,,Het Legolied is een treffende beschrijving van het thema ‘pleasures of engineering’,” zo legt discussieleider Botte Jellema aan het begin van de avond uit.
Inderdaad zit in de tekst van het vierregelig couplet een basaal ingenieursgevoel gebakken: ,,Van Lego kun je alles maken: een boot, een vliegtuig en een trein. Een huis met echte daken, ja spelen met Lego is fijn!”
Tijdens deze avond in het symposium ‘Heroic Engineering’ staat het plezier dat het beroep met zich meebrengt centraal. Of eerder: het plezier dat het beroep met zich mee zou moeten brengen, want niet iedereen in de zaal of het panel is overtuigd van de ‘fulfilment’ die een ingenieur beleeft.
Als kapstok voor de discussie dient het boek Existential Pleasures of Engineering, dat panellid Sam Florman in 1976 (!) schreef. De twee studenten aan de tafel hebben het boek als voorbereiding gelezen. Eline van Maanen (derdejaars industrieel ontwerpen) is oprecht verbaasd, dat ze na drie jaar studeren via een boek moet ontdekken dat het leuk is om ingenieur te zijn – en te worden. Florman benadrukt, dat er eerder iets mis is met ingenieursopleidingen dan met het beroep op zich. In de Verenigde Staten is dat te verklaren uit de historische betrokkenheid van de opleidingen bij het leger. ,,De eerste opleiding tot ingenieur ontstond op een legerkamp.” Florman trekt een analogie met het ‘boot camp’, waarbij de ‘recruten’ in enkele maanden discipline en tucht worden ingehamerd. In de jaren zestig verandert de instelling en toon van de opleidingen, maar ook nu nog kan veel worden verbeterd door te experimenteren en ontwerponderwijs in groepen te geven om het enthousiasme aan te wakkeren.
Ook de andere tafelgast, John Ehrenfeld, ziet de huidige situatie in een historisch perspectief. ,,Ik ging chemie studeren op MIT, omdat ik al sinds mijn vierde bezeten was door de geur die hing in de brouwerij van mijn vader.” Tegenwoordig zijn de motieven om techniek te gaan studeren heel anders en is de plaats van techniek in de maatschappij verschoven. Roel van Raak (TB) denkt dat een cultuurverandering nodig is om studenten meer plezier te laten krijgen in hun vak. ,,Het is heel gemakkelijk, zeker als student, om het systeem of docenten de schuld te geven. Misschien moeten ook studenten een cultuuromslag maken.” Volgens Florman zal dit moeilijk zijn: eenderde van de studenten wordt ingenieur vanwege de toekomstperspectieven, eenderde uit een fascinatie voor techniek en de rest zit daar tussenin.
Al met al lijkt het matig gesteld met de passie voor techniek op de TU Delft, totdat prof.dr.ir. Pieter Kruit uit het publiek opstaat en het voor zijn vak opneemt. ,,Natuurlijk zijn tijden veranderd, en komen studenten nu niet meer binnen omdat ze vroeger al hun brommer uit elkaar sleutelden. Maar het plezier in het vak is er niet minder om.” Voor Kruit ligt het genoegen vooral in het praktisch oplossen van problemen.,,Plezier is het met papier en potlood iets creëren wat er nog niet is.” De maatschappij zou instorten, als de technologie niet steeds zou worden verbeterd.,,De samenleving streeft naar totale chaos. Wij ingenieurs zijn de enigen die dat voorkomen.”
Die uitspraak kenmerkt de avond. Techniek is toch nog gewoon leuk. Want: ,,spelen met Lego is fijn!”
,,Het Legolied is een treffende beschrijving van het thema ‘pleasures of engineering’,” zo legt discussieleider Botte Jellema aan het begin van de avond uit. Inderdaad zit in de tekst van het vierregelig couplet een basaal ingenieursgevoel gebakken: ,,Van Lego kun je alles maken: een boot, een vliegtuig en een trein. Een huis met echte daken, ja spelen met Lego is fijn!”
Tijdens deze avond in het symposium ‘Heroic Engineering’ staat het plezier dat het beroep met zich meebrengt centraal. Of eerder: het plezier dat het beroep met zich mee zou moeten brengen, want niet iedereen in de zaal of het panel is overtuigd van de ‘fulfilment’ die een ingenieur beleeft.
Als kapstok voor de discussie dient het boek Existential Pleasures of Engineering, dat panellid Sam Florman in 1976 (!) schreef. De twee studenten aan de tafel hebben het boek als voorbereiding gelezen. Eline van Maanen (derdejaars industrieel ontwerpen) is oprecht verbaasd, dat ze na drie jaar studeren via een boek moet ontdekken dat het leuk is om ingenieur te zijn – en te worden. Florman benadrukt, dat er eerder iets mis is met ingenieursopleidingen dan met het beroep op zich. In de Verenigde Staten is dat te verklaren uit de historische betrokkenheid van de opleidingen bij het leger. ,,De eerste opleiding tot ingenieur ontstond op een legerkamp.” Florman trekt een analogie met het ‘boot camp’, waarbij de ‘recruten’ in enkele maanden discipline en tucht worden ingehamerd. In de jaren zestig verandert de instelling en toon van de opleidingen, maar ook nu nog kan veel worden verbeterd door te experimenteren en ontwerponderwijs in groepen te geven om het enthousiasme aan te wakkeren.
Ook de andere tafelgast, John Ehrenfeld, ziet de huidige situatie in een historisch perspectief. ,,Ik ging chemie studeren op MIT, omdat ik al sinds mijn vierde bezeten was door de geur die hing in de brouwerij van mijn vader.” Tegenwoordig zijn de motieven om techniek te gaan studeren heel anders en is de plaats van techniek in de maatschappij verschoven. Roel van Raak (TB) denkt dat een cultuurverandering nodig is om studenten meer plezier te laten krijgen in hun vak. ,,Het is heel gemakkelijk, zeker als student, om het systeem of docenten de schuld te geven. Misschien moeten ook studenten een cultuuromslag maken.” Volgens Florman zal dit moeilijk zijn: eenderde van de studenten wordt ingenieur vanwege de toekomstperspectieven, eenderde uit een fascinatie voor techniek en de rest zit daar tussenin.
Al met al lijkt het matig gesteld met de passie voor techniek op de TU Delft, totdat prof.dr.ir. Pieter Kruit uit het publiek opstaat en het voor zijn vak opneemt. ,,Natuurlijk zijn tijden veranderd, en komen studenten nu niet meer binnen omdat ze vroeger al hun brommer uit elkaar sleutelden. Maar het plezier in het vak is er niet minder om.” Voor Kruit ligt het genoegen vooral in het praktisch oplossen van problemen.,,Plezier is het met papier en potlood iets creëren wat er nog niet is.” De maatschappij zou instorten, als de technologie niet steeds zou worden verbeterd.,,De samenleving streeft naar totale chaos. Wij ingenieurs zijn de enigen die dat voorkomen.”
Die uitspraak kenmerkt de avond. Techniek is toch nog gewoon leuk. Want: ,,spelen met Lego is fijn!”
Comments are closed.