Onderwijs

Herplaatsingscoördinator Fini Kruijswijk: Mijn taak zie ik als faciliterend voor P&O

Wie wil weten welke vacatures er op de TU zijn, kan zijn licht opsteken bij Fini Kruijswijk. Zij is de herplaatsingscoördinator en geeft ondersteuning aan de afdelingen Personeel en Organisatie bij het herplaatsen van medewerkers.

br />
Medewerkers van de TU Delft die door een reorganisatie boventallig zijn geworden, komen in aanmerking voor herplaatsing binnen de TU. Zij zullen dan kennismaken met Fini Kruijswijk, de herplaatsingcoördinator (Hpc). Haar taak is het afstemmen en begeleiden van alle TU-brede inspanningen gericht op herplaatsing. Zij ziet haar werk in de eerste plaats als faciliterend aan de P&O-(personeel en organisatie)afdelingen van de beheerseenheden. Dat is volgens Kruijswijk een breuk met de aanpak van haar voorgangster. ,,Zij was meer inhoudelijk bezig: welke baan past bij welke persoon? Dat is nu de taak van de P&O-afdeling van de betreffende beheerseenheid. Zelf vind ik dat logischer omdat P&O de persoon die boventallig wordt beter kent en meer zicht heeft op de kwaliteiten van hem of haar. Overigens kan daarnaast de betreffende P&O-afdeling ook besluiten loopbaanadvisering in te huren via een outplacementbureau. Dat is hun eigen keuze.”

Herplaatsingsplan

De TU Delft staat voor grotere veranderingen en de verwachting is dat hierdoor voor een aantal medewerkers consequenties zullen voortvloeien. Het college van bestuur streeft ernaar om gedwongen werkloosheid te voorkomen of in ieder geval tot een minimum te beperken. Om die reden is het herplaatsingonderzoek ingesteld dat in beginsel één jaar beslaat. Kruijswijk: ,,De start van het onderzoek is een kennismakingsgesprek tussen hoofd P&O of de P&O-adviseur, de betrokkene en ik als Hpc. Wij stellen tijdens dit gesprek een herplaatsingsplan op waarin duidelijk beschreven wordt wat de afspraken en verantwoordelijkheden zijn van alle partijen, en dat door alle aanwezigen wordt ondertekend.”

De taakverdeling is dat de Hpc de verantwoordelijke dienst adviseert over de instrumenten die ingezet zouden kunnen worden om de herplaatsing te bevorderen. ,,Dat kan een opleiding zijn of een workshop solliciteren. Er zijn mensen die al jaren bij de TU werken en dan boventallig worden en weer opnieuw moeten leren om een sollicitatiebrief te schrijven.”

Bij de Hpc worden alle vacatures binnen de TU aangemeld. Kruijswijk bepaalt of een van de herplaatsingskandidaten geschikt is voor een vacature: ,,Is dat het geval dan geef ik dit door aan de betreffende P&O-medewerker en die seint de betrokkenen in. Hij of zij moet dan zelf initiatief ondernemen om de die functie te verwerven.”

Lukt het, ondanks alles, niet om een boventallige binnen een jaar te herplaatsen binnen de TU, dan moet de zaak worden voorgelegd aan de Toetsingscommissie Herplaatsing. Die bekijkt of alle partijen zich voldoende hebben ingezet.

Presenteerblaadje

Een belangrijke rol bij het wel of niet slagen van een herplaatsing is volgens Kruijswijk de houding van de herplaatsingskandidaat zelf. ,,Iedere boventallige moet een rouwproces door. Het is niet makkelijk om de functie % en de bijbehorende collega’s % kwijt te raken waar je veel jaren met veel plezier hebt gewerkt. Daar reageert iedereen op een eigen manier op. Sommigen worden boos en anderen gelaten. Zo’n rouwperiode heeft tijd nodig en het is belangrijk dat iemand daar ruimte voor krijgt.” Met één opstelling heeft Kruijswijk wel moeite: ,,Dat zijn degenen die vinden dat alleen de TU een probleem heeft en zij niet. Ze vinden dat de TU hen op een presenteerblaadje een andere baan moet aanbieden en dat zij zelf niets hoeven doen. Dat werkt natuurlijk niet. Herplaatsing is een gezamenlijke verantwoordelijkheid.”

Wie wil weten welke vacatures er op de TU zijn, kan zijn licht opsteken bij Fini Kruijswijk. Zij is de herplaatsingscoördinator en geeft ondersteuning aan de afdelingen Personeel en Organisatie bij het herplaatsen van medewerkers.

Medewerkers van de TU Delft die door een reorganisatie boventallig zijn geworden, komen in aanmerking voor herplaatsing binnen de TU. Zij zullen dan kennismaken met Fini Kruijswijk, de herplaatsingcoördinator (Hpc). Haar taak is het afstemmen en begeleiden van alle TU-brede inspanningen gericht op herplaatsing. Zij ziet haar werk in de eerste plaats als faciliterend aan de P&O-(personeel en organisatie)afdelingen van de beheerseenheden. Dat is volgens Kruijswijk een breuk met de aanpak van haar voorgangster. ,,Zij was meer inhoudelijk bezig: welke baan past bij welke persoon? Dat is nu de taak van de P&O-afdeling van de betreffende beheerseenheid. Zelf vind ik dat logischer omdat P&O de persoon die boventallig wordt beter kent en meer zicht heeft op de kwaliteiten van hem of haar. Overigens kan daarnaast de betreffende P&O-afdeling ook besluiten loopbaanadvisering in te huren via een outplacementbureau. Dat is hun eigen keuze.”

Herplaatsingsplan

De TU Delft staat voor grotere veranderingen en de verwachting is dat hierdoor voor een aantal medewerkers consequenties zullen voortvloeien. Het college van bestuur streeft ernaar om gedwongen werkloosheid te voorkomen of in ieder geval tot een minimum te beperken. Om die reden is het herplaatsingonderzoek ingesteld dat in beginsel één jaar beslaat. Kruijswijk: ,,De start van het onderzoek is een kennismakingsgesprek tussen hoofd P&O of de P&O-adviseur, de betrokkene en ik als Hpc. Wij stellen tijdens dit gesprek een herplaatsingsplan op waarin duidelijk beschreven wordt wat de afspraken en verantwoordelijkheden zijn van alle partijen, en dat door alle aanwezigen wordt ondertekend.”

De taakverdeling is dat de Hpc de verantwoordelijke dienst adviseert over de instrumenten die ingezet zouden kunnen worden om de herplaatsing te bevorderen. ,,Dat kan een opleiding zijn of een workshop solliciteren. Er zijn mensen die al jaren bij de TU werken en dan boventallig worden en weer opnieuw moeten leren om een sollicitatiebrief te schrijven.”

Bij de Hpc worden alle vacatures binnen de TU aangemeld. Kruijswijk bepaalt of een van de herplaatsingskandidaten geschikt is voor een vacature: ,,Is dat het geval dan geef ik dit door aan de betreffende P&O-medewerker en die seint de betrokkenen in. Hij of zij moet dan zelf initiatief ondernemen om de die functie te verwerven.”

Lukt het, ondanks alles, niet om een boventallige binnen een jaar te herplaatsen binnen de TU, dan moet de zaak worden voorgelegd aan de Toetsingscommissie Herplaatsing. Die bekijkt of alle partijen zich voldoende hebben ingezet.

Presenteerblaadje

Een belangrijke rol bij het wel of niet slagen van een herplaatsing is volgens Kruijswijk de houding van de herplaatsingskandidaat zelf. ,,Iedere boventallige moet een rouwproces door. Het is niet makkelijk om de functie % en de bijbehorende collega’s % kwijt te raken waar je veel jaren met veel plezier hebt gewerkt. Daar reageert iedereen op een eigen manier op. Sommigen worden boos en anderen gelaten. Zo’n rouwperiode heeft tijd nodig en het is belangrijk dat iemand daar ruimte voor krijgt.” Met één opstelling heeft Kruijswijk wel moeite: ,,Dat zijn degenen die vinden dat alleen de TU een probleem heeft en zij niet. Ze vinden dat de TU hen op een presenteerblaadje een andere baan moet aanbieden en dat zij zelf niets hoeven doen. Dat werkt natuurlijk niet. Herplaatsing is een gezamenlijke verantwoordelijkheid.”

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.