Education

Slecht nieuws voor kwart eerstejaars

Een kwart van de studenten heeft deze maand een negatief pre-advies gekregen. Dat betekent nog niet dat ze hun studie moeten staken. De faculteiten adviseren hen wel dringend langs een studieadviseur te gaan.

42 Procent van de eerstejaars kreeg deze maand een positief pre-advies, bij 27 procent is er nog twijfel. Paul Rullmann van het college van bestuur verwacht dat van de twijfelgevallen het overgrote deel uiteindelijk een positief advies zal krijgen, zodat het totaal op 65 procent uitkomt. Dat is het percentage studenten dat de afgelopen jaren de studie succesvol heeft afgerond.
Het pre-advies is een voorloper van het bindend studieadvies dat eind september op de mat valt. In december 2009 kregen de eerstejaars al een eerste indicatie, gebaseerd op de resultaten van de eerste onderwijsperiode. Toen kreeg ook een kwart van de studenten een negatief advies, bij een kwart heerste twijfel en de helft van de studenten kreeg een positief advies.
Sindsdien heeft zes procent van de eerstejaars zich uitgeschreven. Dat percentage lijkt op dat van vorig jaar rond deze tijd, toen er nog geen bindend studieadvies was. Paul Rullmann had dit jaar een groter aantal afzwaaiers verwacht. “Dat betekent dat studenten denken: ik ga het nog wel halen”, zei hij vorige week tegen de studentenraad.

De genoemde percentages zijn gemiddelden. Per faculteit en per opleiding zijn er uiteraard verschillen. Irma Croese van de afdeling onderwijs en studentenzaken wil alleen de uitschieters noemen. Ze vindt het nog te vroeg om alle opleidingen openbaar te maken, omdat nog niet iedereen op de hoogte zou zijn van de laatste cijfers.

In positieve zin vallen de faculteit Industrieel Ontwerpen (meer dan zestig procent positief) en de opleiding life science and technology (zestig procent positief) op. De faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica (EWI) schiet er aan de andere kant uit: 45 procent van de eerstejaars heeft een negatief pre-advies gekregen.

Onderwijsdirecteur Herman Russchenberg van EWI heeft nog geen sluitende verklaring voor dit slechte resultaat. Hij wil eerst uitzoeken wat er aan de hand is, maar wil toch hardop nadenken over factoren die zouden kunnen meespelen. “Voor een deel zou het in de onderwijsvorm kunnen zitten. Andere faculteiten bieden vaak grote projecten voor veel studiepunten. Wij hebben meer kleinere vakken. Projecten worden over het algemeen gemakkelijker gehaald dan vakken.”

Russchenberg verwacht wel dat veel studenten vanaf nu een inhaalslag zullen maken. Overigens vindt hij dat ook de faculteit harder moet werken om het percentage goed presterende studenten op te krikken. “Maar je kunt nog zo je best doen, als studenten zich niet inschrijven voor tentamens of daar niet komen opdagen, dan houdt het op.”
De studentenraad had vorige week vragen over de toestroom van studenten die de studieadviseurs nu te verwerken krijgen. Volgens Irma Croese zijn er tot nu toe echter geen signalen dat zij lange wachtlijsten hebben. “Maar als dat verandert, komt dat vanzelf naar voren.”  

The setting is the era of high fashion. The ramps are being set ablaze by revolutionary designers. Rodrigo Otazu had forever changed the way we would perceive jewelry. People are looking to create a new fashion statement, make their own personal style. To feed this market, jewel shops were opening up all over the country. Design shops, where you’re the designer and the craftsman. Every piece of jewelry made was unique, un-reproduced and wonderfully reflective of the creator’s personality.
It was one such shop which Aline Quettier took over about three years ago – ‘Beads and Bangles’. Having been to fashion school in Amsterdam and later having taught there, Aline’s passion for creation is palpable, almost right away as you enter her wonderful shop. A small and cosy setting, it’s inspired by the interior style from the 1700s. The shop is filled with a warm, sweet scent and a sense of comfort pervades. A colour coding scheme makes deliciously bright splashes of shiny beads. The walls are lined with shelves backed by pink squares. Some shelves hold pots of silver beads. Others display Aline’s designer bracelets, necklaces, and chains. But the scene is dominated by table upon table of glittering beads, beads in every imaginable shape, size and texture. Shimmering red ones, sparkly blue ones, burnished brass ones, gleaming white ones, big, bold silver ones! It feels like a candy shop! Aline goes bead shopping during all her travels. The shop has beads from Morroco, the Far East, Afghanistan, Italy, and, of course, the quintessential beads in Delft Blauw. What Aline’s ‘Beads and Bangles’ store does is essentially designer jewelry. Aline and her assistants make their own brand of chic jewelry by hand. Apart from this unique brand of Quettier jewelry, the shop also holds two other designers’ brands. Parisian designer, Phillipe Audibert’s creations need no introduction. Fiva is a Dutch brand of jewelry also stocked at ‘Beads and Bangles’.
Aline regularly conducts workshops where she teaches people how to make their own jewelry. With this article, comes a coupon for a free workshop; you only just have to pay for the beads. The workshop at ‘Beads and Bangles’ sees women coming in for group activities, just to bond with each other. They make trinkets for themselves, gifts for their moms and friends. What could be more relaxing than an afternoon spent with friends, sipping tea, playing with pretty beads and designing cute bracelets?
Aline conducts workshops for small groups and large groups. Companies organizing fun activities for female employees often hire her. It’s interesting that not only women, but men also love participating in her workshops; apparently to make gifts for their girlfriends and wives. Girls love handmade gifts, which is not exactly the best kept secret in the world.
Aline also gives more intensive jewelry making courses. These require signing up well in advance. Her shop also has another branch, designed around children. Here, activities are organized for children; the beads are cheaper and suited to kids’ tastes.

42 Procent van de eerstejaars kreeg deze maand een positief pre-advies, bij 27 procent is er nog twijfel. Paul Rullmann van het college van bestuur verwacht dat van de twijfelgevallen het overgrote deel uiteindelijk een positief advies zal krijgen, zodat het totaal op 65 procent uitkomt. Dat is het percentage studenten dat de afgelopen jaren de studie succesvol heeft afgerond.
Het pre-advies is een voorloper van het bindend studieadvies dat eind september op de mat valt. In december 2009 kregen de eerstejaars al een eerste indicatie, gebaseerd op de resultaten van de eerste onderwijsperiode. Toen kreeg ook een kwart van de studenten een negatief advies, bij een kwart heerste twijfel en de helft van de studenten kreeg een positief advies.
Sindsdien heeft zes procent van de eerstejaars zich uitgeschreven. Dat percentage lijkt op dat van vorig jaar rond deze tijd, toen er nog geen bindend studieadvies was. Paul Rullmann had dit jaar een groter aantal afzwaaiers verwacht. “Dat betekent dat studenten denken: ik ga het nog wel halen”, zei hij vorige week tegen de studentenraad.

De genoemde percentages zijn gemiddelden. Per faculteit en per opleiding zijn er uiteraard verschillen. Irma Croese van de afdeling onderwijs en studentenzaken wil alleen de uitschieters noemen. Ze vindt het nog te vroeg om alle opleidingen openbaar te maken, omdat nog niet iedereen op de hoogte zou zijn van de laatste cijfers.

In positieve zin vallen de faculteit Industrieel Ontwerpen (meer dan zestig procent positief) en de opleiding life science and technology (zestig procent positief) op. De faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica (EWI) schiet er aan de andere kant uit: 45 procent van de eerstejaars heeft een negatief pre-advies gekregen.

Onderwijsdirecteur Herman Russchenberg van EWI heeft nog geen sluitende verklaring voor dit slechte resultaat. Hij wil eerst uitzoeken wat er aan de hand is, maar wil toch hardop nadenken over factoren die zouden kunnen meespelen. “Voor een deel zou het in de onderwijsvorm kunnen zitten. Andere faculteiten bieden vaak grote projecten voor veel studiepunten. Wij hebben meer kleinere vakken. Projecten worden over het algemeen gemakkelijker gehaald dan vakken.”

Russchenberg verwacht wel dat veel studenten vanaf nu een inhaalslag zullen maken. Overigens vindt hij dat ook de faculteit harder moet werken om het percentage goed presterende studenten op te krikken. “Maar je kunt nog zo je best doen, als studenten zich niet inschrijven voor tentamens of daar niet komen opdagen, dan houdt het op.”
De studentenraad had vorige week vragen over de toestroom van studenten die de studieadviseurs nu te verwerken krijgt. Volgens Irma Croese zijn er tot nu toe echter geen signalen dat zij lange wachtlijsten hebben. “Maar als dat verandert, komt dat vanzelf naar voren.”

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.