Deze week opent het Techniek Museum de tentoonstelling ‘Snijden door het sleutelgat’, een samenwerking tussen de TU Delft en de Reinier de Graaf Groep over technische snufjes in de operatiekamer.
Compleet met de bloederige videobeelden bekend van de televisie. Én een spiksplinternieuwe, revolutionaire endoscoop, ontwikkeld aan de TU.
Een stap over de drempel van het Techniekmuseum en de bezoeker voelt de steriele hand van de chirurg bijna over de huid glijden. De aanblik van de witte kuipstoeltjes, de tijdschriften in de wachtkamer waarin patiënten zenuwachtig bladeren zonder daadwerkelijk iets te lezen, de te schone vloer: het stemt de geest niet tot vrolijkheid.
Toch is dit korte verblijf in de wachtkamer slechts de inleiding van de tentoonstelling ‘Snijden door het sleutelgat’. Een smalle, hagelwitte gang leidt naar de tentoonstellingsruimte. Aan het plafond: monitoren waarop ‘live’ operaties te zien zijn. ,,Het was nog behoorlijk lastig om die beelden te pakken te krijgen, vanwege privacy van de patiënten”, vertelt dr. Han Heijmans, directeur van het museum. ,,Maar via promotiemateriaal van bedrijven die operatiegereedschappen leveren konden we de beelden toch nog bemachtigen.”
De beelden zijn overigens niet herkenbaar als afkomstig van een mensenlichaam: de griezelige darmflora ziet er eerder uit als de broedplek voor slijmerige aliens. Als deze beelden nog maar nauwelijks verwerkt zijn, belandt de bezoeker – nu patiënt – via een imaginaire prik in een narcose. Wat volgt is een flitsende, veelkleurige ervaring. Deze narcosebeleving vormt een wezenlijk onderdeel van de expositie, zodat het niet alleen een kijktentoonstelling blijft, maar de bezoeker ook een ervaring meekrijgt.
Vernieuwingen
De tentoonstellingsruimte biedt een overzicht van de vernieuwingen in operatie-instrumenten. De instrumenten zijn voornamelijk door de TU bedacht en geleverd. Vier faculteiten werkten mee aan de producten: Ontwerp, Constructie en Productie, Technische Natuurwetenschappen, Informatietechnologie en Systemen en Bouwkunde. De laatste heeft onder leiding van prof.ir. Kas Oosterhuis de fantasie de vrije loop gelaten bij het ontwerpen van een futuristische operatiekamer. In een virtual-realitypresentatie is een soort mobiele blob te zien, die iedereen op straat zou kunnen tegenkomen. Zo zou er direct gebruik van gemaakt kunnen worden.
Tegen de achtergrond van een bloederige operatiefoto ligt een endoscoop: een camera aan een langwerpig buisje die door een opening van enkele millimeters in het lichaam kan worden gebracht. Het apparaat filmt de ingewanden, die vervolgens te zien zijn op een monitor. Zo hoeven er bij operaties geen grote snijwonden meer gemaakt te worden. Gevolg is echter, dat de chirurg geen breed overzicht heeft zoals hij vroeger bij een opening van vijftien centimeter had; hij kan bijvoorbeeld niet meer gemakkelijk om een hoekje kijken. Daarom heeft de TU een goedkope endoscoop ontwikkeld die 180 graden kan draaien. ,,Dit is zo revolutionair, dat deze vinding pas een week na de opening op de tentoonstelling te zien zal zijn”, zegt Heijmans. ,,Het prototype wordt momenteel op een medisch congres in Canada getoond.”
Minimaal invasief
De TU brak het hoofd niet alleen over de nieuwe endoscoop, ook de tang die bij dergelijke ‘minimale invasieve chirurgie’ wordt gebruikt kon de afgelopen jaren wel wat verbetering gebruiken. De chirurg kon, door de relatief grote druk die hij moest uitoefenen op de tang om hem te bewegen, niet meer voelen of hij iets doorknipte of niet. OCP heeft bijna wrijvingsloze scharniertjes uitgevonden, waardoor dit ‘gevoelsverlies’ wordt gereduceerd van tachtig tot vier procent.
Een goede oog-handcoördinatie is bepaald geen overbodige luxe bij het gebruik van tangetjes in een lichaam dat niet meer met het blote oog te zien is. Dat niet iedereen over zo’n gave beschikt, mogen de bezoekers met behulp van de spiegel-end-trainer, die ook door aankomend chirurgen wordt gebruikt, aan den lijve ondervinden op de tentoonstelling.
Het Techniekmuseum kon het niet laten om naast de chirurgische instrumenten een uitstapje te maken naar tissue-engineering. Opvallend fenomeen daarin zijn speciale gipskorreltjes. Bij transplantatie kan het lichaam slechtreageren op lichaamsvreemde weefsels. Dat kan voorkomen worden door stamcellen uit de heup te halen en op te kweken op deze korreltjes. Mocht de patiënt bijvoorbeeld een gat in de kaak hebben, dan wordt dat opgevuld met de gipskorreltjes waarin de stamcellen zitten. ,,Het gips verdwijnt in de loop van de tijd en de botcellen groeien netjes aan”, legt Heijmans uit. Juist van een dergelijke kaakoperatie wist de directeur wel een video te bemachtigen. ,,Maar die was te erg om te laten zien.”
Deze week opent het Techniek Museum de tentoonstelling ‘Snijden door het sleutelgat’, een samenwerking tussen de TU Delft en de Reinier de Graaf Groep over technische snufjes in de operatiekamer. Compleet met de bloederige videobeelden bekend van de televisie. Én een spiksplinternieuwe, revolutionaire endoscoop, ontwikkeld aan de TU.
Een stap over de drempel van het Techniekmuseum en de bezoeker voelt de steriele hand van de chirurg bijna over de huid glijden. De aanblik van de witte kuipstoeltjes, de tijdschriften in de wachtkamer waarin patiënten zenuwachtig bladeren zonder daadwerkelijk iets te lezen, de te schone vloer: het stemt de geest niet tot vrolijkheid.
Toch is dit korte verblijf in de wachtkamer slechts de inleiding van de tentoonstelling ‘Snijden door het sleutelgat’. Een smalle, hagelwitte gang leidt naar de tentoonstellingsruimte. Aan het plafond: monitoren waarop ‘live’ operaties te zien zijn. ,,Het was nog behoorlijk lastig om die beelden te pakken te krijgen, vanwege privacy van de patiënten”, vertelt dr. Han Heijmans, directeur van het museum. ,,Maar via promotiemateriaal van bedrijven die operatiegereedschappen leveren konden we de beelden toch nog bemachtigen.”
De beelden zijn overigens niet herkenbaar als afkomstig van een mensenlichaam: de griezelige darmflora ziet er eerder uit als de broedplek voor slijmerige aliens. Als deze beelden nog maar nauwelijks verwerkt zijn, belandt de bezoeker – nu patiënt – via een imaginaire prik in een narcose. Wat volgt is een flitsende, veelkleurige ervaring. Deze narcosebeleving vormt een wezenlijk onderdeel van de expositie, zodat het niet alleen een kijktentoonstelling blijft, maar de bezoeker ook een ervaring meekrijgt.
Vernieuwingen
De tentoonstellingsruimte biedt een overzicht van de vernieuwingen in operatie-instrumenten. De instrumenten zijn voornamelijk door de TU bedacht en geleverd. Vier faculteiten werkten mee aan de producten: Ontwerp, Constructie en Productie, Technische Natuurwetenschappen, Informatietechnologie en Systemen en Bouwkunde. De laatste heeft onder leiding van prof.ir. Kas Oosterhuis de fantasie de vrije loop gelaten bij het ontwerpen van een futuristische operatiekamer. In een virtual-realitypresentatie is een soort mobiele blob te zien, die iedereen op straat zou kunnen tegenkomen. Zo zou er direct gebruik van gemaakt kunnen worden.
Tegen de achtergrond van een bloederige operatiefoto ligt een endoscoop: een camera aan een langwerpig buisje die door een opening van enkele millimeters in het lichaam kan worden gebracht. Het apparaat filmt de ingewanden, die vervolgens te zien zijn op een monitor. Zo hoeven er bij operaties geen grote snijwonden meer gemaakt te worden. Gevolg is echter, dat de chirurg geen breed overzicht heeft zoals hij vroeger bij een opening van vijftien centimeter had; hij kan bijvoorbeeld niet meer gemakkelijk om een hoekje kijken. Daarom heeft de TU een goedkope endoscoop ontwikkeld die 180 graden kan draaien. ,,Dit is zo revolutionair, dat deze vinding pas een week na de opening op de tentoonstelling te zien zal zijn”, zegt Heijmans. ,,Het prototype wordt momenteel op een medisch congres in Canada getoond.”
Minimaal invasief
De TU brak het hoofd niet alleen over de nieuwe endoscoop, ook de tang die bij dergelijke ‘minimale invasieve chirurgie’ wordt gebruikt kon de afgelopen jaren wel wat verbetering gebruiken. De chirurg kon, door de relatief grote druk die hij moest uitoefenen op de tang om hem te bewegen, niet meer voelen of hij iets doorknipte of niet. OCP heeft bijna wrijvingsloze scharniertjes uitgevonden, waardoor dit ‘gevoelsverlies’ wordt gereduceerd van tachtig tot vier procent.
Een goede oog-handcoördinatie is bepaald geen overbodige luxe bij het gebruik van tangetjes in een lichaam dat niet meer met het blote oog te zien is. Dat niet iedereen over zo’n gave beschikt, mogen de bezoekers met behulp van de spiegel-end-trainer, die ook door aankomend chirurgen wordt gebruikt, aan den lijve ondervinden op de tentoonstelling.
Het Techniekmuseum kon het niet laten om naast de chirurgische instrumenten een uitstapje te maken naar tissue-engineering. Opvallend fenomeen daarin zijn speciale gipskorreltjes. Bij transplantatie kan het lichaam slechtreageren op lichaamsvreemde weefsels. Dat kan voorkomen worden door stamcellen uit de heup te halen en op te kweken op deze korreltjes. Mocht de patiënt bijvoorbeeld een gat in de kaak hebben, dan wordt dat opgevuld met de gipskorreltjes waarin de stamcellen zitten. ,,Het gips verdwijnt in de loop van de tijd en de botcellen groeien netjes aan”, legt Heijmans uit. Juist van een dergelijke kaakoperatie wist de directeur wel een video te bemachtigen. ,,Maar die was te erg om te laten zien.”
Comments are closed.