Education

Flexibele klinieken leveren zorg op maat

Met hun fictieve stad de ‘Mill’ wonnen emeritus hoogleraar bouwkunde Carel Weeber en TU-alumnus ir. Laura Kaper de architectuurprijsvraag ‘Zorg 2025: gebouwen van de toekomst’.

Voor een ooglaserbehandeling kun je tegenwoordig naar een gespecialiseerd bedrijf. En ook voor een nieuwe heup kun je in een speciale kliniek terecht. De zorgsector privatiseert stapje voor stapje en gespecialiseerde klinieken schieten als paddenstoelen uit de grond.

Toch bestaan er nog grote ziekenhuizen. Dat is raar, vindt ir. Laura Kaper van het bedrijf Medsync, een bureau dat bedrijfsconcepten ontwerpt voor de gezondheidssector. “Ik vraag me al lange tijd af waarom ziekenhuizen nog zo groot zijn en waarom iemand die gehecht moet worden naar dezelfde plek moet als iemand die net gehoord heeft dat hij terminale kanker heeft.”

Met haar inzending de ‘Big Bang’ won Kaper vorige week samen met architect Carel Weeber de prijsvraag ‘Zorg 2025: gebouwen van de toekomst’. De prijsvraag was uitgeschreven door het college bouw zorginstellingen. Deze instantie, die de overheid adviseert over de inrichting van de zorgsector en tevens bouwvergunningen afgeeft, worstelt met de vraag hoe Nederland moet omgaan met de privatisering van de gezondheidssector.

De instantie spoorde architecten, adviseurs, planologen, futurologen en zorgverleners aan om ‘een totaalvisie te ontwikkelen op de toekomstige gezondheidszorg’. Of, zoals ze op haar website vermeldt: ‘een zoektocht naar nieuwe vormen van een helende omgeving.’ Enkele tientallen deelnemers ontwierpen een nieuwe stad met 160.000 inwoners op denkbeeldig nieuw land in het IJsselmeer. De stad zou in 2025 opgeleverd moeten worden.

Kaper en Weeber gaan ervan uit dat de grote ziekenhuizen van nu in 2025 door de marktwerking zijn ontploft tot een uitgewaaierde zwerm kleinschalige specialistische klinieken en zorgvoorzieningen, met de huisarts als poortwachter. De nieuwe, door private partijen ontwikkelde stad, die zij de ‘Mill’ hebben gedoopt, heeft zo de vorm van een molen aangenomen, met de voorzieningen gespreid over de wieken. De gebouwen zijn relatief klein en eenvoudig aanpasbaar.

“In de ‘Mill’ draait het om de bereikbaarheid van de zorginstellingen”, zegt Kaper. “Nu moet je nog naar een huisarts die dicht bij je in de buurt zit. Maar in de stad van de toekomst wordt niet meer gekeken naar postcodes, maar naar de vraag of je er makkelijk kunt komen met je Tom Tom.”

Kaper verwacht dat er centra komen met complexe gebouwen die high-tech diagnostisch apparatuur herbergen. Daar kunnen de patiënten terecht om onderzocht te worden. Klinieken waar mensen revalideren zijn minder veeleisend. Daarmee kan flexibeler worden omgesprongen. “Een oud schoolgebouw kan eenvoudig omgebouwd worden tot kliniek”, zegt de architect. “Als er een operatiezaal nodig is, kun je een OK-unit toevoegen aan het gebouw. ‘Plug en play’ noemen we dit principe waarbij zorgverleners hun bedrijf snel kunnen uitbreiden en ombouwen.”

Voor een ooglaserbehandeling kun je tegenwoordig naar een gespecialiseerd bedrijf. En ook voor een nieuwe heup kun je in een speciale kliniek terecht. De zorgsector privatiseert stapje voor stapje en gespecialiseerde klinieken schieten als paddenstoelen uit de grond.

Toch bestaan er nog grote ziekenhuizen. Dat is raar, vindt ir. Laura Kaper van het bedrijf Medsync, een bureau dat bedrijfsconcepten ontwerpt voor de gezondheidssector. “Ik vraag me al lange tijd af waarom ziekenhuizen nog zo groot zijn en waarom iemand die gehecht moet worden naar dezelfde plek moet als iemand die net gehoord heeft dat hij terminale kanker heeft.”

Met haar inzending de ‘Big Bang’ won Kaper vorige week samen met architect Carel Weeber de prijsvraag ‘Zorg 2025: gebouwen van de toekomst’. De prijsvraag was uitgeschreven door het college bouw zorginstellingen. Deze instantie, die de overheid adviseert over de inrichting van de zorgsector en tevens bouwvergunningen afgeeft, worstelt met de vraag hoe Nederland moet omgaan met de privatisering van de gezondheidssector.

De instantie spoorde architecten, adviseurs, planologen, futurologen en zorgverleners aan om ‘een totaalvisie te ontwikkelen op de toekomstige gezondheidszorg’. Of, zoals ze op haar website vermeldt: ‘een zoektocht naar nieuwe vormen van een helende omgeving.’ Enkele tientallen deelnemers ontwierpen een nieuwe stad met 160.000 inwoners op denkbeeldig nieuw land in het IJsselmeer. De stad zou in 2025 opgeleverd moeten worden.

Kaper en Weeber gaan ervan uit dat de grote ziekenhuizen van nu in 2025 door de marktwerking zijn ontploft tot een uitgewaaierde zwerm kleinschalige specialistische klinieken en zorgvoorzieningen, met de huisarts als poortwachter. De nieuwe, door private partijen ontwikkelde stad, die zij de ‘Mill’ hebben gedoopt, heeft zo de vorm van een molen aangenomen, met de voorzieningen gespreid over de wieken. De gebouwen zijn relatief klein en eenvoudig aanpasbaar.

“In de ‘Mill’ draait het om de bereikbaarheid van de zorginstellingen”, zegt Kaper. “Nu moet je nog naar een huisarts die dicht bij je in de buurt zit. Maar in de stad van de toekomst wordt niet meer gekeken naar postcodes, maar naar de vraag of je er makkelijk kunt komen met je Tom Tom.”

Kaper verwacht dat er centra komen met complexe gebouwen die high-tech diagnostisch apparatuur herbergen. Daar kunnen de patiënten terecht om onderzocht te worden. Klinieken waar mensen revalideren zijn minder veeleisend. Daarmee kan flexibeler worden omgesprongen. “Een oud schoolgebouw kan eenvoudig omgebouwd worden tot kliniek”, zegt de architect. “Als er een operatiezaal nodig is, kun je een OK-unit toevoegen aan het gebouw. ‘Plug en play’ noemen we dit principe waarbij zorgverleners hun bedrijf snel kunnen uitbreiden en ombouwen.”

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.