lust en leven het is om achter een draaibank te staan, voelt zich geschoffeerd als hij met stoelen moet gaan sjouwen.” Sloot hoopt op een elegante oplossing, maar is niet optimistisch. ,,Het duurt te lang.”

MOD

Een bekend verschijnsel: hoe langer er onduidelijkheid blijft bestaan, hoe groter de onrust. Het klassieke voorbeeld blijft voor Sloot operatie MOD, oftewel het stroomlijnen (moderniseren) van de ondersteunende diensten, in de tweede helft van de jaren negentig. ,,Een goed plan, want met name de juridische expertise was ongelijkmatig verdeeld over de universiteit. Maar de aankondiging dat het dertig miljoen moest opleveren en vierhonderd arbeidsplaatsen zou kosten, zorgde niet bepaald voor een goede sfeer. Mensen vonden dat de vakbonden zich lieten inpakken. En het sleepte zich maar voort.”

Pas na het optreden van De Voogd kwam er vaart in het proces, vindt Sloot. ,,Tja, je durft nauwelijks meer te zeggen dat het collegevan bestuur ook iets goeds heeft gedaan! Maar ik meen het serieus: hij was zeer goed in het overleg met de vakbonden, zeer aanspreekbaar op de onrust bij het personeel. Hij draaide er niet omheen, en dat was prettig onderhandelen. Ik heb hem ook altijd direct benaderd: ho eens even, dat is wel leuk, maar ik heb ook een achterban!” Sloot schiet in de lach bij de herinnering. ,,Dat waardeert-ie wel, ja.”

Haar eigen FNV-voorzitter Lodewijk de Waal krijgt als lid van de raad van toezicht juist een dikke onvoldoende voor communicatie. Die geheimzinnigheid rond het vertrek van het college van bestuur ‘past niet bij een moderne organisatie.’ Van een vakbondsman had ze zoiets ook niet verwacht, zegt ze. ,,Het getuigt van weinig respect om een communiqué de wereld in te sturen waarvan iedereen weet dat de waarheid er niet in staat. Lodewijk de Waal is ook veel moeilijker benaderbaar dan zijn voorganger Johan Stekelenburg.” Wollig taalgebruik zal Adri Sloot zelfs op een vakschool voor ambtenaren wel nooit leren.

Over loyaliteit gesproken. Ruim een kwart eeuw was Adri Sloot (50) voor de vakbond AbvaKabo actief op een universiteit waarmee ze een haat-liefde verhouding heeft. ,,Zoals veel mensen ben ik verknocht aan de TU. Maar vraag me niet waarom.” In maart stopte ze met het vakbondswerk, ook haar voorzitterschap van het Lokaal Overleg. ,,Ik heb me voorgenomen om me niet met het werk van mijn opvolger te bemoeien.”

Een nieuwe studie, een nieuw begin. Ze studeert sinds september aan de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur. Decaan: prof.dr. Roel in ’t Veld. ,,Een kweekvijver voor topambtenaren. Je wordt aangemoedigd om los te komen van geijkte denkpatronen en besluitvormingsprocessen.” Momenteel buigt Sloot zich met een paar medestudenten over de toekomst van de publieke omroep. Later gaat ze twee maanden naar Nieuw-Zeeland om het veelgeroemde socialezekerheidsstelsel aldaar te bestuderen.

Twee jaar duurt de opleiding. Zo lang wil Sloot – gescheiden, samenwonend, twee studerende kinderen – wel een offer brengen als het gaat om privé-leven en hobby’s. En welke functie ze daarna gaat bekleden? ,,Geen idee, eerlijk waar niet. Ik maak me geen zorgen. Je bouwt tijdens die opleiding een interessant netwerk op.” Voorlopig blijft Sloot aan de TU verbonden als projectleider voor een nieuw functiewaarderingssysteem. ,,Dat is absoluut niet mee veranderd met de organisatie.”

Respect

,,Eigenlijk ben ik overal steeds ingerold”, zegt Sloot, terugkijkend op een loopbaan die begon met secretaressewerk voor de personeelsraad. Maar, moet ze toegeven, ze had wel een drijfveer. ,,Ik kan me opwinden als ik merk dat mensen zonder respect worden behandeld.”

Open communicatie, respect voor andere mensen: Sloot heeft er altijd op gehamerd. Of het nu was als voorzitter van de universiteitsraad (‘een mooie tijd: één front tegen de minister’) of als vakbondsconsulente (‘dat werd te zwaar, ik nam de problemen van mensen mee naar huis’).

,,We kunnen hier op de TU Delft slecht communiceren”, stelt ze. ,,Er gebeurt hier veel met de beste bedoelingen, maar als je die bedoelingen niet goed weet over te brengen is het resultaat wantrouwen.”

Recent voorbeeld: de commotie rond de verlofstuwmeren. Begrijpelijk dat het college die wil aanpakken, vindt Sloot, want de kosten rijzen de pan uit. En ook verstandig om pas na een jaar te beslissen of de maatregelen aanpassing behoeven. Maar het college maakte in haar ogen de fout om de verlofstuwmeren alleen in hetLokaal Overleg te bespreken, zodat de ondernemingsraad zich gepasseerd voelt. ,,Kortzichtig dat het college niet met twee gesprekspartners over één onderwerp wil praten. Beleid bespreek je als college met de ondernemingsraad, zodra het wordt vertaald in rechten en plichten ga je naar de vakbonden, in het Lokaal Overleg.”

Polariseren

Tijd om haar met een oude uitspraak te confronteren: ,,Ik heb een beetje de pest in, maar dat is normaal aan de TU.” Is het zo erg? ,,Haha. Nou ja, misschien ís dat chagrijnige wel normaal hier. Het is hier niet gauw goed, hoor. Of ik dat zelf ook heb? Nee, ik ben milder geworden.”

De vakbondsvrouw geeft zelfs toe niet van polariseren te houden. ,,Nou ja, behalve als het echt moet, natuurlijk.” En dan te bedenken dat het voorzitterschap van de inmiddels ter ziele universiteitsraad haar ooit bijna ontging omdat een aantal leden haar te radicaal vond.

Het omgekeerde verwijt trof haar uit de hoek van de vakbonden toen ze een adv-akkoord hielp afsluiten waarbij TU-werknemers konden kiezen tussen adv-dagen of 2,66 procent van hun salaris. ,,Ik ben er nog steeds van overtuigd dat we de beste keuze hebben gemaakt. Het wetenschappelijk personeel had te kennen gegeven allesbehalve te staan springen om extra adv-dagen.”

Met minder voldoening kijkt Sloot terug op het overhevelen van het Beeld en Grafisch Centrum naar een extern bedrijf, DocVision. ,,Natuurlijk wordt daar nu veel klantgerichter gewerkt, maar hadden we dat ook niet in eigen huis kunnen realiseren? Ik ben wel blij dat we een goede overgangsregeling hebben kunnen regelen.”

Nog recentelijk heeft Sloot ‘veel woede’ meegemaakt. Met het oog op de schaarse arbeidsmarkt vond de universiteit een 55-plus regeling voor oudere werknemers van DTO niet passend en stelde er een werkgarantieplan voor in de plaats. ,,Fatsoenlijk nieuw werk blijkt soms moeilijk te vinden, zelfs via detachering. Iemand wiens lust en leven het is om achter een draaibank te staan, voelt zich geschoffeerd als hij met stoelen moet gaan sjouwen.” Sloot hoopt op een elegante oplossing, maar is niet optimistisch. ,,Het duurt te lang.”

MOD

Een bekend verschijnsel: hoe langer er onduidelijkheid blijft bestaan, hoe groter de onrust. Het klassieke voorbeeld blijft voor Sloot operatie MOD, oftewel het stroomlijnen (moderniseren) van de ondersteunende diensten, in de tweede helft van de jaren negentig. ,,Een goed plan, want met name de juridische expertise was ongelijkmatig verdeeld over de universiteit. Maar de aankondiging dat het dertig miljoen moest opleveren en vierhonderd arbeidsplaatsen zou kosten, zorgde niet bepaald voor een goede sfeer. Mensen vonden dat de vakbonden zich lieten inpakken. En het sleepte zich maar voort.”

Pas na het optreden van De Voogd kwam er vaart in het proces, vindt Sloot. ,,Tja, je durft nauwelijks meer te zeggen dat het collegevan bestuur ook iets goeds heeft gedaan! Maar ik meen het serieus: hij was zeer goed in het overleg met de vakbonden, zeer aanspreekbaar op de onrust bij het personeel. Hij draaide er niet omheen, en dat was prettig onderhandelen. Ik heb hem ook altijd direct benaderd: ho eens even, dat is wel leuk, maar ik heb ook een achterban!” Sloot schiet in de lach bij de herinnering. ,,Dat waardeert-ie wel, ja.”

Haar eigen FNV-voorzitter Lodewijk de Waal krijgt als lid van de raad van toezicht juist een dikke onvoldoende voor communicatie. Die geheimzinnigheid rond het vertrek van het college van bestuur ‘past niet bij een moderne organisatie.’ Van een vakbondsman had ze zoiets ook niet verwacht, zegt ze. ,,Het getuigt van weinig respect om een communiqué de wereld in te sturen waarvan iedereen weet dat de waarheid er niet in staat. Lodewijk de Waal is ook veel moeilijker benaderbaar dan zijn voorganger Johan Stekelenburg.” Wollig taalgebruik zal Adri Sloot zelfs op een vakschool voor ambtenaren wel nooit leren.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.