Antoni van Leeuwenhoek-hoogleraar prof.dr. Majid Hassanizadeh is begin deze maand met zijn hele onderzoeksgroep environmental geohydrology uit Delft vertrokken naar de Universiteit Utrecht.
Aanleiding was onvrede over hoe hij zijn leerstoel mocht invullen.
Hassanizadeh en zijn collega, universitair hoofddocent dr. Ruud Schotting, noemen de mogelijkheid tot lesgeven als belangrijkste reden. Bij de Utrechtse faculteit Geowetenschappen geven zij in september een nieuwe master.
,,Wij wilden een masteropleiding environmental geohydrology”, zegt Hassanizadeh. ,,Daar kregen we binnen Civiele Techniek geen ruimte voor, de opleiding zou te specialistisch zijn. Ook vond men bij watermanagement ons onderzoek niet praktisch genoeg.”
Hassanizadeh wilde haast maken. ,,Wij geloven heel sterk dat dit een goede opleiding is en willen de eersten in Europa zijn. In Delft waren ook wel plannen voor een nieuwe master, maar de inrichting daarvan zou twee jaar duren.”
Met Hassanizadeh vertrekken naast Schotting nog vijf promovendi en drie postdocs die bij hem onderzoek willen blijven doen. ,,Ik heb met de TU afgesproken dat een aantal van mijn promovendi wel gewoon bij de TU promoveert.”
Decaan van Civiele Techniek, prof.ir. Louis de Quelerij, betreurt het vertrek. ,,Het is jammer dat hij de TU verlaat”, zegt hij. ,,Hassanizadeh was een gewaardeerd onderzoeker. Niet voor niks is hij benoemd tot Van Leeuwenhoek-hoogleraar. We hebben van alles geprobeerd om hem hier te houden, maar het onderwijs dat Majid wilde geven was te specialistisch voor Civiele Techniek. Het ontbreekt ons aan financiële middelen om dat op zo’n korte termijn voor elkaar te krijgen.”
In Delft wordt nu een aangepaste leerstoel ingericht. ,,We gaan hier niet hetzelfde doen als wat Majid in Utrecht doet”, zegt prof.dr.ir Hans van Dijk, afdelingsvoorzitter van watermanagement, waar Hassanizadeh werkte. ,,De nieuwe leerstoel is meer civieltechnisch georiënteerd. In de loop van het voorjaar hopen we een nieuwe hoogleraar aan te stellen.” (RZ)
Antoni van Leeuwenhoek-hoogleraar prof.dr. Majid Hassanizadeh is begin deze maand met zijn hele onderzoeksgroep environmental geohydrology uit Delft vertrokken naar de Universiteit Utrecht. Aanleiding was onvrede over hoe hij zijn leerstoel mocht invullen.
Hassanizadeh en zijn collega, universitair hoofddocent dr. Ruud Schotting, noemen de mogelijkheid tot lesgeven als belangrijkste reden. Bij de Utrechtse faculteit Geowetenschappen geven zij in september een nieuwe master.
,,Wij wilden een masteropleiding environmental geohydrology”, zegt Hassanizadeh. ,,Daar kregen we binnen Civiele Techniek geen ruimte voor, de opleiding zou te specialistisch zijn. Ook vond men bij watermanagement ons onderzoek niet praktisch genoeg.”
Hassanizadeh wilde haast maken. ,,Wij geloven heel sterk dat dit een goede opleiding is en willen de eersten in Europa zijn. In Delft waren ook wel plannen voor een nieuwe master, maar de inrichting daarvan zou twee jaar duren.”
Met Hassanizadeh vertrekken naast Schotting nog vijf promovendi en drie postdocs die bij hem onderzoek willen blijven doen. ,,Ik heb met de TU afgesproken dat een aantal van mijn promovendi wel gewoon bij de TU promoveert.”
Decaan van Civiele Techniek, prof.ir. Louis de Quelerij, betreurt het vertrek. ,,Het is jammer dat hij de TU verlaat”, zegt hij. ,,Hassanizadeh was een gewaardeerd onderzoeker. Niet voor niks is hij benoemd tot Van Leeuwenhoek-hoogleraar. We hebben van alles geprobeerd om hem hier te houden, maar het onderwijs dat Majid wilde geven was te specialistisch voor Civiele Techniek. Het ontbreekt ons aan financiële middelen om dat op zo’n korte termijn voor elkaar te krijgen.”
In Delft wordt nu een aangepaste leerstoel ingericht. ,,We gaan hier niet hetzelfde doen als wat Majid in Utrecht doet”, zegt prof.dr.ir Hans van Dijk, afdelingsvoorzitter van watermanagement, waar Hassanizadeh werkte. ,,De nieuwe leerstoel is meer civieltechnisch georiënteerd. In de loop van het voorjaar hopen we een nieuwe hoogleraar aan te stellen.” (RZ)
Comments are closed.