Na zijn afstuderen stapte industrieel ontwerper Laurens van den Acker in zijn auto en reed op de bonnefooi naar Turijn, op zoek naar een baan als auto-ontwerper.
Toen was hij vijfentwintig. Nu, vijftien jaar later, is hij general manager design bij Mazda in Hiroshima. Vanaf 2008 zal zijn invloed in iedere Mazda zichtbaar zijn.
De verhuizing van Amerika naar Japan bracht een enorme cultuurshock teweeg, maar Laurens van den Acker heeft het naar zijn zin in Hiroshima. Hij woont sinds begin dit jaar in een appartement op acht hoog in het centrum van de stad, met uitzicht op het Peace Park. “Godzijdank heb ik een cultuurcursus gevolgd”, verzucht hij, “want met je Westerse achtergrond schop je hier al gauw tegen schenen aan. Alles is anders en wat wij in het Westen positief vinden, is hier niet van toepassing. Ook het wonen in een stad waar ruimte luxe is, is wel even wennen na de ruimtelijkheid van Amerika. Maar het is een avontuur, een leuk avontuur.”
Aanpassen kan Van den Acker zich inmiddels wel. Sinds hij in 1990 aan de TU afstudeerde als industrieel ontwerper, werkte hij achtereenvolgens in Italië, Duitsland, Amerika en nu Japan. Zijn carrière is een jongensdroom: jonge industrieel ontwerper stapt in Nederland in de auto, rijdt naar Turijn, laat er zijn ontwerpen zien bij iedereen die hem ontvangen wil en krijgt ter plekke een baan. Daarna volgen banen bij Audi, Volvo en Ford en krijgt de inmiddels iets minder jonge ontwerper een top job als hoofd design bij Mazda. “Ach”, relativeert Van den Acker, “jongens en auto’s zijn twee handen op één buik. Ik wilde altijd al auto-ontwerper worden; zelfs in oude studiekeuzeboekjes van de middelbare school schreef ik dat al.”
Toch is er meer nodig dan dromen alleen om als Nederlander voet aan de grond te krijgen in de wereld van autodesign. “Passie voor auto’s en design heb je natuurlijk wel nodig. En de studie aan de TU was de perfecte keuze. Industrieel ontwerpen biedt een unieke combinatie van techniek en artisticiteit, die me een brede basis heeft gegeven.”
Apart kamertje
Toen Van den Acker in Turijn aankwam, sprak hij geen woord Italiaans. “Ik sprak hakkelend Frans en we communiceerden vaak met briefjes. Maar dat is het mooie van dit vak: het is een eerlijk vak, waarin alleen je werk telt. Waar je vandaan komt, maakt niet uit, want je bent niet van taal afhankelijk. Het gaat letterlijk om talent.” In Turijn ging hij in een paar dagen bij alle designstudio’s en autoproducenten langs. “Ik belde Bertone, Pininfarina, Ghia, Idea en Ital Design ter plekke op en zelfs Pininfarina zei: ‘Kom over twee dagen maar langs’. Ze maken gewoon tijd voor je, ze geven je de kans om je werk te laten zien en dat is onwijs bemoedigend. Bij Design System, een kleiner en onbekender bedrijf, kreeg ik zelfs meteen een baan. Twee maanden later belde Pininfarina of ik mee wilde werken aan een tijdelijk project. Prachtig natuurlijk, maar ik heb geweigerd. Ik had intussen gehoord dat je als nieuwkomer bij Pininfarina in een apart kamertje werd gezet en nauwelijks op de designafdeling zou zijn. Dat wilde ik niet, want op dat moment in mijn carrière was het beter om ervaring op te doen bij een klein, onbekend bedrijf waar je letterlijk bij alles betrokken bent.”
In 1993 ging het in Italië niet goed met de economie en werd het tijd om te verkassen. “Ik ben bij een aantal bedrijven langs gegaan – Audi, Nissan, BMW, Toyota – en ik heb er een paar aangeschreven. Uiteindelijk bood Audi me na een aantal gesprekken een baan aan als exterior designer. Ik sprong een gat in de lucht! Ik was onder de indruk van de concept cars die ze destijds maakten en ze stonden op het punt om door te breken. De Audi Avus en de Quattro Spyder waren net uit en hun design style sprak me aan: modern en Duits op een goede manier. Een droombedrijf dus.”
Een verhuizing naar Duitsland volgde, maar twee jaar later pakte Van den Acker alweer zijn biezen en vertrok naar Amerika. “Mijn baas bij Audi verliet het bedrijf om in Californië voor zichzelf te beginnen en hij vroeg me mee te gaan. Dat heb ik gedaan, want het is belangrijk om vroeg in je carrière een goede leermeester uit te zoeken en je te omringen met zoveel mogelijk talent. Het is belangrijker met wie je werkt dan bij welk merk je werkt. Ik ben ook nooit bang geweest om de meest onervarene op een designafdeling te zijn, integendeel, het is goed als je je kunt optrekken aan anderen.”
GloCar
Weer twee jaar later volgde Volvo in Nederland. “Ik werkte er niet lang, maar het beviel me wel, want in iedere designstudio leer je en Volvo was en is vooruitloper op het gebied van digital design.” Na een jaar verhuisde hij terug naar Amerika, naar Ford, waar zijn voormalige Audi-baas intussen al werkte en hem opnieuw vroeg ook te komen. Van den Acker werkte zes jaar in Californië en twee jaar in Detroit en schreef er onder meer de Ford Bronco en 427 en concept cars als de 24/7 op zijn naam.
Een ander, bijzonder ontwerp van de industrieel ontwerper is de GloCar, een auto met een carrosserie van doorschijnend plastic dat door gekleurde led’s steeds andere kleuren kan krijgen. Een microprocessor stuurt de led’s aan, zodat de Glocar moeiteloos van rood naar geel of groen verkleurt. In het donker is de auto dankzij de verlichting altijd heel opvallend en goed te zien. De GloCar werd als enig autoconcept tentoongesteld op de National Design Triennial in het Cooper-Hewitt Museum in New York in 2003. “Auto’s zijn in principe levenloze machines, vaak ook nog agressief gestyled. Die agressiviteit is wat mensen nu willen. De GloCar was echter een poging het tegenovergestelde te bereiken – een positieve, vriendelijke auto die bijna levend lijkt door het licht dat hij uitstraalt.”
Als chief designer strategic design vertrok hij begin dit jaar bij Ford om opnieuw te verhuizen en als general manager design bij Mazda in Hiroshima te beginnen. “Mazda is een onderdeel van Ford. Moray Callum, die bij Mazda general manager was, wilde terug naar de States. Mazda vroeg toen bij Ford om advies en ik denk dat ik toen ben aangeraden vanwege mijn internationale ervaring. Je moet ook gewoon een beetje mazzel hebben en net da’t hebben wat zij zoeken. Het is toch een loterij, want de ene keer willen ze jong talent, de andere keer juist een ervaren oudere, dat wisselt enorm. Bij Mazda verlangen ze van mij geen winnende tekening, maar gaat het veel meer om strategie en communicatieve eigenschappen. Maar net als bij Van Basten: hij is een goede coach omdat hij zo’n goede voetballer was. En ik ben nu meer dan ooit bij ontwerpen betrokken, want ik ga over tien tot vijftien productieprojecten, een aantal showcars en ik moet natuurlijk de ontwerpteams inspireren. Het draait nu om designercommunicatie; auto’s moeten uitstralen waar het bedrijf voor staat. Als dat bijvoorbeeld toughness is, dan moet alles aan en in de auto toughness uitstralen. Bij anderen kan dat weer dynamics of status zijn, maar dan geldt dat natuurlijk evenzo.”
De komende jaren zal Van den Acker dus zijn stempel zetten op de auto’s van een van de grootste autoproducenten van Japan. “We gaan het volume flink omhoog draaien. Vanaf 2008 zul je het verschil zien.”
Naam: Laurens van den Acker
Leeftijd: 40 jaar
Woonplaats: Hiroshima, Japan
Verliefd/verloofd/getrouwd: getrouwd, één dochter
Studie: Industrieel ontwerpen
Afgestudeerd: 1990
Afstudeerrichting: Vormgeving
Loopbaan: Na zijn studie vertrok Van den Acker naar Turijn om auto-ontwerper te worden. Via Audi in Duitsland, SHR Perceptual Management in Amerika en Volvo in Nederland kwam hij terecht bij Ford in Amerika, waar hij in 1998 chief designer werd. Begin dit jaar is Van den Acker benoemd tot general manager design van Mazda in Hiroshima, Japan.
(Foto: Laurens van den Acker)
img:mazda.jpg
De verhuizing van Amerika naar Japan bracht een enorme cultuurshock teweeg, maar Laurens van den Acker heeft het naar zijn zin in Hiroshima. Hij woont sinds begin dit jaar in een appartement op acht hoog in het centrum van de stad, met uitzicht op het Peace Park. “Godzijdank heb ik een cultuurcursus gevolgd”, verzucht hij, “want met je Westerse achtergrond schop je hier al gauw tegen schenen aan. Alles is anders en wat wij in het Westen positief vinden, is hier niet van toepassing. Ook het wonen in een stad waar ruimte luxe is, is wel even wennen na de ruimtelijkheid van Amerika. Maar het is een avontuur, een leuk avontuur.”
Aanpassen kan Van den Acker zich inmiddels wel. Sinds hij in 1990 aan de TU afstudeerde als industrieel ontwerper, werkte hij achtereenvolgens in Italië, Duitsland, Amerika en nu Japan. Zijn carrière is een jongensdroom: jonge industrieel ontwerper stapt in Nederland in de auto, rijdt naar Turijn, laat er zijn ontwerpen zien bij iedereen die hem ontvangen wil en krijgt ter plekke een baan. Daarna volgen banen bij Audi, Volvo en Ford en krijgt de inmiddels iets minder jonge ontwerper een top job als hoofd design bij Mazda. “Ach”, relativeert Van den Acker, “jongens en auto’s zijn twee handen op één buik. Ik wilde altijd al auto-ontwerper worden; zelfs in oude studiekeuzeboekjes van de middelbare school schreef ik dat al.”
Toch is er meer nodig dan dromen alleen om als Nederlander voet aan de grond te krijgen in de wereld van autodesign. “Passie voor auto’s en design heb je natuurlijk wel nodig. En de studie aan de TU was de perfecte keuze. Industrieel ontwerpen biedt een unieke combinatie van techniek en artisticiteit, die me een brede basis heeft gegeven.”
Apart kamertje
Toen Van den Acker in Turijn aankwam, sprak hij geen woord Italiaans. “Ik sprak hakkelend Frans en we communiceerden vaak met briefjes. Maar dat is het mooie van dit vak: het is een eerlijk vak, waarin alleen je werk telt. Waar je vandaan komt, maakt niet uit, want je bent niet van taal afhankelijk. Het gaat letterlijk om talent.” In Turijn ging hij in een paar dagen bij alle designstudio’s en autoproducenten langs. “Ik belde Bertone, Pininfarina, Ghia, Idea en Ital Design ter plekke op en zelfs Pininfarina zei: ‘Kom over twee dagen maar langs’. Ze maken gewoon tijd voor je, ze geven je de kans om je werk te laten zien en dat is onwijs bemoedigend. Bij Design System, een kleiner en onbekender bedrijf, kreeg ik zelfs meteen een baan. Twee maanden later belde Pininfarina of ik mee wilde werken aan een tijdelijk project. Prachtig natuurlijk, maar ik heb geweigerd. Ik had intussen gehoord dat je als nieuwkomer bij Pininfarina in een apart kamertje werd gezet en nauwelijks op de designafdeling zou zijn. Dat wilde ik niet, want op dat moment in mijn carrière was het beter om ervaring op te doen bij een klein, onbekend bedrijf waar je letterlijk bij alles betrokken bent.”
In 1993 ging het in Italië niet goed met de economie en werd het tijd om te verkassen. “Ik ben bij een aantal bedrijven langs gegaan – Audi, Nissan, BMW, Toyota – en ik heb er een paar aangeschreven. Uiteindelijk bood Audi me na een aantal gesprekken een baan aan als exterior designer. Ik sprong een gat in de lucht! Ik was onder de indruk van de concept cars die ze destijds maakten en ze stonden op het punt om door te breken. De Audi Avus en de Quattro Spyder waren net uit en hun design style sprak me aan: modern en Duits op een goede manier. Een droombedrijf dus.”
Een verhuizing naar Duitsland volgde, maar twee jaar later pakte Van den Acker alweer zijn biezen en vertrok naar Amerika. “Mijn baas bij Audi verliet het bedrijf om in Californië voor zichzelf te beginnen en hij vroeg me mee te gaan. Dat heb ik gedaan, want het is belangrijk om vroeg in je carrière een goede leermeester uit te zoeken en je te omringen met zoveel mogelijk talent. Het is belangrijker met wie je werkt dan bij welk merk je werkt. Ik ben ook nooit bang geweest om de meest onervarene op een designafdeling te zijn, integendeel, het is goed als je je kunt optrekken aan anderen.”
GloCar
Weer twee jaar later volgde Volvo in Nederland. “Ik werkte er niet lang, maar het beviel me wel, want in iedere designstudio leer je en Volvo was en is vooruitloper op het gebied van digital design.” Na een jaar verhuisde hij terug naar Amerika, naar Ford, waar zijn voormalige Audi-baas intussen al werkte en hem opnieuw vroeg ook te komen. Van den Acker werkte zes jaar in Californië en twee jaar in Detroit en schreef er onder meer de Ford Bronco en 427 en concept cars als de 24/7 op zijn naam.
Een ander, bijzonder ontwerp van de industrieel ontwerper is de GloCar, een auto met een carrosserie van doorschijnend plastic dat door gekleurde led’s steeds andere kleuren kan krijgen. Een microprocessor stuurt de led’s aan, zodat de Glocar moeiteloos van rood naar geel of groen verkleurt. In het donker is de auto dankzij de verlichting altijd heel opvallend en goed te zien. De GloCar werd als enig autoconcept tentoongesteld op de National Design Triennial in het Cooper-Hewitt Museum in New York in 2003. “Auto’s zijn in principe levenloze machines, vaak ook nog agressief gestyled. Die agressiviteit is wat mensen nu willen. De GloCar was echter een poging het tegenovergestelde te bereiken – een positieve, vriendelijke auto die bijna levend lijkt door het licht dat hij uitstraalt.”
Als chief designer strategic design vertrok hij begin dit jaar bij Ford om opnieuw te verhuizen en als general manager design bij Mazda in Hiroshima te beginnen. “Mazda is een onderdeel van Ford. Moray Callum, die bij Mazda general manager was, wilde terug naar de States. Mazda vroeg toen bij Ford om advies en ik denk dat ik toen ben aangeraden vanwege mijn internationale ervaring. Je moet ook gewoon een beetje mazzel hebben en net da’t hebben wat zij zoeken. Het is toch een loterij, want de ene keer willen ze jong talent, de andere keer juist een ervaren oudere, dat wisselt enorm. Bij Mazda verlangen ze van mij geen winnende tekening, maar gaat het veel meer om strategie en communicatieve eigenschappen. Maar net als bij Van Basten: hij is een goede coach omdat hij zo’n goede voetballer was. En ik ben nu meer dan ooit bij ontwerpen betrokken, want ik ga over tien tot vijftien productieprojecten, een aantal showcars en ik moet natuurlijk de ontwerpteams inspireren. Het draait nu om designercommunicatie; auto’s moeten uitstralen waar het bedrijf voor staat. Als dat bijvoorbeeld toughness is, dan moet alles aan en in de auto toughness uitstralen. Bij anderen kan dat weer dynamics of status zijn, maar dan geldt dat natuurlijk evenzo.”
De komende jaren zal Van den Acker dus zijn stempel zetten op de auto’s van een van de grootste autoproducenten van Japan. “We gaan het volume flink omhoog draaien. Vanaf 2008 zul je het verschil zien.”
Naam: Laurens van den Acker
Leeftijd: 40 jaar
Woonplaats: Hiroshima, Japan
Verliefd/verloofd/getrouwd: getrouwd, één dochter
Studie: Industrieel ontwerpen
Afgestudeerd: 1990
Afstudeerrichting: Vormgeving
Loopbaan: Na zijn studie vertrok Van den Acker naar Turijn om auto-ontwerper te worden. Via Audi in Duitsland, SHR Perceptual Management in Amerika en Volvo in Nederland kwam hij terecht bij Ford in Amerika, waar hij in 1998 chief designer werd. Begin dit jaar is Van den Acker benoemd tot general manager design van Mazda in Hiroshima, Japan.
(Foto: Laurens van den Acker)
img:mazda.jpg

Comments are closed.