Campus

Campagne tegen cut-and-paste-mentaliteit

Een kwartiertje op internet, meer is vaak niet nodig voor een goed essay. Maar zo%n cut-and-paste-mentaliteit is niet helemaal netjes. En het kan zelfs een jaar schorsing opleveren.

br />
Er is een moment geweest dat dr. Martin de Jong van technische bestuurskunde (TB) zijn internetzoekmachine al had aanstaan voordat hij begon met nakijken van essays. Zo kon hij snel controleren of een zin uit een essay letterlijk op internet terug te vinden was. ,,Ooit schreef een student in een essay over een ‘secessietendens’. Een socioloog weet nauwelijks wat het is, laat staan een TB’er. Hij bleek het stuk niet zelf te hebben geschreven.” Een andere student, normaal goed voor vijfjes en zesjes, wekte achterdocht toen De Jong in zijn briljante essay een paar Vlaamse woorden tegenkwam. Toch raar voor een Nederlander. Ook hij had zijn verhaal van internet geplukt.

Eind vorig jaar begon technische bestuurskunde de campagne ‘Kopiëren kan je de kop kosten’ of ‘Copying is a cop-out’, waarin spieken tijdens tentamens, het letterlijk overnemen van teksten zonder bronvermelding en meeliftgedrag bij groepswerk wordt aangesneden. Alle studenten kregen een glimmende groene folder thuisgestuurd % in Nederlands of Engels – en de faculteit hangt vol met opvallende posters. ‘Wees origineel. Denk na’, roept de folder, alsof het om een flitsende productreclame gaat.

De Jong is een van de twee docenten die het vóórkomen en voorkómen van fraude bij de opleidingsdirecteur van technische bestuurskunde heeft aangekaart. Bij zijn vak decision making in international context, waarbij een essay van ongeveer vijftien pagina%s moet worden geschreven, betrapte hij vorig jaar ongeveer vijf van de vijfentwintig studenten op fraude. Twee keer maakte hij zelfs mee dat studenten een werkstuk integraal van een website hadden overgenomen.

De Jong is teleurgesteld. ,,Ik voelde me genaaid, hoewel het natuurlijk niet persoonlijk bedoeld is. Ik vind dat er een soort universele deugdelijkheid thuishoort op een universiteit. Dat een toekomstig ingenieur moet weten wat hij wel en niet kan maken.” Inmiddels is hij snel achterdochtig, bijvoorbeeld als een student heel goed Engels schrijft. ,,Dan ben ik bijna blij als ik een taalfout tegenkom.”

Calculerend

,,De campagne had drie doelen: preventie, detectie en repressie”, zegt opleidingsdirecteur dr. Pieter Bots van TB. De nadruk ligt echter op preventie. Een beetje koudwatervrees had hij wel voordat hij het probleem durfde aan te pakken. ,,De buitenwereld denkt bij zo%n campagne waarschijnlijk dat we een groot fraudeprobleem hebben, maar dat is niet zo. We zagen dat het nodig was de studenten en docenten voor te lichten.”

Tot voor kort losten docenten gevallen van fraude vaak zelf op, zonder dit te melden bij de examencommissie. Om een eenduidig beleid te krijgen, kreeg het wetenschappelijk personeel tijdens de anti-fraudecampagne een eigen A4-tje met adviezen: ‘Een vuist tegen fraude.’ Docenten wordt daarin onder meer geadviseerd opdrachten jaarlijks te vernieuwen, zodat studenten geen werk van voorgaande jaren kunnen kopiëren, of om gelijksoortige werkstukkendoor dezelfde persoon te laten nakijken om overeenkomsten tussen werkstukken te kunnen ontdekken. Daarnaast kan de docent de procedure lezen die hij moet volgen als hij een student betrapt.

Bij studenten richtte de voorlichting zich vooral op de verschillen tussen citeren, parafraseren en frauderen. Waar de grens ligt tussen bewust frauderen en onwetendheid is vaak moeilijk aan te geven, meent De Jong, aangezien het voor sommige studenten niet duidelijk is wat wel en niet mag. ,,Veel gevallen van plagiaat zijn geen kwade opzet. En bij twijfelgevallen moet je voorzichtig optreden.”

Onwetendheid komt volgens hem vooral voor onder studenten uit landen waar de relatie tussen student en docent vrij hierarchisch is, zoals in veel Aziatische culturen. ,,Daar is het niet gebruikelijk experts zoals professoren te bekritiseren. Deze studenten hebben vaak meer moeite om afstand te nemen van de literatuur.”

Onder Nederlandse studenten ziet hij een zorgwekkender verschijnsel: ,,Er zijn veel calculerende studenten. Zij zien studeren niet als een gunst, maar als een recht. Dit soort studenten is tevreden als met zo min mogelijk werk een 5½ wordt gehaald. Dat is een slechte ontwikkeling.”

Rigoureus

Martine Poolman, tweedejaars studente technische bestuurskunde, vindt de campagne nuttig: ,,Er zijn studenten die moedwillig overschrijven en denken dat de docent het toch niet merkt. Vaak weten ze niet dat ze daarvoor een jaar geschorst kunnen worden.”

Vierdejaars Frank Bianchi noemt de folder vrij rigoreus: ,,Een donderslag bij heldere hemel; het lijkt wel of er in korte tijd een hele reeks voorvallen is geweest, waar de faculteit nu opeens een zware straf op heeft gezet.” Wel denkt hij dat het doel van de campagne is bereikt. ,,Het kennen van de gedragsregels is deel van je vorming. Maar ik had het gepaster gevonden als docenten van vakken waarbij fraude vaak voorkomt deze informatie hadden verspreid. Dit polariseert een beetje. Het zet de studenten tegenover de docenten.”

In de toekomst is het inderdaad de bedoeling de voorlichting in het onderwijs te integreren. Bots heeft het onderwerp fraude dit jaar voor het eerst in zijn welkomstwoord aan nieuwe studenten aangesneden, en bij de ‘risicovakken’ wordt vanaf nu duidelijker gewezen op gedragsregels en sancties.

Daarnaast heeft Bots verregaande plannen om de fraudedetectie te verbeteren. Via de plagiarism-site van de universiteit van Virginia heeft hij software bemachtigd waarmee digitale documenten eenvoudig kunnen worden vergeleken.

Nu studenten weten hoe het hoort, kan ook harder worden opgetreden. De maximale straf op fraude is een jaar uitsluiting van deelname aan vakken aan de TU Delft. Bots: ,,De examencommissie kan na deze voorlichting de regelgeving eenvoudiger naar de letter toepassen. Er zal minder coulance zijn, want een student kan zich niet meer verschuilen achter onwetendheid.”

Dat fraude niet alleen bij technische bestuurskunde voorkomt, bewijst het enthousiasme van andere opleidingsdirecteuren over de campagne. Dr.ir. Jan Gerbrands van Elektrotechniek meldt dat ook op zijn faculteit de afgelopen jaren enkele gevallen van fraude zijn voorgekomen: ,,We hebben een paar ernstige waarschuwingen uitgedeeld en een enkeling voor de duur van een tentamenperiode voor alle vakken uitgesloten.” Nu overweegt hij de campagne van technische bestuurskunde letterlijk te kopieren voor eigen gebruik. Met bronvermelding natuurlijk.

Een kwartiertje op internet, meer is vaak niet nodig voor een goed essay. Maar zo%n cut-and-paste-mentaliteit is niet helemaal netjes. En het kan zelfs een jaar schorsing opleveren.

Er is een moment geweest dat dr. Martin de Jong van technische bestuurskunde (TB) zijn internetzoekmachine al had aanstaan voordat hij begon met nakijken van essays. Zo kon hij snel controleren of een zin uit een essay letterlijk op internet terug te vinden was. ,,Ooit schreef een student in een essay over een ‘secessietendens’. Een socioloog weet nauwelijks wat het is, laat staan een TB’er. Hij bleek het stuk niet zelf te hebben geschreven.” Een andere student, normaal goed voor vijfjes en zesjes, wekte achterdocht toen De Jong in zijn briljante essay een paar Vlaamse woorden tegenkwam. Toch raar voor een Nederlander. Ook hij had zijn verhaal van internet geplukt.

Eind vorig jaar begon technische bestuurskunde de campagne ‘Kopiëren kan je de kop kosten’ of ‘Copying is a cop-out’, waarin spieken tijdens tentamens, het letterlijk overnemen van teksten zonder bronvermelding en meeliftgedrag bij groepswerk wordt aangesneden. Alle studenten kregen een glimmende groene folder thuisgestuurd % in Nederlands of Engels – en de faculteit hangt vol met opvallende posters. ‘Wees origineel. Denk na’, roept de folder, alsof het om een flitsende productreclame gaat.

De Jong is een van de twee docenten die het vóórkomen en voorkómen van fraude bij de opleidingsdirecteur van technische bestuurskunde heeft aangekaart. Bij zijn vak decision making in international context, waarbij een essay van ongeveer vijftien pagina%s moet worden geschreven, betrapte hij vorig jaar ongeveer vijf van de vijfentwintig studenten op fraude. Twee keer maakte hij zelfs mee dat studenten een werkstuk integraal van een website hadden overgenomen.

De Jong is teleurgesteld. ,,Ik voelde me genaaid, hoewel het natuurlijk niet persoonlijk bedoeld is. Ik vind dat er een soort universele deugdelijkheid thuishoort op een universiteit. Dat een toekomstig ingenieur moet weten wat hij wel en niet kan maken.” Inmiddels is hij snel achterdochtig, bijvoorbeeld als een student heel goed Engels schrijft. ,,Dan ben ik bijna blij als ik een taalfout tegenkom.”

Calculerend

,,De campagne had drie doelen: preventie, detectie en repressie”, zegt opleidingsdirecteur dr. Pieter Bots van TB. De nadruk ligt echter op preventie. Een beetje koudwatervrees had hij wel voordat hij het probleem durfde aan te pakken. ,,De buitenwereld denkt bij zo%n campagne waarschijnlijk dat we een groot fraudeprobleem hebben, maar dat is niet zo. We zagen dat het nodig was de studenten en docenten voor te lichten.”

Tot voor kort losten docenten gevallen van fraude vaak zelf op, zonder dit te melden bij de examencommissie. Om een eenduidig beleid te krijgen, kreeg het wetenschappelijk personeel tijdens de anti-fraudecampagne een eigen A4-tje met adviezen: ‘Een vuist tegen fraude.’ Docenten wordt daarin onder meer geadviseerd opdrachten jaarlijks te vernieuwen, zodat studenten geen werk van voorgaande jaren kunnen kopiëren, of om gelijksoortige werkstukkendoor dezelfde persoon te laten nakijken om overeenkomsten tussen werkstukken te kunnen ontdekken. Daarnaast kan de docent de procedure lezen die hij moet volgen als hij een student betrapt.

Bij studenten richtte de voorlichting zich vooral op de verschillen tussen citeren, parafraseren en frauderen. Waar de grens ligt tussen bewust frauderen en onwetendheid is vaak moeilijk aan te geven, meent De Jong, aangezien het voor sommige studenten niet duidelijk is wat wel en niet mag. ,,Veel gevallen van plagiaat zijn geen kwade opzet. En bij twijfelgevallen moet je voorzichtig optreden.”

Onwetendheid komt volgens hem vooral voor onder studenten uit landen waar de relatie tussen student en docent vrij hierarchisch is, zoals in veel Aziatische culturen. ,,Daar is het niet gebruikelijk experts zoals professoren te bekritiseren. Deze studenten hebben vaak meer moeite om afstand te nemen van de literatuur.”

Onder Nederlandse studenten ziet hij een zorgwekkender verschijnsel: ,,Er zijn veel calculerende studenten. Zij zien studeren niet als een gunst, maar als een recht. Dit soort studenten is tevreden als met zo min mogelijk werk een 5½ wordt gehaald. Dat is een slechte ontwikkeling.”

Rigoureus

Martine Poolman, tweedejaars studente technische bestuurskunde, vindt de campagne nuttig: ,,Er zijn studenten die moedwillig overschrijven en denken dat de docent het toch niet merkt. Vaak weten ze niet dat ze daarvoor een jaar geschorst kunnen worden.”

Vierdejaars Frank Bianchi noemt de folder vrij rigoreus: ,,Een donderslag bij heldere hemel; het lijkt wel of er in korte tijd een hele reeks voorvallen is geweest, waar de faculteit nu opeens een zware straf op heeft gezet.” Wel denkt hij dat het doel van de campagne is bereikt. ,,Het kennen van de gedragsregels is deel van je vorming. Maar ik had het gepaster gevonden als docenten van vakken waarbij fraude vaak voorkomt deze informatie hadden verspreid. Dit polariseert een beetje. Het zet de studenten tegenover de docenten.”

In de toekomst is het inderdaad de bedoeling de voorlichting in het onderwijs te integreren. Bots heeft het onderwerp fraude dit jaar voor het eerst in zijn welkomstwoord aan nieuwe studenten aangesneden, en bij de ‘risicovakken’ wordt vanaf nu duidelijker gewezen op gedragsregels en sancties.

Daarnaast heeft Bots verregaande plannen om de fraudedetectie te verbeteren. Via de plagiarism-site van de universiteit van Virginia heeft hij software bemachtigd waarmee digitale documenten eenvoudig kunnen worden vergeleken.

Nu studenten weten hoe het hoort, kan ook harder worden opgetreden. De maximale straf op fraude is een jaar uitsluiting van deelname aan vakken aan de TU Delft. Bots: ,,De examencommissie kan na deze voorlichting de regelgeving eenvoudiger naar de letter toepassen. Er zal minder coulance zijn, want een student kan zich niet meer verschuilen achter onwetendheid.”

Dat fraude niet alleen bij technische bestuurskunde voorkomt, bewijst het enthousiasme van andere opleidingsdirecteuren over de campagne. Dr.ir. Jan Gerbrands van Elektrotechniek meldt dat ook op zijn faculteit de afgelopen jaren enkele gevallen van fraude zijn voorgekomen: ,,We hebben een paar ernstige waarschuwingen uitgedeeld en een enkeling voor de duur van een tentamenperiode voor alle vakken uitgesloten.” Nu overweegt hij de campagne van technische bestuurskunde letterlijk te kopieren voor eigen gebruik. Met bronvermelding natuurlijk.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.