Jan Selen, dit jaar afgestudeerd als industrieel ontwerper, stopt met ‘Morgen is er weer een dag’, de wekelijkse strip op de achterpagina van Delta.
Voor zijn scriptie over mobiliteit ontwierp hij een stad van de toekomst.
,,Strips maken is goed voor mij. Het dwingt me een vaag idee uit te werken in een gestructureerd verhaal. Dat heb ik nodig, anders blijven mijn ideeën zweven.”
Toch houd je op met ‘Morgen is er weer een dag’…
,,Vannacht heb ik het laatste stripje getekend. Omdat ik een paar maanden geleden ben verhuisd naar Amsterdam, maak ik de strip tegenwoordig vooral op basis van herinneringen. Dat vind ik moeilijk. En ik denk dat ik verder moet. Ik werk nu twee dagen bij Springtime, het Amsterdamse ontwerpbureau waar ik dit jaar ben afgestudeerd. Daarnaast wil ik veel andere dingetjes doen. Oók striptekenen.”
Ben jij zo’n jongen die van kinds af aan zat te tekenen op servetjes, bierviltjes, proefwerkblaadjes?
,,Ik moest altijd tekenen, ja. Het is voor mij ook een manier om de aandacht erbij te houden. Als ik teken, kan ik beter luisteren. Ik ben heel snel afgeleid, vooral door visuele prikkels.”
Van zo iemand verwacht je een drukke strip. ‘Dag’ oogst vrij strak.
,,Compensatie voor mijn onrust, misschien. De personages zijn lustelozer dan ik. Ze zijn erg passief. Ik denk dat dat er is ingeslopen met die horizontale streep op de plaats van hun ogen.”
‘Dag’ begon in 1999 als zwart-wit strip. Had je meteen de juiste vorm te pakken?
,,Nee. In het begin was het allemaal veel losser. Zo’n strip heeft tijd nodig om zich te ontwikkelen.”
Soms riep je strip weerstand op. Een corpsstudent die verontwaardigd reageert als hij een weerloos kereltje in elkaar ziet beuken, tot hij hoort dat het om een eerstejaars gaat. Dat leverde een boze brief op.
,,Ik vind het goed om af en toe een beetje stennis te schoppen. Maar ‘Dag’ had veel erger gekund. Dat heb ik bewust niet gedaan. Uiteindelijk ben ik best een brave jongen. Cynisme vind ik de leukste vorm van humor. Die typisch Nederlandse lompheid van Fokke en Sukke: prachtig. Of Gummbah % die kan zeer grof zijn, maar er zit tegelijkertijd wel vaak een wereldgrap in verwerkt. Zulke dingen zou ik ook willen bedenken. En dat heeft alles te maken met het loslaten van beperkingen. Zelf heb ik een tijd lang het plezier in het stripmaken verloren, toen ik het idee kreeg dat ik volgens een vaste formule werkte.”
Waar komt de inspiratie vandaan?
,,In de allereerste plaats: het studentenhuis waar ik woonde. Autobiografische dingen, die je een beetje overdrijft. Een student die netjes studeert, is saai. Daarom heb ik de luie student als uitgangspunt genomen. Iemand die niets doet, daar kun je je fantasie op loslaten.”
Komen de grappen makkelijk?
,,Ik probeer voortdurend alert te zijn op grappen. Maar in de periode dat ik moest afstuderen, was daar geen tijd meer voor. Dan sta je maandagavond, vlak voor de deadline, nerveus op het balkon een peuk te roken, terwijl je systematisch alle onderwerpen uit het studentenleven nagaat die een goede grap kunnen opleveren. Ik was lang niet altijd tevreden. Je kunt een grap sterker maken door slimmer te spelen met de plaatjes, langer na te denken over wat de personages moeten zeggen. Daar was soms te weinig tijd voor, en dan baal je wel.”
Heb je een favoriete aflevering?
,,Het RSI-stripje. Ken je die? Je ziet eerst alleen een hoofdje: Dit is Frank. En Frank weet niet.. wat RSI betekent. Op het laatste plaatje blijkt Frank geen armen te hebben. Het is heel lelijk getekend, want ik kon mijn linkerhand toen niet meer gebruiken.”
En een paar Delta’s later was je strip opeens verdwenen, met de mededeling: Jan Selen is wegens RSI uit de roulatie.
,,Goede zelfspot toch, zo’n stripje? Jezelf durven confronteren met je eigen ellende.”
Hoe heb je RSI gekregen?
,,Ik heb er thuis tijdens het tekenen last van gekregen. Maar in die periode was mijn hoofd op hol geslagen, ik deed zoveel dingen tegelijk. Als ik nu last krijg van mijn arm, kan ik bij wijze van spreken gaan tekenen als ontspanningsoefening % en dan gaat het over. Ik heb Ceasar-therapie gedaan: rechtop zitten, schouders omlaag, enzovoorts. Ik was zo druk het nut van die oefeningen aan het analyseren, dat de therapeute op een gegeven moment helemaal genoeg van me had. Houd maar op! We gaan een ontspanningsoefening doen! zei ze. Ze heeft me toen een ontspanningsoefening geleerd, waarmee ik in mijn hoofd kan relaxen, zeg maar. En dat heeft geholpen.”
In je afstudeerscriptie ga je de verkeersproblemen in de grote stad te lijf door een wereld te ontwerpen die doet denken aan Metropolisof The Fifth Element. Mobiliteit op grote hoogten…
,,Volgens mij is dat een heel oud idee. Ik snap niet waarom ik het niet terugzie in mobiliteitsscenario’s voor de grootste stad. Het blijft maar plat, allemaal. Ik heb niet de indruk dat er slim wordt omgesprongen met mobiliteit. Als IO-student probeerde ik eerst auto’s te ontwerpen. Maar op een gegeven denk je: waarom een auto ontwerpen als hij toch steeds in de file staat? Het probleem lag veel verder terug. Zo is het een bijna stedenbouwkundig afstudeerproject geworden.”
Waarom zo’n groot project? Waarom ontwerp je geen lamp, geen wasknijper?
,,Dat boeit me niet zo. Ik ben blij dat er wasknijpers zijn, maar ik hoef ze niet zo nodig ook te ontwerpen.”
Voor liefhebbers van jouw strip heeft jouw afstudeerscriptie een speciale charme. Je ziet Selen-mannetjes opeens ronddartelen in een futuristische wereld.
,,Het zijn de wat serieuzere neefjes van de studenten uit de Delta-strip, zeg maar.”
Jouw stad van de toekomst is imposant, spannend, maar niet gezellig of geruststellend.
,,Daar wilde ik vanaf: die klefheid, zo’n teletubbieland dat altijd wordt nagestreefd. Een stad moet er als een stad uitzien. Maar eigenlijk heb ik bewust gemeden uitspraken te doen over over politiek, economie, ecologie.. Ik zoek het eerder in een sfeerbeeld. ”
Je schept het liefst fictieve werelden?
,,Nou, het lijkt me wel tof om iets te realiseren. Maar ik zou nooit willen dat een product dat ik ontworpen heb, ooit gemaakt wordt… Dat is een makkelijke uitvlucht eigenlijk, he? Beetje laf. Uiteindelijk gaat het toch om de werkelijkheid.”
Jan Selen, dit jaar afgestudeerd als industrieel ontwerper, stopt met ‘Morgen is er weer een dag’, de wekelijkse strip op de achterpagina van Delta. Voor zijn scriptie over mobiliteit ontwierp hij een stad van de toekomst.
,,Strips maken is goed voor mij. Het dwingt me een vaag idee uit te werken in een gestructureerd verhaal. Dat heb ik nodig, anders blijven mijn ideeën zweven.”
Toch houd je op met ‘Morgen is er weer een dag’…
,,Vannacht heb ik het laatste stripje getekend. Omdat ik een paar maanden geleden ben verhuisd naar Amsterdam, maak ik de strip tegenwoordig vooral op basis van herinneringen. Dat vind ik moeilijk. En ik denk dat ik verder moet. Ik werk nu twee dagen bij Springtime, het Amsterdamse ontwerpbureau waar ik dit jaar ben afgestudeerd. Daarnaast wil ik veel andere dingetjes doen. Oók striptekenen.”
Ben jij zo’n jongen die van kinds af aan zat te tekenen op servetjes, bierviltjes, proefwerkblaadjes?
,,Ik moest altijd tekenen, ja. Het is voor mij ook een manier om de aandacht erbij te houden. Als ik teken, kan ik beter luisteren. Ik ben heel snel afgeleid, vooral door visuele prikkels.”
Van zo iemand verwacht je een drukke strip. ‘Dag’ oogst vrij strak.
,,Compensatie voor mijn onrust, misschien. De personages zijn lustelozer dan ik. Ze zijn erg passief. Ik denk dat dat er is ingeslopen met die horizontale streep op de plaats van hun ogen.”
‘Dag’ begon in 1999 als zwart-wit strip. Had je meteen de juiste vorm te pakken?
,,Nee. In het begin was het allemaal veel losser. Zo’n strip heeft tijd nodig om zich te ontwikkelen.”
Soms riep je strip weerstand op. Een corpsstudent die verontwaardigd reageert als hij een weerloos kereltje in elkaar ziet beuken, tot hij hoort dat het om een eerstejaars gaat. Dat leverde een boze brief op.
,,Ik vind het goed om af en toe een beetje stennis te schoppen. Maar ‘Dag’ had veel erger gekund. Dat heb ik bewust niet gedaan. Uiteindelijk ben ik best een brave jongen. Cynisme vind ik de leukste vorm van humor. Die typisch Nederlandse lompheid van Fokke en Sukke: prachtig. Of Gummbah % die kan zeer grof zijn, maar er zit tegelijkertijd wel vaak een wereldgrap in verwerkt. Zulke dingen zou ik ook willen bedenken. En dat heeft alles te maken met het loslaten van beperkingen. Zelf heb ik een tijd lang het plezier in het stripmaken verloren, toen ik het idee kreeg dat ik volgens een vaste formule werkte.”
Waar komt de inspiratie vandaan?
,,In de allereerste plaats: het studentenhuis waar ik woonde. Autobiografische dingen, die je een beetje overdrijft. Een student die netjes studeert, is saai. Daarom heb ik de luie student als uitgangspunt genomen. Iemand die niets doet, daar kun je je fantasie op loslaten.”
Komen de grappen makkelijk?
,,Ik probeer voortdurend alert te zijn op grappen. Maar in de periode dat ik moest afstuderen, was daar geen tijd meer voor. Dan sta je maandagavond, vlak voor de deadline, nerveus op het balkon een peuk te roken, terwijl je systematisch alle onderwerpen uit het studentenleven nagaat die een goede grap kunnen opleveren. Ik was lang niet altijd tevreden. Je kunt een grap sterker maken door slimmer te spelen met de plaatjes, langer na te denken over wat de personages moeten zeggen. Daar was soms te weinig tijd voor, en dan baal je wel.”
Heb je een favoriete aflevering?
,,Het RSI-stripje. Ken je die? Je ziet eerst alleen een hoofdje: Dit is Frank. En Frank weet niet.. wat RSI betekent. Op het laatste plaatje blijkt Frank geen armen te hebben. Het is heel lelijk getekend, want ik kon mijn linkerhand toen niet meer gebruiken.”
En een paar Delta’s later was je strip opeens verdwenen, met de mededeling: Jan Selen is wegens RSI uit de roulatie.
,,Goede zelfspot toch, zo’n stripje? Jezelf durven confronteren met je eigen ellende.”
Hoe heb je RSI gekregen?
,,Ik heb er thuis tijdens het tekenen last van gekregen. Maar in die periode was mijn hoofd op hol geslagen, ik deed zoveel dingen tegelijk. Als ik nu last krijg van mijn arm, kan ik bij wijze van spreken gaan tekenen als ontspanningsoefening % en dan gaat het over. Ik heb Ceasar-therapie gedaan: rechtop zitten, schouders omlaag, enzovoorts. Ik was zo druk het nut van die oefeningen aan het analyseren, dat de therapeute op een gegeven moment helemaal genoeg van me had. Houd maar op! We gaan een ontspanningsoefening doen! zei ze. Ze heeft me toen een ontspanningsoefening geleerd, waarmee ik in mijn hoofd kan relaxen, zeg maar. En dat heeft geholpen.”
In je afstudeerscriptie ga je de verkeersproblemen in de grote stad te lijf door een wereld te ontwerpen die doet denken aan Metropolisof The Fifth Element. Mobiliteit op grote hoogten…
,,Volgens mij is dat een heel oud idee. Ik snap niet waarom ik het niet terugzie in mobiliteitsscenario’s voor de grootste stad. Het blijft maar plat, allemaal. Ik heb niet de indruk dat er slim wordt omgesprongen met mobiliteit. Als IO-student probeerde ik eerst auto’s te ontwerpen. Maar op een gegeven denk je: waarom een auto ontwerpen als hij toch steeds in de file staat? Het probleem lag veel verder terug. Zo is het een bijna stedenbouwkundig afstudeerproject geworden.”
Waarom zo’n groot project? Waarom ontwerp je geen lamp, geen wasknijper?
,,Dat boeit me niet zo. Ik ben blij dat er wasknijpers zijn, maar ik hoef ze niet zo nodig ook te ontwerpen.”
Voor liefhebbers van jouw strip heeft jouw afstudeerscriptie een speciale charme. Je ziet Selen-mannetjes opeens ronddartelen in een futuristische wereld.
,,Het zijn de wat serieuzere neefjes van de studenten uit de Delta-strip, zeg maar.”
Jouw stad van de toekomst is imposant, spannend, maar niet gezellig of geruststellend.
,,Daar wilde ik vanaf: die klefheid, zo’n teletubbieland dat altijd wordt nagestreefd. Een stad moet er als een stad uitzien. Maar eigenlijk heb ik bewust gemeden uitspraken te doen over over politiek, economie, ecologie.. Ik zoek het eerder in een sfeerbeeld. ”
Je schept het liefst fictieve werelden?
,,Nou, het lijkt me wel tof om iets te realiseren. Maar ik zou nooit willen dat een product dat ik ontworpen heb, ooit gemaakt wordt… Dat is een makkelijke uitvlucht eigenlijk, he? Beetje laf. Uiteindelijk gaat het toch om de werkelijkheid.”
Comments are closed.