Universiteiten en hogescholen huren de laatste jaren weer vaker tijdelijk personeel in, zoals interim-managers of freelance docenten. Vooral plotseling populaire opleidingen doen een beroep op ‘uitzenddocenten’.
De meeste werknemers hebben een voorkeur voor vast werk, meldt het Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt (SBO), dat opdracht gaf voor een rapport over arbeidsovereenkomsten in het onderwijs. Toch is de flexibele aanstelling weer in opmars.
SBO heeft werkgevers en werknemers uit het hele onderwijs laten interviewen. Iedereen wilde daaraan meewerken, aldus de rapporteurs. Alleen het hbo wilde haar hogescholen niet belasten met deze verkenning: er is daar al redelijk veel informatie over flexwerkers bekend. Het hbo geeft volgens de statistieken van alle soorten onderwijs het meest uit aan tijdelijk personeel: een tiende van de totale personeelskosten.
In het wetenschappelijk onderwijs beslaan de uitgaven aan tijdelijke krachten ruim zes procent van het totaal. Vooral alfa- en gammastudies maken daar gebruik van, zeggen de universiteiten, omdat het aantal studenten per jaar sterk varieert. Als een vak opeens populair wordt, willen de faculteiten eerst afwachten of dat zo blijft.
Alleen freelancers, uitzendkrachten en gedetacheerden tellen in deze statistieken mee. Promovendi en postdocs niet. Ook al hebben zij slechts een contract voor enkele jaren, ze vallen wel onder de cao en zijn gewoon in loondienst.
Universiteiten kunnen gerust meer onderzoekers in vaste dienst nemen, vindt de VAWO, vakbond voor de wetenschap. Die strijdt al jaren tegen de groeiende hoeveelheid tijdelijke contracten.
Universiteiten dienen hun reputatie te ontlenen aan de kwaliteit van hun onderwijs en onderzoek, aldus Plasterk. “Ik heb er begrip voor dat ze daarnaast zorg dragen voor een fatsoenlijke professionele presentatie, maar instellingen van publiek gefinancierde wetenschap past daarbij soberheid en zuinigheid.”
Toch is het niet aan de minister om de noodzaak van een nieuwe huisstijl te beoordelen, schrijft hij. De universiteiten mogen zelf bepalen hoe ze hun rijksbijdrage besteden. Zolang dat maar doelmatig gebeurt. Plasterk is niet van plan het geld terug te vorderen of het bestuur op het matje te roepen.
De verontwaardigde VVD-kamerleden Zijlstra en Ten Broeke vroegen de minister in september schriftelijk onder meer of hij ‘het veranderen van een logo van groter belang vindt dan wetenschappelijk onderzoek’. Zij stelden hun vragen naar aanleiding van een artikel in dagblad Tubantia.
Comments are closed.