Education

Heuvelman leidt werkgroep intelligente netten

De ontwikkeling van intelligente elektriciteits- en gasnetten krijgt een impuls en de TU Delft speelt daarbij een rol. Minister Maria van der Hoeven (EZ) heeft een speciale werkgroep ingesteld die de ontwikkeling van intelligente elektriciteits- en gasnetten moet bevorderen.

Voorzitter van de taskforce is prof. mr. dr. Ernst ten Heuvelhof (TBM).

In de werkgroep Intelligente netten zitten regionale en landelijke netbeheerders en vertegenwoordigers van diverse onderzoeksinstituten. Zij hebben opdracht gekregen vóór 1 mei 2010 aan Van der Hoeven te melden hoe in Nederland intelligente netten zijn te realiseren.

Intelligente netten zijn nodig om de toenemende complexiteit van de energievoorziening in goede banen te leiden. In de huidige situatie is er vooral sprake van eenrichtingsverkeer op de netten: van stroomcentrale of gasput naar de eindverbruiker. In de toekomst wordt tweerichtingsverkeer steeds gewoner, onder meer door de opkomst van decentrale energieopwekking, zoals wind- en zonne-energie, warmtekrachtkoppeling en biogas. Ook de ontwikkeling van elektrische auto’s, die overal in het land oplaadpunten nodig hebben, stelt nieuwe eisen aan de netten.

De taskforce moet een actieplan maken om de diverse duurzame technologieën van de toekomst in te passen in het elektriciteits- en gasnet. Verwacht wordt dat intelligente netten tussen 2015 en 2020 grootschalig kunnen worden ingevoerd.

“In feite moeten we een investeringsplan maken voor de ontwikkeling van intelligente netten”, stelt Ten Heuvelhof op de site van TBM. Een van de uitdagingen is volgens hem om uit te zoeken welke duurzame opties op dit moment wel, en welke geen prioriteit krijgen. “Het is best mogelijk dat sommige duurzame toepassingen even moeten worden uitgesteld, omdat ze op dit moment niet of moeilijk inpasbaar zijn in de netten.”

De taskforce krijgt ook een belangrijke rol bij de begeleiding van een ‘proeftuinfase’, waarin met diverse technologieën en hun impact op de netten kan worden geëxperimenteerd. Volgens Ten Heuvelhof overweegt het ministerie van EZ hiervoor een bedrag van ‘enkele miljoenen’ uit te trekken.

Naam: Ir. Peter Spaans (43)
Nationaliteit:
Nederlandse
Promotor:
Prof.dr. John Groenewegen (economie van infrastructuren, TBM)
Onderwerp:
Economie van ondergrondse kabels- en leidingeninfrastructuur
Tussenstand:
Nog ongeveer een jaar te gaan

“Ik ben onderzoeker aan de TU én ik werk bij Ernst & Young. Ik houd me bezig met energie-infrastructuren en onderzoek voor energiebedrijven of hun plannen voor bijvoorbeeld de aanleg van windmolenparken of LNG-terminals haalbaar zijn.
Bij ons bedrijf zit scholing in de genen. Om klanten te adviseren moet je op de hoogte zijn van de nieuwste ontwikkelingen. Ik ben mijn promotieonderzoek ingerold nadat ik voor de overheid had onderzocht of in Nederland zich ook gasexplosies konden voordoen zoals in België was gebeurd in 2004 toen een graafmachine een gasleiding beschadigde. Ik heb toen experts geïnterviewd en kwam met John Groenewegen, mijn huidige promotor, in contact. Ik werd getriggered door de academische diepgang.
Onder de grond ligt een grote pan spaghetti aan leidingen en buizen van allerlei ondernemingen, zoals energiebedrijven en waterleidingbedrijven. Niemand weet goed hoe het eruit ziet, het is nogal een toestand. Er wordt veel onderzoek gedaan naar infrastructuur maar dat is altijd gericht op het bovengrondse gedeelte. In Nederland ben ik de enige academicus die ook onderzoek verricht naar technisch-economische vraagstukken op het gebied van de ondergrondse kabel- en leidingeninfrastructuur.
Ik wil weten hoe alle partijen die ondergrondse infrastructuur aanleggen zo efficiënt mogelijk kunnen samenwerken. Je ziet vaak dat een weg opengebroken wordt om bijvoorbeeld een waterleiding aan te leggen en dat die even later opnieuw open moet voor rioolwerkzaamheden. Dat zorgt voor ergernis. Het kost bedrijven ook veel tijd om te onderzoeken waar ze kunnen graven. De verwachting is dat ze vaak beter zouden kunnen samenwerken. Concurrerende bedrijven doen dat nu niet omdat ze er ook een strategisch belang bij hebben om geheim te houden waar hun infrastructuur ligt. Maar dat belang weegt volgens mij niet altijd zwaar genoeg.
Na mijn promotie wil ik graag iets blijven doen bij de TU Delft om academisch betrokken te blijven.
Zelf heb ik ook aan de TU gestudeerd, vliegtuigbouw. Daarna heb ik twaalf jaar voor Shell gewerkt in project engineering. Ik bouwde wereldwijd gasinfrastructuren en was ondermeer werkzaam in Angola, Syrië en Oman. Het waren bijzondere ervaringen. Je kunt in Angola geen tandenborstel kopen. Bovendien heerst in die landen chaos en geweld. Toen ons eerste kind op komst was ben ik overgestapt naar Ernst & Young en ben ik ook gestart met het promotieonderzoek. Het leven is nu wat minder spannend, maar het was een fijne periode. Nu lekker rustig academisch onderzoek doen achter mijn computer, dat bevalt mij prima.”

Minister Maria van der Hoeven (EZ) heeft een speciale werkgroep ingesteld die de ontwikkeling van intelligente elektriciteits- en gasnetten moet bevorderen. Voorzitter daarvan is prof. mr. dr. Ernst ten Heuvelhof (TBM).

In de werkgroep Intelligente netten zitten regionale en landelijke netbeheerders en vertegenwoordigers van diverse onderzoeksinstituten. Zij hebben opdracht gekregen vóór 1 mei 2010 aan Van der Hoeven te melden hoe in Nederland intelligente netten zijn te realiseren.

Intelligente netten zijn nodig om de toenemende complexiteit van de energievoorziening in goede banen te leiden. In de huidige situatie is er vooral sprake van eenrichtingsverkeer op de netten: van stroomcentrale of gasput naar de eindverbruiker. In de toekomst wordt tweerichtingsverkeer steeds gewoner, onder meer door de opkomst van decentrale energieopwekking, zoals wind- en zonne-energie, warmtekrachtkoppeling en biogas. Ook de ontwikkeling van elektrische auto’s, die overal in het land oplaadpunten nodig hebben, stelt nieuwe eisen aan de netten.

De werkgroep moet een actieplan maken om de diverse duurzame technologieën van de toekomst in te passen in het elektriciteits- en gasnet. Verwacht wordt dat intelligente netten tussen 2015 en 2020 grootschalig zullen worden ingevoerd.

“In feite moeten we een investeringsplan maken voor de ontwikkeling van intelligente netten”, stelt Ten Heuvelhof op de site van TBM. Een van de uitdagingen is volgens hem om uit te zoeken welke duurzame opties op dit moment wel, en welke geen prioriteit krijgen. “Het is best mogelijk dat sommige duurzame toepassingen even moeten worden uitgesteld, omdat ze op dit moment niet of moeilijk inpasbaar zijn in de netten.”

De werkgroep krijgt ook een belangrijke rol bij de begeleiding van een ‘proeftuinfase’, waarin met diverse technologieën en hun impact op de netten kan worden geëxperimenteerd. Volgens Ten Heuvelhof overweegt het ministerie van EZ hiervoor een bedrag van ‘enkele miljoenen’ uit te trekken.

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.