De verkiezingskoorts in de TU-wijk is losgebarsten. AAG en Oras kruisen de degens in de strijd om de stemmen. Op 17 en 18 mei kunnen studenten hun stem uitbrengen via Blackboard.
Wie de TU-wijk binnen rijdt, wordt meteen tot kiezen gemaand. ‘Stem Oras!’, spoort een groot geel spanbord aan. Tweedejaars bouwkunde en lijsttrekker Leanne Reijnen (20) deelt de komende weken fanatiek appels en flyers uit vanuit haar kleine gele Oras-caravan. Ook Lisanne Dölle (20), tweedejaars industrieel ontwerpen en lijsttrekker van AAG, probeert op een ludieke manier veel stemmen en aandacht te krijgen. Met behulp van grote glimmende auto’s en gestoken in een felrood tenue deelt ze flyers uit met de tekst ‘Pimp my university‘. “Er kan nog heel wat verbeterd worden op de TU.”
Dölle werd door haar medestudenten meteen bestempeld als ‘chef positieve zaken’ toen ze haar motivatie voor het lijsttrekkerschap van AAG uitlegde. “Ik vind het belangrijk om niet alleen maar ‘dit is niet goed, en dat is niet goed te roepen’ en er vervolgens niets aan te doen. Ik wil mijn studententijd groots aanpakken door mij volledig in te zetten om de onderwijsproblemen inhoudelijk te lijf te gaan,” zegt ze. “En ik wil studenten motiveren voor hun studie, door ze bijvoorbeeld te belonen als ze een project goed en snel afmaken. Dan hebben ze eerste onderwerpskeuze bij een volgend project.”
Ze heeft meteen een kleine enquête gehouden onder een aantal niet zo gemotiveerde studenten. “Een jongen zei: ‘als je dat doorvoert, zorg ik ervoor dat ik mijn project eerder haal’. Ik wil studenten weer laten zien dat je studie het leven ook leuker kan maken.” Dölle wil ook het alumnibestand nieuw leven inblazen. “De TU heeft dat waardevolle bestand helaas grotendeels laten versloffen. Ik denk dat het belangrijk is om ervoor te zorgen dat afgestudeerden een band houden met de TU. Studenten kunnen via hen aan stages komen, of hulp als ze bijvoorbeeld een eigen onderneming op willen starten. De alumni kunnen waardevolle tips geven. Dat bestand weer opzetten wordt mijn persoonlijke missie dit jaar.”
Ook Leanne Reijnen wil haar studietijd groots aanpakken. Al in het eerste studiejaar is ze betrokken geweest bij het kritisch volgen van het onderwijs op de TU. Ze zat in commissies van verschillende studieverenigingen. Het blijkt niet haar eerste ervaring. “Op de middelbare school zat ik al in de leerlingenraad. Ik vind het belangrijk dat je leerlingen en studenten betrekt bij het onderwijs, zodat ze precies weten wat er speelt, wat er wordt geregeld, maar vooral dat er niets buiten hen om wordt besloten.”
Reijnen wil zich inzetten voor verbetering van het onderwijs en het behoud van een goed curriculum, goede werkplekken en het behoud van studieadviseurs. “Het belangrijkste vind ik dat het academisch klimaat behouden blijft. Studenten moeten goed kunnen blijven studeren. De studievoortgang moet niet belemmerd worden door zoiets als de harde knip. Want daarvan ga je niet harder studeren. Het houdt alleen maar op.”
De wil om het onderwijs te verbeteren is niet de enige overeenkomst tussen AAG en Oras. Ze roemen beiden de communicatieverbetering door de verbetering van Blackboard. Ook de doelen voor de toekomst kennen veel gelijkenissen: betere aansluiting met het vwo, betere voorzieningen en meer werkplekken, weg met de harde knip. Wat zijn de verschillen tussen de twee partijen?
Dölle vindt dat AAG zich vooral richt op de bewaking van de kwaliteit van het onderwijs, en op de keuzevrijheid van de studenten. “Oras houdt zich meer dan wij bezig met de dingen die studenten naast hun studie kunnen doen, zoals lid zijn van een studentenvereniging. De partijleden laten zich daar ook vaak zien. Zij kunnen dat doen doordat ze met meer mensen in de studentenraad zitten, en daardoor hun pr beter is. Onze studentenraadleden willen wij vooral bezig laten zijn met het onderwijs.”
Het is een lichte steek onder water in de verkiezingsstrijd. Ook Reijnen zet haar beste beentje voor in het ophemelen van Oras. Verkiezingsretoriek volgt. “Oras stelt doelen op, en maakt haar verkiezingsbelofte waar. Studenten kunnen alles nalezen in onze flyers”, zegt Reijnen ijverig.
AAG is niet goed voor het onderwijs, en maakt haar beloften niet waar? “Wij staan allebei voor goed onderwijs. Oras gaat veel naar faculteiten en studieverenigingen toe om te horen wat de problemen zijn. We houden ook veel enquêtes onder studenten. Bovendien heeft Oras ervoor gezorgd dat de Owee niet een week naar voren is geplaatst, zoals eigenlijk de bedoeling was. Ik weet niet zo goed wat de visie van AAG precies is. Ze wil goed onderwijs, maar verder is me het niet zo duidelijk.” Reijnen ziet de komende tijd als een ‘leuke campagnestrijd’. “Natuurlijk haal je het onderste uit de kan, maar het wordt een goede, gezonde strijd. Omdat je weet waarvoor je staat, en wat je wilt bereiken: zeven zetels.”
AAG ziet de komende tijd met wat minder plezier tegemoet. “Het wordt een felle concurrentiestrijd”, zegt Dölle. “Helaas. We moeten stemmen halen en zoveel mogelijk opvallen. Sommige mensen doen dan wat vervelend of gaan zeuren over kleine dingen, om te plagen. Ik probeer me niet op die manier te verlagen. Want de rest van het jaar moet je nog als goede vrienden samenwerken.”
Verkiezingskoorts in de TU-wijk. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)
Wie de TU-wijk binnen rijdt, wordt meteen tot kiezen gemaand. ‘Stem Oras!’, spoort een groot geel spanbord aan. Tweedejaars bouwkunde en lijsttrekker Leanne Reijnen (20) deelt de komende weken fanatiek appels en flyers uit vanuit haar kleine gele Oras-caravan. Ook Lisanne Dölle (20), tweedejaars industrieel ontwerpen en lijsttrekker van AAG, probeert op een ludieke manier veel stemmen en aandacht te krijgen. Met behulp van grote glimmende auto’s en gestoken in een felrood tenue deelt ze flyers uit met de tekst ‘Pimp my university‘. “Er kan nog heel wat verbeterd worden op de TU.”
Dölle werd door haar medestudenten meteen bestempeld als ‘chef positieve zaken’ toen ze haar motivatie voor het lijsttrekkerschap van AAG uitlegde. “Ik vind het belangrijk om niet alleen maar ‘dit is niet goed, en dat is niet goed te roepen’ en er vervolgens niets aan te doen. Ik wil mijn studententijd groots aanpakken door mij volledig in te zetten om de onderwijsproblemen inhoudelijk te lijf te gaan,” zegt ze. “En ik wil studenten motiveren voor hun studie, door ze bijvoorbeeld te belonen als ze een project goed en snel afmaken. Dan hebben ze eerste onderwerpskeuze bij een volgend project.”
Ze heeft meteen een kleine enquête gehouden onder een aantal niet zo gemotiveerde studenten. “Een jongen zei: ‘als je dat doorvoert, zorg ik ervoor dat ik mijn project eerder haal’. Ik wil studenten weer laten zien dat je studie het leven ook leuker kan maken.” Dölle wil ook het alumnibestand nieuw leven inblazen. “De TU heeft dat waardevolle bestand helaas grotendeels laten versloffen. Ik denk dat het belangrijk is om ervoor te zorgen dat afgestudeerden een band houden met de TU. Studenten kunnen via hen aan stages komen, of hulp als ze bijvoorbeeld een eigen onderneming op willen starten. De alumni kunnen waardevolle tips geven. Dat bestand weer opzetten wordt mijn persoonlijke missie dit jaar.”
Ook Leanne Reijnen wil haar studietijd groots aanpakken. Al in het eerste studiejaar is ze betrokken geweest bij het kritisch volgen van het onderwijs op de TU. Ze zat in commissies van verschillende studieverenigingen. Het blijkt niet haar eerste ervaring. “Op de middelbare school zat ik al in de leerlingenraad. Ik vind het belangrijk dat je leerlingen en studenten betrekt bij het onderwijs, zodat ze precies weten wat er speelt, wat er wordt geregeld, maar vooral dat er niets buiten hen om wordt besloten.”
Reijnen wil zich inzetten voor verbetering van het onderwijs en het behoud van een goed curriculum, goede werkplekken en het behoud van studieadviseurs. “Het belangrijkste vind ik dat het academisch klimaat behouden blijft. Studenten moeten goed kunnen blijven studeren. De studievoortgang moet niet belemmerd worden door zoiets als de harde knip. Want daarvan ga je niet harder studeren. Het houdt alleen maar op.”
De wil om het onderwijs te verbeteren is niet de enige overeenkomst tussen AAG en Oras. Ze roemen beiden de communicatieverbetering door de verbetering van Blackboard. Ook de doelen voor de toekomst kennen veel gelijkenissen: betere aansluiting met het vwo, betere voorzieningen en meer werkplekken, weg met de harde knip. Wat zijn de verschillen tussen de twee partijen?
Dölle vindt dat AAG zich vooral richt op de bewaking van de kwaliteit van het onderwijs, en op de keuzevrijheid van de studenten. “Oras houdt zich meer dan wij bezig met de dingen die studenten naast hun studie kunnen doen, zoals lid zijn van een studentenvereniging. De partijleden laten zich daar ook vaak zien. Zij kunnen dat doen doordat ze met meer mensen in de studentenraad zitten, en daardoor hun pr beter is. Onze studentenraadleden willen wij vooral bezig laten zijn met het onderwijs.”
Het is een lichte steek onder water in de verkiezingsstrijd. Ook Reijnen zet haar beste beentje voor in het ophemelen van Oras. Verkiezingsretoriek volgt. “Oras stelt doelen op, en maakt haar verkiezingsbelofte waar. Studenten kunnen alles nalezen in onze flyers”, zegt Reijnen ijverig.
AAG is niet goed voor het onderwijs, en maakt haar beloften niet waar? “Wij staan allebei voor goed onderwijs. Oras gaat veel naar faculteiten en studieverenigingen toe om te horen wat de problemen zijn. We houden ook veel enquêtes onder studenten. Bovendien heeft Oras ervoor gezorgd dat de Owee niet een week naar voren is geplaatst, zoals eigenlijk de bedoeling was. Ik weet niet zo goed wat de visie van AAG precies is. Ze wil goed onderwijs, maar verder is me het niet zo duidelijk.” Reijnen ziet de komende tijd als een ‘leuke campagnestrijd’. “Natuurlijk haal je het onderste uit de kan, maar het wordt een goede, gezonde strijd. Omdat je weet waarvoor je staat, en wat je wilt bereiken: zeven zetels.”
AAG ziet de komende tijd met wat minder plezier tegemoet. “Het wordt een felle concurrentiestrijd”, zegt Dölle. “Helaas. We moeten stemmen halen en zoveel mogelijk opvallen. Sommige mensen doen dan wat vervelend of gaan zeuren over kleine dingen, om te plagen. Ik probeer me niet op die manier te verlagen. Want de rest van het jaar moet je nog als goede vrienden samenwerken.”
Verkiezingskoorts in de TU-wijk. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)
Comments are closed.