Campus

Ik kan enthousiasmerend vertellen

Eindelijk. De TU Delft heeft weer een hoogleraar ondergronds bouwen. Johan Bosch (46) volgt de Hongaar Horvat op, die eind 1999 vertrok. Bosch is daarnaast manager bij de bouw van de Noord-Zuidlijn.

,,Ik ben een andersoortige hoogleraar.”

Zijn werkkamer op de tweede verdieping van Civiele Techniek oogt leeg. En zijn laptop heeft nog moeite met inloggen op het computernetwerk van de universiteit. Johan Bosch is nieuw, het is zijn tweede werkdag in Delft. Een visitekaartje van de TU heeft hij nog niet. Maar op zijn kaartje van de gemeente Amsterdam staat zijn nieuwe titel al duidelijk vermeld: prof.ir. Johan W. Bosch.

In zijn hoedanigheid als bouwmanager van de Amsterdamse Noord-Zuidlijn verscheen Bosch gisteren voor de parlementaire enquêtecommissie. Hij kwam de gang van zaken rond de aanbesteding van de metrolijn toelichten. Inhoudelijk wil hij over de bouwfraude tijdens het interview niets kwijt. ,,Dat wil ik volledig buiten mijn werk aan de universiteit houden.”

Bosch is per 1 augustus aangesteld. Hij wordt % in tegenstelling tot zijn voorganger Horvat % een praktijkhoogleraar. Eén dag in de week zit hij op de universiteit, de overige dagen blijft hij betrokken bij de bouw van de nieuwe Amsterdamse metrolijn. Bosch: ,,Mijn andere baan is heel fascinerend % die wil ik niet loslaten.”

Uniek

De bouwmanager neemt veel kennis mee naar Delft. In zijn onderwijs zullen praktijkvoorbeelden dan ook een grote rol spelen. ,,Ik vertel in mijn colleges over de interessante aspecten die bij de Noord-Zuidlijn naar boven gekomen zijn”, aldus Bosch, die zijn ervaring in de bouwwereld een voordeel noemt. ,,Bij de ontwikkeling van de Noord-Zuidlijn is veel nieuwe kennis ontwikkeld. We hebben zelf onderzoek uitgevoerd % design by testing. Een voorbeeld: om de risico’s van het metroproject in kaart te kunnen brengen en tot aanvaardbare proporties terug te brengen, hebben we bij de Tweede Heinenoordtunnel een proefopstelling van typisch Amsterdamse funderingen nagebouwd. Zo konden we de effecten van een tunnelboormachine op gebouwen meten. De aanpak was heel wetenschappelijk. Dat is vrij uniek, vergelijkbaar met de voorbereidingen van de Oosterscheldedam. Bij dat project is toentertijd ook veel onderzoek gedaan.”

Mercatorplein

Ondergronds bouwen heeft hem niet altijd beziggehouden. Toen hij twintig jaar geleden afstudeerde bij Civiele Techniek had hij weinig kennis over bouwen onder het maaiveld. Zijn belangstelling ontstond pas in de praktijk % vooral tijdens werkzaamheden voor de gemeente Amsterdam. Zo was Bosch onder meer betrokken bij de aanleg van de Piet Heintunnel. ,,Een mooi project, omdat de tunnel integraal deel uitmaakte van een groter stedenbouwkundig plan. Dat was voor het eerst in Nederland.”

Langzaam raakte hij geïnteresseerd. Maar wat is er zo interessant aan zijn vakgebied? Bosch: ,,Bij ondergronds bouwen kun je maar de helft van de constructie zien. Van de andere helft kun je slechts hopen dat hij is zoals je hem hebben wilt. En daarnaast: je bouwt niet alleen in de grond, je bouwt ook met grond. Grond is een grillig materiaal. Er is meer onzekerheid dan bijhet uitrekenen van een brugdek, zoals ik dat tijdens mijn afstuderen gedaan heb.”

De parkeergarage onder het Amsterdamse Mercatorplein, waaraan hij zelf meewerkte, is een van zijn favoriete ondergrondse projecten. ,,Het is een mooie combinatie van ondergronds bouwen en meervoudig ruimtegebruik. De buurt waarin het plein ligt had te kampen met verschillende problemen: verloedering, een openbare ruimte van lage kwaliteit, te weinig parkeergelegenheid. Er is gekozen voor een ondergrondse parkeergarage en een gewijzigde verkeerssituatie, waardoor een prachtig plein gerealiseerd kon worden. Het was een integraal plan dat de sociale en de ruimtelijke problemen oploste.”

Maar ondergronds bouwen moet geen doel op zich worden, vindt Bosch. Over de tunnel onder het Groene Hart is hij bijvoorbeeld sceptisch. ,,Ik weet niet of de kosten van zo’n enorme tunnel opwegen tegen de nadelige effecten van die vier treinen per uur door de weilanden. Misschien had de overheid iets langer moeten nadenken. Hoewel het technisch gezien een prachtig project is natuurlijk.”

Oneliners

Expertise lijkt Bosch voldoende te hebben. Maar is hij ook als persoon geschikt voor het vak van hoogleraar? ,,Ik ben een andersoortige hoogleraar; niet écht een wetenschapper, niet gepromoveerd. In de klassieke definitie werken wetenschappers die doorwrocht zijn met hun vakgebied, aan de uitbreiding van dat vakgebied. In dat profiel pas ik niet. Toch denk ik dat ik een aantal eigenschappen heb, die mij geschikt maken als praktijkhoogleraar. Ik ben goed in het analyseren en ordenen van complexe zaken. Dat is belangrijk bij ondergronds bouwen, want het is complexe materie waar niet alleen de bouwtechniek een rol speelt, maar ook sociale aspecten als veiligheid en beleving van de ruimte.” Daarnaast noemt Bosch zijn communicatieve vaardigheden. ,,Ik kan heel enthousiasmerend vertellen. Bij de Noord-Zuidlijn heb ik veel moeten uitleggen aan mensen zonder technische achtergrond. Ik moest ze overtuigen dat zo’n complex project toch verantwoord gebouwd kan worden. Dat vereist een inzicht om technische zaken begrijpelijk te maken. Voor het geven van onderwijs is dat ook een belangrijke kwaliteit.”

,,Rondom het referendum over de aanleg van de metrolijn heb ik de plannen aan half Amsterdam uitgelegd”, vervolgt hij. ,,Dan moet je niet vervallen in oneliners, maar wel zo helder mogelijk lastige boodschappen uitleggen. Mensen kwamen met vragen over het nut en de noodzaak van het project, maar ook met aardse vragen of hun vuilnis wel opgehaald zou worden tijdens de bouwwerkzaamheden. Dat waren spannende momenten, want het referendum had het einde van het project kunnen betekenen.”

,,Communicatie is heel belangrijk % dat zouden de dames en heren technici zich wel wat beter eigen mogen maken. Daarmee ontsluit je het vakgebied voor niet-technici. Ik heb gemerkt dat veel mensen geboeid raken door bouwprojecten. Als je het goed overbrengt, vinden veel mensen de aanleg van een tunnel net een spannend jongensboek. Of ik dat ook vind? Nee, zelf kijk ik er iets professioneler tegenaan.”

Eindelijk. De TU Delft heeft weer een hoogleraar ondergronds bouwen. Johan Bosch (46) volgt de Hongaar Horvat op, die eind 1999 vertrok. Bosch is daarnaast manager bij de bouw van de Noord-Zuidlijn. ,,Ik ben een andersoortige hoogleraar.”

Zijn werkkamer op de tweede verdieping van Civiele Techniek oogt leeg. En zijn laptop heeft nog moeite met inloggen op het computernetwerk van de universiteit. Johan Bosch is nieuw, het is zijn tweede werkdag in Delft. Een visitekaartje van de TU heeft hij nog niet. Maar op zijn kaartje van de gemeente Amsterdam staat zijn nieuwe titel al duidelijk vermeld: prof.ir. Johan W. Bosch.

In zijn hoedanigheid als bouwmanager van de Amsterdamse Noord-Zuidlijn verscheen Bosch gisteren voor de parlementaire enquêtecommissie. Hij kwam de gang van zaken rond de aanbesteding van de metrolijn toelichten. Inhoudelijk wil hij over de bouwfraude tijdens het interview niets kwijt. ,,Dat wil ik volledig buiten mijn werk aan de universiteit houden.”

Bosch is per 1 augustus aangesteld. Hij wordt % in tegenstelling tot zijn voorganger Horvat % een praktijkhoogleraar. Eén dag in de week zit hij op de universiteit, de overige dagen blijft hij betrokken bij de bouw van de nieuwe Amsterdamse metrolijn. Bosch: ,,Mijn andere baan is heel fascinerend % die wil ik niet loslaten.”

Uniek

De bouwmanager neemt veel kennis mee naar Delft. In zijn onderwijs zullen praktijkvoorbeelden dan ook een grote rol spelen. ,,Ik vertel in mijn colleges over de interessante aspecten die bij de Noord-Zuidlijn naar boven gekomen zijn”, aldus Bosch, die zijn ervaring in de bouwwereld een voordeel noemt. ,,Bij de ontwikkeling van de Noord-Zuidlijn is veel nieuwe kennis ontwikkeld. We hebben zelf onderzoek uitgevoerd % design by testing. Een voorbeeld: om de risico’s van het metroproject in kaart te kunnen brengen en tot aanvaardbare proporties terug te brengen, hebben we bij de Tweede Heinenoordtunnel een proefopstelling van typisch Amsterdamse funderingen nagebouwd. Zo konden we de effecten van een tunnelboormachine op gebouwen meten. De aanpak was heel wetenschappelijk. Dat is vrij uniek, vergelijkbaar met de voorbereidingen van de Oosterscheldedam. Bij dat project is toentertijd ook veel onderzoek gedaan.”

Mercatorplein

Ondergronds bouwen heeft hem niet altijd beziggehouden. Toen hij twintig jaar geleden afstudeerde bij Civiele Techniek had hij weinig kennis over bouwen onder het maaiveld. Zijn belangstelling ontstond pas in de praktijk % vooral tijdens werkzaamheden voor de gemeente Amsterdam. Zo was Bosch onder meer betrokken bij de aanleg van de Piet Heintunnel. ,,Een mooi project, omdat de tunnel integraal deel uitmaakte van een groter stedenbouwkundig plan. Dat was voor het eerst in Nederland.”

Langzaam raakte hij geïnteresseerd. Maar wat is er zo interessant aan zijn vakgebied? Bosch: ,,Bij ondergronds bouwen kun je maar de helft van de constructie zien. Van de andere helft kun je slechts hopen dat hij is zoals je hem hebben wilt. En daarnaast: je bouwt niet alleen in de grond, je bouwt ook met grond. Grond is een grillig materiaal. Er is meer onzekerheid dan bijhet uitrekenen van een brugdek, zoals ik dat tijdens mijn afstuderen gedaan heb.”

De parkeergarage onder het Amsterdamse Mercatorplein, waaraan hij zelf meewerkte, is een van zijn favoriete ondergrondse projecten. ,,Het is een mooie combinatie van ondergronds bouwen en meervoudig ruimtegebruik. De buurt waarin het plein ligt had te kampen met verschillende problemen: verloedering, een openbare ruimte van lage kwaliteit, te weinig parkeergelegenheid. Er is gekozen voor een ondergrondse parkeergarage en een gewijzigde verkeerssituatie, waardoor een prachtig plein gerealiseerd kon worden. Het was een integraal plan dat de sociale en de ruimtelijke problemen oploste.”

Maar ondergronds bouwen moet geen doel op zich worden, vindt Bosch. Over de tunnel onder het Groene Hart is hij bijvoorbeeld sceptisch. ,,Ik weet niet of de kosten van zo’n enorme tunnel opwegen tegen de nadelige effecten van die vier treinen per uur door de weilanden. Misschien had de overheid iets langer moeten nadenken. Hoewel het technisch gezien een prachtig project is natuurlijk.”

Oneliners

Expertise lijkt Bosch voldoende te hebben. Maar is hij ook als persoon geschikt voor het vak van hoogleraar? ,,Ik ben een andersoortige hoogleraar; niet écht een wetenschapper, niet gepromoveerd. In de klassieke definitie werken wetenschappers die doorwrocht zijn met hun vakgebied, aan de uitbreiding van dat vakgebied. In dat profiel pas ik niet. Toch denk ik dat ik een aantal eigenschappen heb, die mij geschikt maken als praktijkhoogleraar. Ik ben goed in het analyseren en ordenen van complexe zaken. Dat is belangrijk bij ondergronds bouwen, want het is complexe materie waar niet alleen de bouwtechniek een rol speelt, maar ook sociale aspecten als veiligheid en beleving van de ruimte.” Daarnaast noemt Bosch zijn communicatieve vaardigheden. ,,Ik kan heel enthousiasmerend vertellen. Bij de Noord-Zuidlijn heb ik veel moeten uitleggen aan mensen zonder technische achtergrond. Ik moest ze overtuigen dat zo’n complex project toch verantwoord gebouwd kan worden. Dat vereist een inzicht om technische zaken begrijpelijk te maken. Voor het geven van onderwijs is dat ook een belangrijke kwaliteit.”

,,Rondom het referendum over de aanleg van de metrolijn heb ik de plannen aan half Amsterdam uitgelegd”, vervolgt hij. ,,Dan moet je niet vervallen in oneliners, maar wel zo helder mogelijk lastige boodschappen uitleggen. Mensen kwamen met vragen over het nut en de noodzaak van het project, maar ook met aardse vragen of hun vuilnis wel opgehaald zou worden tijdens de bouwwerkzaamheden. Dat waren spannende momenten, want het referendum had het einde van het project kunnen betekenen.”

,,Communicatie is heel belangrijk % dat zouden de dames en heren technici zich wel wat beter eigen mogen maken. Daarmee ontsluit je het vakgebied voor niet-technici. Ik heb gemerkt dat veel mensen geboeid raken door bouwprojecten. Als je het goed overbrengt, vinden veel mensen de aanleg van een tunnel net een spannend jongensboek. Of ik dat ook vind? Nee, zelf kijk ik er iets professioneler tegenaan.”

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.