Onderwijs

Vakbonden blijven aanhikken tegen puntensysteem

Afgelopen vrijdag zijn op een bijeenkomst voor ondernemingsraad en vakbonden de voordelen van het puntensysteem uit de doeken gedaan. De bonden bleven sceptisch.

Geldt bij de reorganisatie straks last in, first out (lifo), of een puntensysteem waarbij naast het aantal dienstjaren ook zaken als persoonlijke kwaliteiten meewegen? Het college van bestuur heeft een voorkeur voor het laatste, omdat het meer mogelijkheden biedt om de best gekwalificeerde werknemers te behouden. Maar de vakbonden houden vooralsnog vast aan de eerder gemaakte keuze voor last in, first out. Dat is wel zo helder voor het personeel, vinden ze. Een puntensysteem zou zich ook teveel lenen voor misbruik.

Last in, first out is een wettelijk verplichte regeling. Om ervan af te wijken is instemming van de bonden nodig. Een mogelijk compromis zou een ‘uitgeklede’ versie van het puntensysteem kunnen zijn, waarbij de onderdelen ‘competenties’ (kwaliteiten) en ‘functioneren’ buiten beschouwing blijven. Het nieuwe systeem om zulke zaken op een zo objectief mogelijke manier te meten moet zich nog bewijzen, zo luidt de ratio achter dit compromis. Zaken als leeftijd, opleidingsniveau en geslacht (vrouwen krijgen een streepje voor) zouden bij dit compromis wel meetellen.

Aan organisatieadviseur dr. Jelle Dijkstra de lastige taak om ondernemingsraad en bonden te overtuigen van de zegeningen van het puntensysteem. “Je kunt zeggen dat last in, first out willekeur bij het ontslaan van personeel helpt te voorkomen”, zei Dijkstra. “Maar als je er het ‘slachtoffer’ van wordt, lijkt lifo zelf juist willekeurig.”

Een voorbeeld uit de praktijk moest aantonen dat lifo een bedrijf kapot kan maken. Juist de mensen die beschikten over nieuwe technologische kennis moesten vertrekken, vertelde Dijkstra. De mensen die konden blijven bleken onvoldoende in staat om nieuwe uitdagingen het hoofd te bieden. Dijkstra: “Ook de vakbond was in dit voorbeeld een tegenstander van last in, first out. Tevergeefs.”

Dijkstra demonstreerde het door zijn bedrijf ontwikkelde softwaretool Talentscape. Als in het kader van een puntensysteem competenties van ondersteuners worden gemeten, kan dat op een eerlijke, precieze en vooral niet te starre manier gebeuren, benadrukte hij.

Dijkstra vertelde dat minister De Geus (Sociale Zaken) van lifo af wil, al was het maar omdat het werknemers niet bepaald stimuleert om van baan te wisselen. Werkgevers omzeilen het systeem nu al op grote schaal. En botst lifo niet met Europese richtlijnen, die ook leeftijdsdiscriminatie van jonge mensen moeten uitbannen? “Er loopt momenteel een aantal interessante proefprocessen.”

Een spervuur aan argumenten, kortom. Maar uit de reacties viel af te leiden dat de tegenstanders nog niet om zijn. Het is de vraag of het college vertraging van de reorganisatie wil riskeren om het puntensysteem doorgevoerd te krijgen. Toch zal een eventueel compromis mogelijk nog wel enkele maanden op zich laten wachten.

Geldt bij de reorganisatie straks last in, first out (lifo), of een puntensysteem waarbij naast het aantal dienstjaren ook zaken als persoonlijke kwaliteiten meewegen? Het college van bestuur heeft een voorkeur voor het laatste, omdat het meer mogelijkheden biedt om de best gekwalificeerde werknemers te behouden. Maar de vakbonden houden vooralsnog vast aan de eerder gemaakte keuze voor last in, first out. Dat is wel zo helder voor het personeel, vinden ze. Een puntensysteem zou zich ook teveel lenen voor misbruik.

Last in, first out is een wettelijk verplichte regeling. Om ervan af te wijken is instemming van de bonden nodig. Een mogelijk compromis zou een ‘uitgeklede’ versie van het puntensysteem kunnen zijn, waarbij de onderdelen ‘competenties’ (kwaliteiten) en ‘functioneren’ buiten beschouwing blijven. Het nieuwe systeem om zulke zaken op een zo objectief mogelijke manier te meten moet zich nog bewijzen, zo luidt de ratio achter dit compromis. Zaken als leeftijd, opleidingsniveau en geslacht (vrouwen krijgen een streepje voor) zouden bij dit compromis wel meetellen.

Aan organisatieadviseur dr. Jelle Dijkstra de lastige taak om ondernemingsraad en bonden te overtuigen van de zegeningen van het puntensysteem. “Je kunt zeggen dat last in, first out willekeur bij het ontslaan van personeel helpt te voorkomen”, zei Dijkstra. “Maar als je er het ‘slachtoffer’ van wordt, lijkt lifo zelf juist willekeurig.”

Een voorbeeld uit de praktijk moest aantonen dat lifo een bedrijf kapot kan maken. Juist de mensen die beschikten over nieuwe technologische kennis moesten vertrekken, vertelde Dijkstra. De mensen die konden blijven bleken onvoldoende in staat om nieuwe uitdagingen het hoofd te bieden. Dijkstra: “Ook de vakbond was in dit voorbeeld een tegenstander van last in, first out. Tevergeefs.”

Dijkstra demonstreerde het door zijn bedrijf ontwikkelde softwaretool Talentscape. Als in het kader van een puntensysteem competenties van ondersteuners worden gemeten, kan dat op een eerlijke, precieze en vooral niet te starre manier gebeuren, benadrukte hij.

Dijkstra vertelde dat minister De Geus (Sociale Zaken) van lifo af wil, al was het maar omdat het werknemers niet bepaald stimuleert om van baan te wisselen. Werkgevers omzeilen het systeem nu al op grote schaal. En botst lifo niet met Europese richtlijnen, die ook leeftijdsdiscriminatie van jonge mensen moeten uitbannen? “Er loopt momenteel een aantal interessante proefprocessen.”

Een spervuur aan argumenten, kortom. Maar uit de reacties viel af te leiden dat de tegenstanders nog niet om zijn. Het is de vraag of het college vertraging van de reorganisatie wil riskeren om het puntensysteem doorgevoerd te krijgen. Toch zal een eventueel compromis mogelijk nog wel enkele maanden op zich laten wachten.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.